Denk nu niet dat het een soort pastiche is, geïnspireerd op de iconische villa Fallingwater die Frank Lloyd Wright boven op een snelstromende beek bouwde. Toen architect Marc Dessauvage dit boshuis in 1972 voor zichzelf optrok, heeft hij daar zeker aan gedacht, maar toch is zijn creatie origineel. Vierkante modules zijn in elkaar geschoven, in kruisvorm. De hoeken van de vierkanten zijn uitgebroken en vervangen door grote ramen.
...

Denk nu niet dat het een soort pastiche is, geïnspireerd op de iconische villa Fallingwater die Frank Lloyd Wright boven op een snelstromende beek bouwde. Toen architect Marc Dessauvage dit boshuis in 1972 voor zichzelf optrok, heeft hij daar zeker aan gedacht, maar toch is zijn creatie origineel. Vierkante modules zijn in elkaar geschoven, in kruisvorm. De hoeken van de vierkanten zijn uitgebroken en vervangen door grote ramen. Het gaat om een vergeten monument, want het huis stond bijna tien jaar leeg. "Het werd stilaan door het bos overwoekerd", legt antiquair Thomas Serruys uit. Samen met zijn vriendin Katharina Smalle kocht en herstelde hij het curiosum. Het staat in geen enkel naslagwerk over naoorlogse architectuur en kreeg nooit de aandacht die het verdiende. Het is uniek qua stijl en ligging. Doordat het nooit werd verbouwd, is het nog heel authentiek. "Het pand stamt dus uit de jaren zeventig en heeft nog de stijl van de betonarchitectuur uit de jaren zestig, die aanleunt bij de grote stroming van het brutalisme", zegt Katharina, die werkt in het architectuurbureau van haar vader, Que Mas, in Oostende. Ze groeide op in een soortgelijk huis en is helemaal weg van deze ruwe architectuur, die in ons land vrij onbekend is en ondergewaardeerd wordt. Toch valt er ook in België best wat te ontdekken aan brutalistische betonarchitectuur. We denken dan niet alleen aan het oeuvre van Juliaan Lampens, maar ook aan architecten als Paul Felix, Jan Tanghe en Alfons Hoppenbrouwers, die onder invloed van Le Corbusier kozen voor een strakke betonstijl. Reken daar ook nog de invloed bij van het Braziliaanse brutalisme, met tenoren als Paulo Mendes da Rocha en Oscar Niemeyer, en je komt terecht in het universum van de architect die deze woning voor zichzelf ontwierp. Marc Dessauvage bouwde trouwens ook scholen en kloosters in dezelfde strenge en monumentale stijl. Zijn eigen huis, waar hij amper vier jaar heeft gewoond voor hij een vrij tragische dood stierf, staat dus in een moerasbos vol bronnen en werd boven op een beek gebouwd. "Op pijlers, het water blijft er dus onderdoor stromen, in de winter staat alles hier blank, tot aan de voordeur. Zo'n constructie was geen sinecure, want het gebouw werd zo voorzichtig mogelijk opgetrokken om de natuur rondom niet te beschadigen", weet Thomas Serruys. Ook Thomas heeft een band met architectuur en design uit de jaren zestig en zeventig. Hij begon al heel jong als designantiquair in de garage van zijn ouders. Nu biedt hij zijn collectie aan in een oud pand in het centrum van Brugge. Ondertussen ontwikkelt hij ook eigen creaties, vooral tafels van brons en ijzer. Het gaat steeds om unieke stukken van artisanale makelij. Zijn grote voorbeelden zijn Diego Giacometti, Jean Royère, Ado Chale en Christian Krekels. Ook hij wordt dus door dit bijzondere huis geïnspireerd. "Zo'n pand doet je nadenken over wat originaliteit kan betekenen", vertelt hij. Klassieke huizen hebben voorspelbare grondplannen. Hier is alles anders, van de wijze waarop de woonruimten rond de centrale trap werden gedrapeerd tot de veelheid aan vensters die overal opduiken. "Die geven je fragmentair een totaalbeeld van het bos en van het licht dat constant verandert. Het is alsof je een filmrol doorloopt. Bovendien beweegt alles onophoudelijk. Het licht, de wind en het weer zorgen voor bijzondere dynamiek. Dat maakt je leven in een dergelijk gebouw zo anders", aldus Thomas. Het gebouw is als monument beschermd. "Daardoor dien je ook de authenticiteit van het interieur te bewaren", legt Thomas uit. "Onder de potentiële kopers waren er mensen die het interieur en exterieur wilden aanpassen. Ze wilden bijvoorbeeld de muren pleisteren of op zijn minst wit schilderen, maar dat kan dus niet. Het pand stond trouwens al een tijd te koop en precies doordat het er nogal vervallen uitzag - de bomen groeiden bijna binnen en het zag er ook uit als een spookhuis - toonden toch maar weinig mensen echt belangstelling." Uiteindelijk hebben Katharina en Thomas het met zachte hand hersteld zonder iets van de binnenstructuur of afwerking te wijzigen. De vochtproblemen werden opgelost, de ramen vervangen en er kwam vloerverwarming. Na het vrijmaken van de tuin kwamen de originele terrassen aan het licht en werd ook het interieur een stuk klaarder. Thomas en Katharina zijn verwoede verzamelaars, wat je ook merkt aan het rijkgestoffeerde interieur vol trouvailles en eigen creaties. De combinatie van de betonarchitectuur met hun eclectische verzameling maakt er opnieuw een kunstenaarswoning van.