In Waregem of all places staat een villa die het kleine zusje van de Franse Villa Cavrois kan zijn. In dezelfde gele bakstenen, in dezelfde pakketbootstijl, met dezelfde luxeafwerking, was Villa Gaverzicht het meesterwerk van architect Gentiel Van Eeckhoutte. 'In 1939 was de bouw af. Dat jaar overleed ook Gentiels moeder. Eerst woonde hij hier met zijn vader en twee zussen, daarna met zijn vrouw. Samen hadden ze één dochter. Maar die is op haar twintigste overleden in een auto-ongeval', zegt eigenaar Yves Plançon, een Franse vastgoedontwikkelaar die zichzelf 'verzamelaar van huizen' noemt. 'Eigenlijk zocht ik een woning in Brussel. Maar toen ik deze pakketbootvilla geheel toevallig te koop zag staan in een vastgoedmagazine, twijfelde ik niet langer. Het huis stond al drie jaar leeg. En ik voelde me geroepen om het te redden. Een jaar lang heb ik van alles gelezen over de architectuur uit die periode. Pas daarna ben ik aan de restauratie begonnen', vertelt hij. 'Gentiel stierf vroeg, maar zijn vrouw bleef hier wonen tot haar negentigste. Ik kan dat begrijpen: het is een heel aangename plek om te leven. Met al die halfronde vormen, die relingen en dat kostbare maatwerk lijkt het wel een luxeschip.'
...

In Waregem of all places staat een villa die het kleine zusje van de Franse Villa Cavrois kan zijn. In dezelfde gele bakstenen, in dezelfde pakketbootstijl, met dezelfde luxeafwerking, was Villa Gaverzicht het meesterwerk van architect Gentiel Van Eeckhoutte. 'In 1939 was de bouw af. Dat jaar overleed ook Gentiels moeder. Eerst woonde hij hier met zijn vader en twee zussen, daarna met zijn vrouw. Samen hadden ze één dochter. Maar die is op haar twintigste overleden in een auto-ongeval', zegt eigenaar Yves Plançon, een Franse vastgoedontwikkelaar die zichzelf 'verzamelaar van huizen' noemt. 'Eigenlijk zocht ik een woning in Brussel. Maar toen ik deze pakketbootvilla geheel toevallig te koop zag staan in een vastgoedmagazine, twijfelde ik niet langer. Het huis stond al drie jaar leeg. En ik voelde me geroepen om het te redden. Een jaar lang heb ik van alles gelezen over de architectuur uit die periode. Pas daarna ben ik aan de restauratie begonnen', vertelt hij. 'Gentiel stierf vroeg, maar zijn vrouw bleef hier wonen tot haar negentigste. Ik kan dat begrijpen: het is een heel aangename plek om te leven. Met al die halfronde vormen, die relingen en dat kostbare maatwerk lijkt het wel een luxeschip.' Plançon had geluk. Anders dan Mallet-Stevens' Villa Cavrois uit 1932, die een geplunderde ruïne was, was het interieur en exterieur in Waregem bijna intact. Het gevaar voor overrestauratie - zoals bij Villa Cavrois is gebeurd - was nihil. 'Het huis is beschermd sinds 2009. De Cubex-keuken, de tegelvloeren met grafische motieven, de luxueuze badkamer met marbriettegels, de monumentale traphal en de glasramen: zowat alles is bewaard. Mede dankzij de slechte smaak van de nieuwe partner van de weduwe. Want toen ik het kocht, lag over de authentieke vloer nieuwe, affreuze vloerbekleding. Vreselijk behang bedekte de oorspronkelijke verfkleuren op de muur. Sommige deuren waren vervangen door exemplaren in aluminium of pvc, maar ik heb de originele nagemaakt op basis van andere deuren. Weinig was echt verdwenen. En wat ontbrak, kon ik reconstrueren op basis van de originele plannen. Ik denk zelfs dat ik een ingemaakte kast heb laten namaken die Van Eeckhoutte waarschijnlijk nooit heeft gehad.' Ook dát was een gelukje: Plançon beschikt over enorm veel originele ontwerptekeningen en blauwdrukken van Villa Gaverzicht. Ze liggen bewaard in de kelder van het huis, in een map die ook tekeningen bevat van zijn andere realisaties in Zuidwest-Vlaanderen, aan de Belgische kust en aan de Franse Opaalkust. Al bladerend ontdekten we er zelfs plannen voor grafmonumenten, vlasschuren en landbouwwerktuigen die nooit gecatalogeerd of onderzocht zijn. 'In geen enkele van zijn andere ontwerpen trok hij zoveel registers open als hier. Dit huis had, als een van de weinige toen, centrale verwarming en een badkamer', zegt Plançon. Als je Villa Gaverzicht binnenstapt, lijk je wel in een filmdecor beland, perfect voor een Great Gatsby-scenario. In de fenomenale hal start de trapleuning met een groenige, glazen bol, die dient als verlichtingselement. De architectuur klopt nog, maar de decoratie ook. Glaswerk, servies, modernistisch meubilair en kunstwerken: haast alles stamt uit de jaren 20 tot 40. En dat is een verdienste van Plançon, samen met decorateur Rémy Motte. 'Ik heb een enorme verzameling art-decoglas. Sinds mijn twintigste koop ik heel regelmatig kunstobjecten op veilingen. Telkens als ik iets beters zie dat hier mooi zou passen, vervang ik het. Ook van vrienden of buren krijg ik weleens art-decomeubeltjes cadeau. Ze weten dat ik de sfeer van toen hier zo getrouw mogelijk wil creëren.' Gentiel Van Eeckhoutte moet een bemiddeld man geweest zijn. Dat bewijzen de mondaine foto's die de eigenaar terugvond. Hij was nochtans 'maar' de zoon van een timmerman, gespecialiseerd in trappen. In plaats van in de voetsporen van zijn vader te treden, studeerde hij in 1929 af als architect aan het Gentse Sint-Lucas. Dat hij fan was van Le Corbusier, zijn beroemde Franse tijdgenoot, kon hij hier niet onder stoelen of banken steken. Oker, blauw, oranje en groen: Corbu's typische kleurenpalet duikt op in verschillende details in de woning. Zijn typische bandramen, ooit met zicht op de beroemde Waregemse hippodroom, domineren de achtergevels. Op het platte dak stond oorspronkelijk een klein zwembad: zulke recreatiefuncties op het dak zijn Corbusiaans. Zelfs de constructie in gewapend beton, waardoor een vrij plan mogelijk is, gaat terug op principes van de Zwitsers-Franse architect. Ook Plançon doet graag aan Corbu-citeren. Hij legde de geometrische tuinpaden aan als referentie aan die van Villa Savoye. En in Gentiels kantoor ligt een rond brilletje dat op Corbu's neus had kunnen staan. Dat bureau is, na de traphal, de meest sprekende plek van de woning. Trek daar de prachtige maatkasten open, en je ontdekt hoe Van Eeckhoutte zowel zijn prullenbak, vestiaire als plannenopbergsysteem netjes in de wand inbouwde. Maar in het voormalige kantoor gaat vrijwel alle aandacht naar het overhoekse glasraam. 'Wat het precies voorstelt, is me vooralsnog een raadsel', zegt Plançon. 'Van Eeckhoutte verwerkte er abstracte details uit zijn woning in, onder meer de bank en de schouw. Maar ik zie ook driehoeken, passers en kathedralen: elementen die erop kunnen wijzen dat hij een vrijmetselaar was.' De Franse eigenaar bekostigde de restauratie zelf, zonder subsidies. Behalve waterlekken waren er geen echt structurele problemen op te lossen. Het lastigste was nog om de originele materialen terug te vinden waarmee Van Eeckhoutte indertijd zijn woning luxueus had afgewerkt. 'Bakelieten schakelaars kun je nog vinden, zowel in zwart als rood. Maar voor de tegels van marbrietglas, een Belgisch product van de Verreries de Fauquez, vind ik nauwelijks vervangmateriaal', zegt hij. 'In de keuken zijn er een paar bleekgele gebroken. En ze zijn haast niet meer te vinden. In de groene badkamer boven heb ik ze gelukkig kunnen lijmen. Herken je die trouwens nergens van?' Dat mintgroene bad in die halfronde nis komt ons inderdaad bekend voor. Arbeid Adelt, de band rond presentator Marcel Vanthilt, shootte er in 1983 de cover van hun album Jonge helden. 'Vorig jaar is hij opnieuw naar de villa gekomen voor een concert. Is dat niet cool?', zegt hij. Dat Marcel op de hoes een Corbu-brilletje draagt, zal wel geen toeval zijn, zeker?