Annette Sloth leeft in een woning van Willy Van Der Meeren in Tervuren. Nee, niet in de Vierwindenbinnenhof, zijn beroemde woonerf met prefabwoningen uit 1955. Wel vlak daarbij, in een minder opvallend 70's appartementsblok dat de Belgische architect voor zijn schoonvader tekende. 'Deze verdieping was Willy's atelier. Hierboven woonde zijn schoonmoeder', vertelt de Deense keramiekhandelaar, die in Brussel Puls Gallery oprichtte. 'De deuren en plafonds zijn nog origineel. De vloer recupereerde Van Der Meeren uit een kerk in Brugge die gesloopt werd. De keuken of de maatwerkkasten waren er helaas niet meer, toen ik de flat vier jaar geleden toevallig vond. Er woonde een truckchauffeur, die helemaal niet wist dat dit een ontwerp van een bekende architect en productontwerper was.'
...

Annette Sloth leeft in een woning van Willy Van Der Meeren in Tervuren. Nee, niet in de Vierwindenbinnenhof, zijn beroemde woonerf met prefabwoningen uit 1955. Wel vlak daarbij, in een minder opvallend 70's appartementsblok dat de Belgische architect voor zijn schoonvader tekende. 'Deze verdieping was Willy's atelier. Hierboven woonde zijn schoonmoeder', vertelt de Deense keramiekhandelaar, die in Brussel Puls Gallery oprichtte. 'De deuren en plafonds zijn nog origineel. De vloer recupereerde Van Der Meeren uit een kerk in Brugge die gesloopt werd. De keuken of de maatwerkkasten waren er helaas niet meer, toen ik de flat vier jaar geleden toevallig vond. Er woonde een truckchauffeur, die helemaal niet wist dat dit een ontwerp van een bekende architect en productontwerper was.' Annette richtte haar vintage appartement navenant in. Noblesse oblige: met Scandinavische designklassiekers, zoals de retro Bang & Olufsen hifi-installatie en de eetkamerstoelen van Yngve Ekström, gekocht via de al even Deense designhandelaar Sisse Bro in Brussel. De leefruimte kleedde ze aan met een buffetkast van Alfred Hendrickx, die ze gelukkig nog voor een prijsje op de kop kon tikken. Het doorleefde interieur blijkt de perfecte sokkel voor Annettes collectie hedendaagse keramiek, waarmee ze zich graag omringt. 'Al combineer ik die stukken even graag met minder serieuze objecten', zegt ze. 'Zoals mijn opgezette krokodil, gevonden bij La Meute in Elsene.' Annette Sloth woont er nu vier jaar. Maar de Deense vertoeft al sinds 1998 in de hoofdstad. In 2000 opende ze er Puls Gallery, een galerie voor hedendaagse keramiek, aan het Kasteleinsplein in Elsene. In 2012 verhuisde ze naar de Edelknaapstraat, pal om de hoek. Nog tot 30 oktober viert ze daar de eenentwintigste verjaardag van Puls met een groepstentoonstelling. Daarin geeft ze zowel haar gevestigde keramisten als jonge wolven een podium. 'Eenentwintig is misschien een raar getal. Maar de twintigste verjaardag viel tijdens de pandemie, dus schoof ik de expo met een jaartje op', lacht ze. Dat ze in Brussel belandde, was een kettingreactie van toevalligheden. Sloth groeide op in Kopenhagen, waar ze op haar zeventiende al met keramiek bezig was. In plaats van meteen een kunstopleiding te volgen, maakte ze eerst een wereldreis. 'Dat klinkt misschien vreemd. Maar het is iets wat veel Denen van mijn generatie deden: eerst de wereld rondtoeren en onderweg wat bijklussen om geld te verdienen. En dan terugkomen om een 'echte' job te vinden.' Annette trok rond in het Verre Oosten en woonde ook een tijdje in Londen. Pas daarna schreef ze zich in aan de kunstacademie van Kopenhagen. 'Met vijf studiegenoten startten we na de opleiding een werkplaats in een oud industrieel pand, waar we samen met keramisten konden werken, feesten en tentoonstellen.' 'Toen mijn eerste vriendin naar Parijs verhuisde, ben ik haar gevolgd. We woonden samen op een appartementje van 35 vierkante meter in Montmartre. Het was een zalige tijd. Ik pikte lessen mee aan de Académie des Beaux-Arts. Maar ik werkte ook in een restaurant op Montmartre waar heel veel artistiek volk over de vloer kwam. Geen toeristen, wel de creatieve en queer scene van die wijk.' In 1998 verhuisde Annettes toenmalige vriendin, deze keer naar Brussel, en Annette volgde opnieuw. 'Aan La Cambre volgde ik twee jaar een keramiekopleiding. Ik was er natuurlijk met voorsprong de oudste van de klas. Omdat ik al behoorlijk wat knowhow had, was ik in het atelier soms meer het aanspreekpunt dan de docent. Toen we afzwaaiden, wilde ik in Brussel een keramiekwerkplaats starten, zoals die in Kopenhagen. Maar dat idee muteerde tot een soloproject: een galerie.' Sloth doceerde drie jaar keramiek aan La Cambre en was best succesvol met haar eigen vrije werk. Maar het galeriewerk bleek niet verenigbaar met haar keramistenbestaan. 'Het parcours dat ik tot dan toe gelopen had kwam me wel goed van pas. Door mijn technische bagage en internationale netwerk kon ik heel snel keramisten overtuigen om samen te werken met Puls Gallery. Je moet weten: in Brussel waren er in 2000 helemaal geen galeries voor keramiek. In Kopenhagen wel. Er was hier ruimte om de artiesten te tonen die hier nooit eerder geëxposeerd hadden.' In twintig jaar - eenentwintig jaar, pardon - is de hype voor hedendaagse kunst aangezwengeld. Verzamelen is hip en dat merk je aan de prijzen. Hoewel veel kunstenaars nu ook met keramiek experimenteren, ontsnapte hedendaagse keramiek grotendeels aan die prijshausse. Cru gesteld: met 2000 euro kun je nauwelijks nog een schilderij of sculptuur betalen van een beeldend kunstenaar met talent. Maar met dat bedrag koop je wel een uniek werk van een belangrijke keramiekkunstenaar met wereldfaam, zoals Aneta Regel. Of van een toptalent dat vernieuwend werk maakt, zoals Johannes Nagel. 'Wie keramiek verzamelt, krijgt heel veel waar voor zijn geld', zegt Annette Sloth. 'En het voordeel is: je kunt goed met keramiek leven. Het mengt gemakkelijk in een interieur. Als je schilderijen of sculpturen verzamelt, hangt het veel sneller te vol.'