'De smeltkroes aan culturen, het gemak om er projecten uit de grond te stampen, de bruisende energie, maar ook die zee aan kansen om met andere gelijkgestemden te kunnen samenwerken', geeft Victoria Bartlett als redenen waarom ze midden jaren tachtig Engeland inruilde voor New York. 'De stad werkte toen als een onweerstaanbare magneet op mij en zoveel andere Britse creatives.' Na haar studie aan het London College of Fashion en een eerste job als assistente van couturier Rhavis of London belandde Bartlett in de mediawereld. Ze mocht zichzelf fashion editor noemen bij Vogue, Interview, ID en Numéro en werkte samen met Madonna, Lana Del Rey, Pharrell Williams en Tilda Swinton.
...

'De smeltkroes aan culturen, het gemak om er projecten uit de grond te stampen, de bruisende energie, maar ook die zee aan kansen om met andere gelijkgestemden te kunnen samenwerken', geeft Victoria Bartlett als redenen waarom ze midden jaren tachtig Engeland inruilde voor New York. 'De stad werkte toen als een onweerstaanbare magneet op mij en zoveel andere Britse creatives.' Na haar studie aan het London College of Fashion en een eerste job als assistente van couturier Rhavis of London belandde Bartlett in de mediawereld. Ze mocht zichzelf fashion editor noemen bij Vogue, Interview, ID en Numéro en werkte samen met Madonna, Lana Del Rey, Pharrell Williams en Tilda Swinton. De lijst modelabels die ze achter de schermen adviseerde, is eindeloos. En de fashionable sportswear-trend? Die heeft de wereld eigenlijk aan haar te danken. Lang voor het een hype werd, lanceerde ze VPL (kort voor Visible Panty Line), een collectie activewear aangevuld met schoenen en accessoires. 'Hannelore Knuts was mijn muze. I adore her. Ze heeft een groot deel uitgemaakt van mijn carrière en van mijn leven. Ik mis haar enorm sinds ze naar België is teruggekeerd.' Knuts was niet de enige Belgische met wie het klikte. Bartlett vertelt honderduit over haar tijd met Jurgi Persoons, Inge Grognard, Kim Peers en Delfine Bafort, die een tijdlang een kamer in haar vorige woning in Brooklyn huurde. Twee jaar geleden besloot Bartlett haar klassieke herenhuis in bruinrode zandsteen om te ruilen voor een industriële loft. Niet in het populaire Tribeca, maar in een herbestemde chocoladefabriek midden in een chassidische wijk wat dieper in Brooklyn. 'Ik woon in een soort creatieve driehoek tussen Bed-Stuy, Clinton Hill en South Williamsburg, een gebied in volle ontwikkeling. Toen de fabriek haar oorspronkelijke functie verloor, trok het gebouw kunstenaars en estheten aan.' Wat niet kon gezegd worden van de oorspronkelijke projectontwikkelaars, aldus Bartlett. De industriële pijpleidingen waren verborgen onder spanplafonds en valse muren, onder de slaapkamer bevond zich een nutteloze kruipruimte. 'De oorspronkelijke renovatie was niet doordacht. Ik wist meteen waar ik de sloophamer in zou slaan.' Via haar makelaar kwam Bartlett in contact met Ivi Diamantopoulou en Jaffer Kol van New Affiliates, een New Yorkse designstudio gespecialiseerd in architectuur en creatieve installaties. 'We deelden meteen dezelfde zin voor esthetiek. Al is het vooral de inrichting van mijn buitenverblijf in Pennsylvania die de basis vormde voor de renovatie.' De openplanindeling, de zwevende trappen en het houtgebruik - die naar eigen zeggen aan de architectuur van John Lautner refereren - werden door de architecten overgenomen. Net als de kleur van het kookeiland dat rondom de draagzuil werd gebouwd. 'Nagemaakt op basis van een losgepeuterde houtsnipper die ik speciaal upstate ging halen', lacht ze. Haar moodboard leidde tot het verhogen van de slaapkamer, waardoor een bureauruimte kon gecreëerd worden, net achter de keuken. Nergens zijn er deuren of muren. Het licht dat door de vier meter hoge fabrieksvensters valt, schijnt daardoor tot diep in de loft. 'Het vroeg wat overtuigingskracht, maar nu vind ik de wand aan de slaapkamer een ingenieus idee. Het geperforeerde metaal zorgt voor genoeg privacy, zonder de ruimte volledig licht- en luchtdicht te maken.' De eettafel en de ladekast van Paul McCobb, de stoelen en het bureau van Arthur Umanoff - een designer wiens stoelen online voor een paar duizend euro van eigenaar wisselen - verraden een liefde voor Amerikaans mid-century design. 'Voor mij staat het design uit de jaren 1920 tot '60 voor een periode van innovatie en experiment. Voor een revolutionaire mindset.' Een mentaliteit die ze vandaag enorm mist in de modewereld. Ze besloot daarom voorlopig een punt te zetten achter haar modecollecties. 'De mode-industrie is te veel veranderd. Mode draait vandaag te veel om verkoop, te weinig om ideeën. Er wordt massaal gekopieerd en ingezet op cheap fashion', licht Bartlett haar keuze toe. Maar verbitterd klinkt ze niet. Haar liefde voor kunst en haar aangewakkerde interesse voor interieur hebben geleid tot nieuwe projecten. Een ervan is een meubellijn die ze eind 2020 in kleine oplage wil lanceren in het New Yorkse galeriecircuit. De pop in de hoek van de woonkamer - waarop ze als student aan het Fashion College in Londen haar eerste ontwerpen naaide - is intussen beloofd aan iemand anders. 'Ik heb geleerd om me niet meer te hechten aan spullen. Het weggeven van die pop staat niet voor een begin- of eindpunt. Ik blijf liever evolueren. Als je blijft stilstaan, word je onvermijdelijk overbodig.'