Mijn leven is twee keer begonnen. De eerste keer bij mijn geboorte in Rwanda, en vervolgens op mijn derde, toen ik als adoptiekind in België aankwam. Daardoor zie ik de meeste dagen toch wel als een cadeau. Ik besef goed dat mijn leven anders had kunnen lopen, dat ik anders had kunnen eindigen, en dat vervult me met een zekere dankbaarheid. Grote verwachtingen leiden tot teleurstelling en dus probeer ik die te vermijden, maar er zijn toch veel momenten waarop ik gewoon gelukkig ben en dat ook uitspreek.

Ik ben lang een kind van een witte wereld gebleven. Mijn denkbeelden, hoe ik me uitdrukte en kleedde: dat was allemaal zo wit als het gezin en de Turnhoutse omgeving waarin ik opgroeide, en zo wilde ik het ook. Ik snapte niet waarom mensen vroegen waar ik "echt" vandaan kwam - zo wit was ik in mijn hoofd. Nu claim ik in mijn dagelijks leven en werk mijn Afrikaanse identiteit terug, maar dat is iets van de laatste jaren. Sindsdien hoef ik niet meer in het witte plaatje te passen en heb ik minder last van de innerlijke onrust die er vroeger wel was: ik ben een zwarte vrouw en daar ben ik trots op.

Willen weten waar je vandaan komt is één ding, klaar zijn voor de waarheid een ander.

Antwoorden zoeken op je vragen vergt moed. Ik heb altijd geweten dat mijn biologische moeder overleden was bij mijn geboorte en dat mijn vader me na een aantal weken afstond aan een weeshuis, maar dat was het ongeveer. Toch heeft het tot mijn dertigste geduurd voor ik het aandurfde om naar Rwanda te gaan en daar mijn broers en zussen terug te vinden. Willen weten waar je vandaan komt is één ding, klaar zijn voor de waarheid een ander.

Niets is zo helend als iemand die je begrijpt. Mijn adoptie via de organisatie Zonder Grenzen is goed verlopen, maar mettertijd ontdekte ik dat het anderen minder goed was vergaan bij die adoptiedienst. Rwandese kinderen die zonder voorafgaande studie naar België gehaald werden, adoptieouders die niet eens gescreend werden en geen of valse informatie kregen over de lichamelijke en psychische gezondheid van de kinderen, een totaal gebrek aan begeleiding en nazorg: niets liep daar zoals het hoorde. In 1994 trok Kind en Gezin de erkenning in, maar toen was het kwaad geschied. Depressies, jeugddelinquentie, gebroken gezinnen, zelfdoding: honderden levens zijn door Zonder Grenzen verwoest. Daar niets mee doen was geen optie. Samenkomen met lotgenoten doet de betrokken adoptiekinderen goed en mijn parcours liet me toe om dat te organiseren - dan doe ik dat ook.

bij kinderen kan ik de meest gekke, rare persoon zijn die ik wil zonder op te vallen.

Als kind kwam ik niet goed uit mijn woorden. Daarom koos ik ook voor een theateropleiding aan Studio Herman Teirlinck in Antwerpen en het Conservatorium in Gent. Daar zal ik me wel leren uitdrukken, dacht ik. Maar de essentie zit voor mij niet in mooi praten of goed articuleren. Waar het op aankomt, is het verhaal van mensen in al zijn rauwheid en eerlijkheid, en dat zoek ik in alles wat ik doe. De theaterproducties met Jaouad bij BeHuman, onze workshops expressie met jongeren en thuislozen, de vzw Rwanda en zoveel meer: dat zijn allemaal verhalen die naar buiten moeten.

Ik schrijf en speel bewust voor kinderen. Dat is mijn natuurlijke biotoop, want bij hen kan ik zelf een kind zijn. Volwassenen fronsen dan de wenkbrauwen, maar bij kinderen kan ik de meest gekke, rare persoon zijn die ik wil zonder op te vallen. Dat kindertheater minder hoog aangeschreven staat dan dat voor volwassenen neem ik erbij. Ik word gedreven door de noodzaak om verhalen over identiteit en diversiteit te vertellen, niet door ambitie of de drang om serieus genomen te worden.

Nyira Hens geeft op 9 februari een persoonlijke rondleiding bij de tentoonstelling Claude, Samuel, Zanele in het Antwerpse Fotomuseum en speelt op 17 februari Boom Toudou in Cinema Rix in Deurne. fomu.be, ccdeurne.be, behumanvzw.be, rwandaenzoveelmeer.com