Tessa Borrenberghs startte haar moderne luxemerk in 2020, middenin de pandemie. Onafhankelijk van de seizoenen lanceert ze haar collecties, die ze voorlopig nog helemaal zelf produceert in haar ouderlijke huis.
...

Tessa Borrenberghs startte haar moderne luxemerk in 2020, middenin de pandemie. Onafhankelijk van de seizoenen lanceert ze haar collecties, die ze voorlopig nog helemaal zelf produceert in haar ouderlijke huis. DE START'Ik heb mijn modemerk een beetje per ongeluk opgestart,' klinkt het bij de jonge ontwerpster. 'Toen ik begin 2020 afstudeerde dacht ik een maand vrij te nemen, de feestdagen te vieren en daarna naar een job te zoeken zodat ik kon sparen om mijn eigen modelabel te financieren. Het is anders gelopen. In maart werd de lockdown afgekondigd en werd een job vinden plots heel wat moeilijker. Mensen vroegen me vervolgens om mondmaskers te naaien. Ik heb er zo'n zeshonderd gemaakt en ben een eigen bedrijf gestart. Toen heb ik beslist om een sprong in het diepe te wagen en mijn merk zonder spaargeld te beginnen.'De voorbereidingsfase nam enkele maanden in beslag en op 18 september was het zover: het merk 'Tessa Borrenberghs' was geboren. Een opleiding tot modeontwerpster had Tessa niet op zak, maar een Master in product design bleek ook de juiste achtergrond voor haar label. 'Mijn ouders raadden me aan om geen modeopleiding te volgen en ik ben uiteindelijk blij dat ze me in een iets bredere richting hebben gestuurd. Mijn opleiding tot product designer plus dertien jaar ervaring met naaien en een stage in Kopenhagen gaven me alle puzzelstukjes die ik nodig had om mijn droom waar te maken.' DEENSE DUURZAAMHEID Het was tijdens haar stage in Denemarken bij het duurzame lingeriemerk Underprotection dat Tessa leerde dat de modesector ook een hele lelijke kant heeft. 'De productieketens van heel wat merken zijn enorm vervuilend en onethisch. Bij Underprotection werd ik ondergedompeld in de wereld van de duurzame mode en ontdekte ik hoe het anders kan. Ik leerde er dat slow fashion de juiste aanpak is. Deze ervaring heeft me enorm geïnspireerd. Ik wilde absoluut geen deel uitmaken van de stinkende kant van de industrie.' De seizoenen volgt ze daarom ook niet. 'Ik wil geen dertig silhouetten per collectie produceren als dat niet nodig is. Meer is niet beter. Als ontwerper ben je geïnspireerd om bepaalde looks te creëren. Het heeft geen zin om er extra stuks uit te persen, gewoon omdat dat zo "hoort" volgens het traditionele modesysteem. Wanneer ik klaar ben met ontwerpen, produceer ik de stuks en zet ik ze op mijn website. Het is niet volgens de conventionele normen, maar het werkt.' STIJL Tessa heeft een heel goed beeld van wat ze wil brengen met haar merk. 'Er zijn al genoeg kledingmerken. Als je niet bereid bent om het anders aan te pakken en uniek te zijn, moet je er niet aan beginnen', vindt ze. 'Voor mij betekent dat: duurzaam, vrouwelijk en fashionable. Het DNA van mijn merk zie ik als een kruising tussen Belgische en Deense invloeden.' Haar creaties balanceren tussen couture en prêt a porter. Ze zijn minimalistisch, maar dankzij speciale technieken en strategisch geplaatste streepjes bloot allesbehalve saai. 'Zo'n stukjes bloot vel hoeven niet meteen seksueel te zijn vind ik. Ze geven gewoon een interessante laag aan een creatie.' GRONDSTOFFEN De productie van de stuks zal in België blijven, ook wanneer het merk groeit. 'Daar wil ik niet op besparen', klinkt het. Maar ook op vlak van stoffen wil Tessa het zo duurzaam mogelijk aanpakken. Starten deed ze met dead stock (reststoffen van andere modemerken), maar intussen heeft ze ook leveranciers gevonden. 'Om mijn CO2-uitstoot en waterverspilling te beperken, doe ik uitgebreid onderzoek naar welke stoffen ik waar moet kopen. Elk land heeft z'n specialiteit en elk klimaat z'n voor- en nadelen. Ik sluit niet graag compromissen, maar soms zal je dus toch wat landsgrenzen moeten doorkruisen om een bepaalde textielsoort te vinden. Kasjmiergeiten kan je nu eenmaal niet houden in België, daar zal je toch echt voor naar Mongolië moeten', licht ze toe. De meeste van haar stoffen haalt ze uit Italië en Spanje. 'Ik heb berekend hoeveel CO2 ik verbruik met mijn creaties en heb omgerekend wat de kost daarvan is. Voorlopig zit ik aan tien euro per jaar, wat dus nog meevalt. Dat bedrag stort ik aan Treecological, die er bomen mee planten.'Naast het opsnorren van de beste stoffen, bestaat een duurzaam modelabel runnen ook uit slim ontwerpen. 'Ik stel mezelf altijd enkele vragen vooraleer ik een stuk produceer. Is de kwaliteit van de bovenste plank? Zal ik dit nog willen dragen over dertig jaar? Is alles zorgvuldig in elkaar gezet? Past het perfect? Dat zijn essentiële vragen. Je kunt het allerbeste, meest duurzame textiel gebruiken en toch niet duurzaam bezig zijn als je ontwerp onmiddellijk gedateerd is', licht de ontwerpster toe. Onderzoeken hoe een bedrijf zo duurzaam mogelijk kan werken vindt Tessa zo interessant dat ze deze dienst ook aanbiedt aan andere merken. 'Ik wil niet enkel inspireren via mijn eigen label, maar ook andere merken helpen omschakelen naar een duurzamer businessmodel. Hoe meer bedrijven die omslag maken, hoe beter.' DANKBAARDankbaarheid is de rode draad door Tessa's verhaal. 'Ik ben zo blij dat ik tijdens mijn stage in Kopenhagen terecht ben gekomen. Dat heeft me heel erg gevormd en me een goede basis gegeven op gebied van duurzame modeproductie. Ik ben intussen een jaar bezig met mijn eigen merk en ik ben zo dankbaar voor hoe het loopt. Mijn klanten zijn fantastisch en ik kan echt m'n zin doen. Het doet me deugd dat er een publiek is voor wat ik maak en dat mensen bereid zijn er een eerlijke prijs voor te betalen.' Voorlopig naait Tessa nog al haar stuks zelf. 'Het is pittig, maar het is echt m'n passie. Ik naai elke dag door tot iemand "stop" zegt,' lacht ze. 'Iedere keer wanneer ik een foto krijg van een klant in een van m'n ontwerpen maak ik een klein vreugdesprongetje. Als ik zie hoe tevreden ze zijn en hoe goed ze ermee staan, voel ik mezelf gloeien van trots en blijdschap.' Te koop via Borrenberghs.com