Wie ernaar zoekt, vindt altijd een lichtpuntje in de duisternis. In 2020 kwamen veel van onze zekerheden op de helling te staan en waren er onwezenlijke dagen met honderden overlijdens, maar ook dan tracht ik te denken dat niets zwart-wit is. De louterende vertraging in de maatschappij en de manier waarop mensen hun eigen buurt en gemeenschap opnieuw ontdekten, het telewerken dat in enkele maanden tijd ingeburgerd raakte: ik let er misschien harder op dan anderen door mijn job, maar aan zulke zaken trek ik me op.
...

Wie ernaar zoekt, vindt altijd een lichtpuntje in de duisternis. In 2020 kwamen veel van onze zekerheden op de helling te staan en waren er onwezenlijke dagen met honderden overlijdens, maar ook dan tracht ik te denken dat niets zwart-wit is. De louterende vertraging in de maatschappij en de manier waarop mensen hun eigen buurt en gemeenschap opnieuw ontdekten, het telewerken dat in enkele maanden tijd ingeburgerd raakte: ik let er misschien harder op dan anderen door mijn job, maar aan zulke zaken trek ik me op. Mijn angst om dingen te missen is groter dan die om te falen. Ik had zes jaar als kinesist gewerkt toen ik alsnog mijn jongensdroom realiseerde en rijkswachtofficier werd. Vervolgens heb ik ook bij de lokale en federale politie altijd voor complexe, uitdagende jobs gekozen. Dat iets de eerste keer niet lukt, is niet zo erg - dan misschien wel de tweede keer. Maar dingen niet gedaan hebben omdat je niet durfde: volgens mij achtervolgt dat je tot op je sterfbed. Voor mij staat of valt alles met de manier waarop je omgaat met anderen. Mijn ouders knoopten ons in de oren dat we respect moesten hebben voor mensen, en nu is dat een maatstaf voor mij. Snauw je je omgeving af, heb je geen respect voor je afspraken met anderen of hun spullen, dan zal het wellicht niet klikken tussen ons. De vraag is niet of ik gestrest ben. Als hoofd van een crisiscentrum géén stress ervaren: dat klinkt voor mij als een huisarts die zich geen zorgen maakt over zijn patiënten. Naast de coronacrisis zijn er nog tal van andere bedreigingen en risicosituaties die voortdurend onze aandacht vragen. Belangrijker is of je de stress verdraagt en of je weet waar je limiet ligt. Het helpt ook als je weet hoe je even van alles loskomt. Zelf doe ik dat 's avonds door een eindje te gaan wandelen met een podcast. Momenteel zit ik in de reeks over Napoleon van Johan Op de Beeck: als ik thuiskom, is het alsof ik terugkeer uit een ander tijdperk. Mensen vergeten soms hoeveel ze zelf in de hand hebben. Zo win je in crisissituaties veel kostbare tijd als je op dat moment weet waar de gas- en wateraansluitingen zitten of wat je vluchtwegen zijn. Voor ons is de burger opnieuw zelfredzaam maken dus een prioriteit. Voorbeelden daarvan zijn de website mijnnoodplan.be en ons lessenpakket voor het basisonderwijs, maar ook onze informatiesessies rond nucleaire incidenten vorig jaar. De grootste fout die je kunt maken, is beangstigende risico's niet benoemen: wat mensen bang maakt, zijn onwetendheid en het gevoel nergens controle over te hebben, niet de informatie en skills die hen weerbaar maken in noodsituaties. Als ik niet kan aangeven dat het even genoeg is geweest, dan doen mijn medewerkers dat evenmin. Ik ben dag en nacht beschikbaar en heb sinds 2017 geen normale vakantie meer gehad, maar als ik voel dat ik een uur offline moet gaan, zeg ik dat ook. Een baas die zich onkwetsbaar opstelt: dat legt het hele team het zwijgen op. Dé Belgische aanpak bestaat niet. Als oprichter van het netwerk van directeuren-generaal van de Europese crisiscentra weet ik dat cultuurverschillen ook doorwerken in crisisbeheer en noodplanning, maar veel landen hebben daar toch een statischer profiel in dan wij: sommige zijn uitgesproken centralistisch en formalistisch, andere helemaal niet. Onze aanpak is veeleer lenig en pragmatisch, in functie van de omstandigheden: het ene moment doen we het zo, het andere doen we het zo. Dat maakt dat ik toch met de nodige nuance naar ons land kijk: we brengen visies en stijlen samen. Dat gaat niet altijd van een leien dakje, maar die mix is ook onze sterkte. Zorg dragen voor elkaar begint met luisteren. Iedereen bij ons moet erop kunnen vertrouwen dat hij of zij geholpen zal worden als het even te veel wordt of als men het privé moeilijk heeft, en dus moet je daar actief oog voor hebben. Ergens terechtkunnen, je verhaal kunnen doen: voor de betrokkenen maakt dat een groot verschil. Ons team analyseert de klok rond alle mogelijke risico's en moet op moeilijke momenten soms het onmogelijke doen: we kunnen het ons niet permitteren om iemand achter te laten.