Geert Zagers
Geert Zagers Journalist bij Knack Focus

Sexy-mini-super-flower-pop-op-cola. Alles ist in Afri-Cola ! Wie dezer dagen een beetje hip is in Berlijn, kiest niet voor Pepsi of Coca, wel voor Afri-Cola, of dat is toch wat ik van mijn laatste trip naar Neukölln onthouden heb. Intrigerend, als u het mij vraagt : Afri-Cola klinkt als een van die obscure b-merken uit de frigo’s van de lokale kebabzaak, en eerlijk : zo smaakt het ook. Een soort Riverachtige limonade met vage colaconnotaties en een medisch onverantwoord hoog cafeïnegehalte. Maar : het wordt in een mooi retroflesje geserveerd. Komt nog bij dat er op YouTube een fantastisch bizarre reclamespot uit 1968 circuleert – zoeken op ‘Afri-Cola’ en ‘Werbung’ – met besnorde naakte Duitsers, hitsige nonnen en suggestieve drinkbewegingen.

In een stad waar headlinende dj’s om negen uur ’s morgens aan hun set beginnen, is het wellicht geen toeval dat zijn inwoners naar de drank met het hoogst aantal milligram cafeïne per liter grijpen. En toch vermoed ik dat vooral dat hilarische sixtiesspotje verklaart waarom een mak smakend namaakmerk met pijnlijk slechte naam kan concurreren met de Coca-Cola Company, of toch onder Berlijnse hipsters. Afri-Cola ademt geschiedenis uit. Het heeft een verhaal. En daarmee sluit het na een halve eeuw wanbeheer weer perfect aan bij hedendaagse marketingtendensen als ‘storytelling’, ‘authenticiteit’ en ‘heritage’, het soort termen dat dezer dagen bij elk bedrijf circuleert. U kunt kiezen voor de gezondste cola, de goedkoopste cola, de minst cafeïne bevattende cola of de bekendste cola, maar u bestelt de cola die er al vijftig jaar hetzelfde uitziet én iets van weerspannigheid en slecht beleid uitstraalt. De wonderlijke grillen van de marketing, zeg maar.

En dat werkt niet alleen voor frisdrank, als ik mijn eigen consumptiegedrag zo overschouw. Ik zit graag in de Lord Byron in Brussel omdat de historie achter het eeuwig gebarsten vitrineraam mijn nieuwsgierigheid wekt. Ik heb steevast een rolletje Kingmuntjes op zak omdat er onder het oubollige logo het al even archaïsche ‘pepermunt’ staat, en het te gemakkelijk scheurende zilverpapier lijkt te suggereren dat het begrip ‘focus group’ nog niet in Oosterhout, Nederland is doorgedrongen. En hoewel ik maraskinokersen in cocktails haat, dweep ik met de Old Fashioned, omdat ie Old Fashioned heet, en in 1880 door Colonel James E. Pepper in het Waldorf-Astoria Hotel geïntroduceerd werd. En toegegeven, omdat Don Draper hem in Mad Men al eens bestelt. In een overvloed aan cafés, mondverfrissers en cocktails zijn het niet zelden de verhalen eromheen die bepalen waar u en ik uiteindelijk naar grijpen.

Toevallig zat ik laatst op de trein naast een jongeman met een 20-centiliterflesje Parasol Orange in de hand. Het flesje zag er nog altijd even lelijk uit als ten tijde van mijn eerste communie, het vale gelige drankje smaakt nog altijd als verwaterde Fanta, en sinds de jaren negentig hebben ze overduidelijk geen enkele moeite gedaan om nog te adverteren. Kortom, de voortekenen zijn overduidelijk : Parasol Orange wacht een stralende toekomst.

Geert Zagers (27) observeert en rapporteert vanuit de twilight zone tussen X en Z.

Geert Zagers

Partner Content