De woning die Léon Stynen bijna zijn hele leven lang heeft bewoond, in de Antwerpse Tentoonstellingswijk, staat er vrijwel onaangeroerd bij. De vroegere bewoners, onder wie schrijver Willem van Zadelhoff, en de huidige waken over zijn erfgoed. 'Denk nu vooral niet dat je hier een museumwoning betreedt', legt jurist Paul Clerinx uit, die het pand samen met zijn echtgenote, musicologe Magda De Meester, en hun kinderen betrekt. Natuurlijk is bijna alles van het authentieke interieur bewaard. 'Léon Stynen was zijn tijd zo ver vooruit dat we dit niet als een historisch gebouw ervaren, maar gewoon als een zeer functionele en eigentijdse woning', zegt Magda De Meester. 'Het lijkt een recente creatie.' Wat het huis zo bijzonder maakt? Terwijl de meesten in de jaren dertig voor traditionele en vrij duistere rijhuizen kozen, brengt Stynen hier een ode aan het licht.

Léon Stynen hield van wandschilderingen, zoals in de hal. © Jan Verlinde

Léon Stynen woonde boven in een soort appartement met beneden het ontwerpbureau en de ontvangstruimte. De eerste verdieping bereik je via een elegante wenteltrap in een enorme leefruimte vol optimistisch licht. Met het oog op grote ramen en een open ruimte gebruikte hij een lichte staalconstructie die zware steunmuren overbodig maakte. De bandramen rondom - van hout en perfect bewaard - zag hij bij Le Corbusier. Naast de living ligt een dakterras, waardoor Paul en Magda in de zomer halftijds buiten leven. Bijna alle originele details bleven bewaard, van de met gele travertijn beklede wandkast tot de dwars geplaatste verwarmingsradiatoren aan de ramen, die aparte zithoekjes toelaten.

De verflaag van de wandkast werd er weer afgehaald. © Jan Verlinde

Zelfs de kleuren van de wanden zijn origineel. Ook daarvoor gebruikte Stynen de kleurenkaart van Le Corbusier. Hij hield van kleurvlakken en wandschilderingen, zoals de muurschildering van kunstschilder René Guiette in de hal. 'Zijn interieur evolueerde ook in de tijd, ' legt Magda uit, 'in de jaren vijftig heeft hij het geactualiseerd door onder meer een nieuwe trap te plaatsen en de wandkast in het bureau wit te laten schilderen. Wij hebben die verflaag er weer afgehaald om de kast in haar originele glorie te laten schitteren.'

Via de elegante wenteltrap bereik je de leefruimte. © Jan Verlinde

De cirkel is rond

Ook de huidige bewoners maken deze woning bijzonder. 'Stynen speelde altijd al een bijzondere rol in ons leven, waardoor het misschien niet vreemd is dat we hier zijn terechtgekomen', vertelt Paul Clerinx. Wie door het oeuvre van Stynen bladert, merkt al snel dat de architect verscheidene woningen ontwierp voor de familie Clerinx. 'Stynen bouwde al een villa voor mijn grootouders en zijn kompaan Paul De Meyer tekende voor mijn ouders een hedendaags landhuis. Ik groeide dus bij wijze van spreken op in zijn oeuvre', legt Paul uit.

De woning werd getekend in 1932, maar bleef verrassend actueel. © Jan Verlinde

Toen Magda en hij tien jaar geleden de kans kregen om het originele woonhuis te kopen, aarzelden ze geen moment. 'We leken wel voorbestemd, want de meubelen die je hier ziet, meestal ontworpen door de designers van Knoll, zoals Bertoia en Saarinen, en vervaardigd door Kunstwerkstede De Coene uit Kortrijk, hadden we toen al. Inclusief de stoeltjes van Stynen zelf die nu door Bulo opnieuw worden geproduceerd. Het waren de meubelen die in de jaren vijftig werden vervaardigd voor de woning van de grootouders van Paul. Ze belandden ooit op zolder, maar we hebben ze kunnen recupereren en opfrissen', aldus Magda. Nu staan ze weer te schitteren in het woonhuis van de meester zelf.

Musicologe Magda De Meester en jurist Paul Clerinx. © Jan Verlinde