Raw water, dat recht van de bron de fles in ging, het was een paar jaar geleden een trend bij rijke mooie mensen in de VS. Moest goed voor je zijn, toch? Want de nuttige mineralen werden er niet uitgefilterd. Flauwekul natuurlijk, ongefilterd water bevat ook schadelijke bestanddelen en bijvoorbeeld sporen van dierlijke uitwerpselen, met pakweg dysenterie als gevolg. Maar de aanhangers werden verblind door het 'puur natuur'-idee, iets wat perfect past in een trend die de laatste decennia duidelijk werd. Basisidee: natuur is goed, scheikunde slecht.
...

Raw water, dat recht van de bron de fles in ging, het was een paar jaar geleden een trend bij rijke mooie mensen in de VS. Moest goed voor je zijn, toch? Want de nuttige mineralen werden er niet uitgefilterd. Flauwekul natuurlijk, ongefilterd water bevat ook schadelijke bestanddelen en bijvoorbeeld sporen van dierlijke uitwerpselen, met pakweg dysenterie als gevolg. Maar de aanhangers werden verblind door het 'puur natuur'-idee, iets wat perfect past in een trend die de laatste decennia duidelijk werd. Basisidee: natuur is goed, scheikunde slecht. De voedingsindustrie is een mooi voorbeeld. Bio is een betrouwbaar en intussen helemaal ingeburgerd keurmerk, maar wie verder wil gaan, kiest voor raw food, clean food of zelfs de paleotrend. Er zijn vandaag natuurwijnen en -verven, vegan sneakers en meubelen, cleane kaarsen en beautyproducten, organische matrassen en doodskisten. Natuurlijk, zuiver, schoon en aanverwanten zijn anno 2021 verleidelijke labels voor de consument, en niet alleen in de biowinkel. Het natuuretiket werkt ook in de mode, design en beauty-industrie (zie kader), de bouwsector en zelfs de geneeskunde. Goed idee, zou je denken. Niets mis met minder bewerkt voedsel, wijn of verf waar je geen hoofdpijn van krijgt en een beter immuunsysteem dankzij moedermelk. Maar zo eenvoudig is het jammer genoeg niet, schrijft de Amerikaanse professor Alan Levinovitz. In zijn boek Natural legt hij uit dat aan dat etiket vaak een moreel randje zit en dat we te vaak onze ratio uitschakelen in deze discussie. Ons soms blinde geloof in het idee dat wat natuurlijk is inherent beter is, kan leiden tot schadelijke rages en slechte wetenschap. 'De wereld zo indelen is geen goed idee, het probeert een complexe wereld te versimpelen, moedigt dogmatisme aan en zal de fundamentele problemen waar we als mensheid mee geconfronteerd worden niet oplossen, integendeel.' De crux van het verhaal zit hem in hoe we naar de natuur kijken, legt professor emeritus filosofie én bioloog Bernard Feltz van de UCL uit. 'Voor de exacte wetenschappen in de achttiende eeuw aan een opgang begonnen, waren we helemaal niet bezig met 'natuur'. Die was er gewoon. Pas toen we het gingen meten en analyseren, werd het een apart ding, iets wat we moesten overwinnen. Dat beeld bleef bestaan tot in de jaren zestig. Iedereen een auto, telefoon en tv, wetenschap en technologie veranderden ons dagelijks leven drastisch, en het volgende decennium was het label 'gemaakt in een lab' een kwaliteitsmerk. Modern werd synoniem met wetenschappelijk. De jaren zeventig waren een keerpunt. De eerste milieuproblemen werden nu ook door het grote publiek opgemerkt, de natuurlijke rijkdom bleek niet eindeloos en waterkwaliteit en diversiteit van fauna en flora kwamen in de problemen. Het besef kwam dat de natuur niet alleen iets is wat we moeten meten en controleren, maar iets waar we zelf deel van uitmaken. En net omdat we het zo sterk kunnen beïnvloeden, zijn we er ook verantwoordelijk voor.' Volgens Feltz zijn er verschillende manieren waarop wij vandaag de natuur zien. 'Als een wetenschapper die er van een afstand naar kijkt, of als ecologist, die vindt dat de mens centraal staat in de natuur. Er zijn ook ecologistes profondes, die een stap verder gaan, en vinden dat wij geen superieure positie innemen in de natuur. Ecologisten hebben respect voor de natuur, diepgaande ecologisten gaan verder en bewonderen of aanbidden de natuur. Het verschil tussen die twee is een beetje als het verschil tussen mensen die voor bioproducten kiezen, en mensen die een vegan levensstijl hebben. Ten slotte is er ook een ietwat ambigue manier van naar de natuur kijken. Sinds de jaren tachtig kreeg het idee van altijd maar verdergaande vooruitgang een deuk. Almaar meer mensen zijn beter opgeleid en geïnformeerd, en twijfel sluipt binnen. We zien excessen, bijvoorbeeld in de landbouw en de industrie, we merken dat de medische wetenschap ons ziet als mechanische wezens en niet als mensen en we zien de uitwassen van de farma-industrie. 'Terug naar de natuur' wordt dan een soort protestactie. De natuur, die kunnen we vertrouwen, en door voor haar te kiezen, willen we uitwassen aanklagen en aanpakken.' Herman Konings, veranderingspsycholoog en trendwatcher, ziet nog een reden waarom natuur zo'n sexy label is. Wat schaars wordt, wint aan waarde, vertelt hij. 'We hebben de indruk dat we in een steeds rationelere wereld leven en hebben soms behoefte aan tegendruk. We willen af en toe ontsnappen, terug naar het emotionele, en de natuur is een perfect antidotum voor al die ratio.' Het is niet onlogisch dat natuur-als-etiket verleidelijk is, vindt Feltz, maar we moeten alert zijn. 'Zwart-witdenken is altijd gevaarlijk. Labels, controle en wetenschap zijn daarom belangrijk. Er zijn veel initiatieven en bedrijven die het label 'natuurlijk' ernstig nemen, maar er zijn er ook die het idee oppikken omdat er anders een deel van de markt aan hen voorbijgaat. Daar moeten we voor opletten.' Authenticiteit is in dezen cruciaal, stelt Konings. 'Het label natuur kan je een streepje voor geven bij de consument, maar alleen als het waarheidsgetrouw en authentiek is. Klanten kennen vandaag het klappen van de marketingzweep, ze zijn kritischer dan ooit en dat houdt bedrijven wakker.' Hij ziet de populariteit van het natuurlabel in de toekomst zeker niet verdwijnen. 'Het zal ook in verrassende sectoren opduiken. De banksector probeert nu te scoren met ESG-fondsen, of beleggingsfondsen die duurzaamheid, ecologie, solidariteit en goed beleid als criterium gebruiken. In de auto-industrie zal de elektrische wagen stevig aan belang winnen, en ook in het toerisme wordt natuur een belangrijke factor. Van een belevingseconomie, waarbij alles draait om de ervaring die je opdoet, evolueren we naar een resonantiecultuur, waarbij producten en ervaringen het liefst zonder filter binnenkomen en ons raken. 80% van de toeristen reisde tot voor kort naar amper twintig regio's: Venetië, Barcelona, Thailand... Dat gaat veranderen, in de toekomst willen we liever het noorderlicht zien, ergens in het Hoge Noorden. Ook in stedenbouw zien we een verschuiving naar groen en natuur. Kijk maar naar de plannen van burgemeester Hildago, die van Parijs een groene wandelstad wil maken.' We moeten niet alleen opletten voor greenwashers en andere charlatans, schrijft Levinovitz, maar ook beseffen dat natuurlijk en onnatuurlijk niet zo duidelijk afgelijnd zijn als we denken. We vinden genetisch gemanipuleerde groenten verdacht, maar eten met plezier oranje wortels. Terwijl wortels van oorsprong alle kleuren tussen geel en dieppaars hadden, en nu oranje zijn omdat ze in de zeventiende eeuw zo veredeld werden. 'Wat betekent 'natuurlijk eten' precies?' schrijft Levinovitz. 'Zouden onze voorouders de groenten herkennen die vandaag op de boerenmarkt liggen? Waarschijnlijk niet. Michael Pollan pleitte er in zijn bestseller Een pleidooi voor echt eten voor om niets te eten wat je grootmoeder niet als eten zou herkennen. Een nobel idee, maar als we dat de afgelopen eeuwen hadden gedaan, dan kenden we vandaag geen vanille, tomaten of aardappelen. We associëren natuur met goed en heilzaam, maar ze is niet perfect. Ook ziekte, kindersterfte, mutaties en misvormingen zijn immers 'natuurlijk'. (...) Ons huidige idee over natuur is het product van specifieke ideologieën. Natuur is niet statisch, maar een verhaal dat zich op een bepaald moment in de tijd afspeelt.' Het is nooit vrij van mythe, vindt Levinovitz en daarom heeft hij het moeilijk met het binaire idee van natuurlijk versus onnatuurlijk. Scheikunde is niet 'wat er in een lab gebeurt', het is de studie van alle materie, op moleculair en atomisch niveau. En als we de natuur willen beschermen, dan hebben we dichtere steden, anticonceptie en lagere CO2-uitstoot nodig, allemaal bepaald 'onnatuurlijke' dingen. 'Goed eten is voor mij niet alleen zo onbewerkt mogelijk, maar ook transparantie bij het voedingsbedrijf, eerlijke handel, welzijn van de producenten en dieren, culturele traditie, gemak in transport en bereiding en betaalbaarheid.' De vaagheid van natuur is iets waar ook Herman Konings op botst. 'Katoen is ecologisch wegens puur natuur, toch? Maar we vergeten weleens dat er voor de productie van katoen ontzettend veel water nodig is, zelfs als het bio is. Vaak moet het verder getransporteerd worden, het verslijt sneller dan synthetische stoffen en heeft meer detergent nodig om schoon te raken. In de discussie over wat natuurlijk en ecologisch is, is niets eenvoudig.' Met een biologische shampoo doe je niets of niemand kwaad, maar in een medische context is het 'natuur is goed'-idee gevaarlijker. Denk maar aan de twijfelaars die zo'n coronavaccin toch wat onnatuurlijk vinden. Onlangs maakte professor Depypere zich in dit blad druk over het feit dat veel vrouwen de symptomen van een moeilijke menopauze gewoon verdragen, 'omdat het nu eenmaal de natuur is'. Opvallend, vindt professor huisartsengeneeskunde Dirk Devroey van de VUB. 'Grappig genoeg denken we niet hetzelfde over erectiestoornissen, haaruitval of botontkalking, toch ook 'natuurlijke' fenomenen.' Mensen hebben volgens Devroey inderdaad geen precies idee van wat nu natuurlijk is en wat niet. 'Bij natuurgeneeskunde denken mensen aan fytotherapie of kruidenleer. Of aan homeopathie. Maar dat laatste zijn giftige stoffen die zo sterk verdund worden dat ze alle werking verliezen. En sommige Chinese kruiden zijn ronduit gevaarlijk. Denk maar aan aristolochia, aangeprezen als hulpmiddel om af te vallen, maar ook kankerverwekkend en slecht voor de nieren. Anderzijds bestaat er chemotherapie die op basis van taxus gemaakt wordt en worden hartritmestoornissen behandeld met medicatie waar vingerhoedskruid in zit.' Heeft professor Feltz een punt? Trekken veel patiënten naar naturopaten uit protest, omdat de traditionele geneeskunde hun geen oplossing biedt? Misschien, denkt Devroey. 'Het klopt dat naturopaten meer tijd nemen voor hun patiënten, maar anderzijds kent je huisarts je vaak al vele jaren. En ja, patiënten kiezen vaak voor 'natuurlijke' alternatieven als ze het gevoel hebben dat ze in de klassieke geneeskunde uitbehandeld zijn. Maar niemand is ooit uitbehandeld in mijn ogen, ook niet als je terminale kanker, ALS of MS hebt. We kunnen altijd nog helpen bij symptoombestrijding.' In de gynaecologie is de discussie over natuur vaak heel acuut. 'Ik zie daar vaak twee kampen in. De moeders die natuurlijk willen bevallen, en zij die zo snel mogelijk een spuitje willen. Terwijl er ook een goede tussenweg is. En ja, er gebeuren te vaak keizersnedes, dus de hang naar een natuurlijke bevalling kan daarop een reactie zijn. Maar die ingrepen zijn even vaak echt medisch noodzakelijk en als we de natuur helemaal haar gang laten gaan, zien we ook complicaties. Het is vooral een kwestie van evenwicht.' Maar evenwicht is soms ver weg, zo weet Devroey. 'Neem gezonde voeding. Natuurlijk is een gebalanceerd dieet goed. Maar als we kinderen in het ziekenhuis krijgen die er slecht aan toe zijn omdat hun ouders te extreem veganistisch zijn, dan is er een probleem. Ik zie weleens dat ideeën over gezondheid een soort religie of sekte worden, en te veel is nooit goed.' Trop is te veel, schrijft ook Levinovitz in Natural. 'Natuur werd altijd al geassocieerd met goed en mooi, en onnatuurlijk met slecht. Dat lezen we zelfs in Shakespeare, die onnatuurlijk als belediging gebruikt.' Dat morele kantje geeft problemen, vindt Levinovitz. 'Je bent geen betere moeder als je je kind op de wereld zet zonder ruggenprik, of als je borstvoeding geeft. Je bent geen beter mens als je vegetariër bent, biologische deo gebruikt of niet in de rij staat voor Primark.' Goop, de website van Gwyneth Paltrow, die een natuurlijke heiligheid uitstraalt, noemt Levinovitz ronduit pijnlijk. 'Alles is artisanaal, eco, groen, detox, clean en natuurlijk, ze positioneert zich tegenover de onnatuurlijke, 'vuile' status quo. Alles is ook duur, want echte natuur vind je niet op de massamarkt. Natuurlijk leven wordt zo een privilege voor wie het kan betalen.' Consecrated consumption, of gezegende consumptie, zo noemt Levinovitz het.Een goede toekomst voor de mensheid en de natuur om ons heen moet volgens Levinovitz gebouwd zijn op dialoog en wetenschappelijk bewijs, niet op taboes en fanatisme. 'Het is niet omdat de natuur waarde heeft dat we er altijd 'één' mee moeten zijn, en onszelf schuldig moeten voelen als we dat niet zijn. Er zijn geen absolute zekerheden, en we zijn vandaag allemaal weleens filosofisch in de war. Dat is prima. Bijna alles in deze wereld bevindt zich op een spectrum tussen natuurlijk en onnatuurlijk. We moeten van strikt binaire ideeën af, en met open vizier kijken naar wat gewoon een goed idee is en wat niet.'