Ik ben opgegroeid met het idee dat je altijd plaats kunt maken aan de tafel. Mijn ouders hadden het met vijf kinderen niet breed, maar de krakende pastorie waarin we woonden in Kent was altijd vol mensen en leven. Klasgenoten waren er dol op: het was een warme en tolerante omgeving, en bij ons mochten ze rommel maken en spelen. Onze studio streeft naar dat soort plekken: woningen, kantoren en andere gebouwen waarin mensen zich goed en geborgen voelen en de ruimte zich aan hen aanpast, niet omgekeerd.

Een ontwerper kan niet alleen met esthetiek en stijl bezig zijn. Leefbare woningen, tijdloze gebouwen, inclusieve steden en zinvolle producten ontstaan niet op moodboards, maar door nieuwsgierig te zijn naar mensen: hoe we plaatsen en objecten gebruiken en hoe ze op ons inwerken.

Alles oplossen hoeft niet, nieuwe ideeën verspreiden zich zo snel dat één innovatie het hele systeem kan veranderen.

De kunst is om te luisteren. Bij veel projecten wordt de gebruikers van ruimtes en gebouwen nooit naar hun noden en beleving gevraagd. Omdat opdrachtgevers zwaaien met Excelsheets en rendement, of omdat ze bang zijn voor het onbekende. Dan is het geen wonder dat onze fysieke omgeving ons zo vaak frustreert. Wil je weten wat het leven van werknemers, patiënten of de passagiers op de luchthaven echt verbetert, wees dan empathisch en vraag het hun.

Mensgericht denken heeft weinig met gender te maken. Bij residentiële projecten is het misschien een voordeel dat ik een vrouw ben. Hoe ga je als koppel met elkaar om, waar zie je jezelf over twintig jaar, zullen de kinderen het huis erven - misschien vertellen mensen zulke intieme dingen sneller aan mij. Maar ik geloof niet dat mannen per se vanuit hun ego werken of meer hun stempel drukken. Dat ligt eerder aan de prioriteiten die men stelt bij hedendaagse bouwprojecten. Veel belangrijker is dat ik mijn carrière startte bij The Architects' Journal en Elle Decoration. Alle beschikbare informatie verzamelen, het kaf van het koren scheiden, geen overhaaste conclusies trekken: die journalistieke skills gebruik ik nog altijd.

De dood van mijn moeder zette mijn wereld op zijn kop. Ik was twaalf toen de dokters kanker vaststelden, achttien toen ze overleed - dan vervagen de zeeën van tijd die je als jongere denkt te hebben snel. Het is ook geen toeval dat ik mijn draai vond in de designwereld. Als serieuze economisch journalist grapte mijn vader ooit dat ik me met futiele dingen bezighield, maar ik kon de energie die design voortbrengt wel gebruiken: het plezier ruimtes te creëren die een positieve invloed hebben op mensen.

Designers krijgen altijd nieuwe kansen om de wereld heruit te vinden. De studenten aan de Design Academy zijn bezorgd om de gang van zaken, maar allesbehalve geparalyseerd door uitzichtloosheid: ze werken actief aan een andere realiteit. Ik ben geen optimist die er blindelings op vertrouwt dat alles wel goed komt, maar wel hoopvol: jonge ontwerpers bijten zich vast om de grenzen van het mogelijke te verleggen. Alles oplossen hoeft niet, nieuwe ideeën verspreiden zich zo snel dat één innovatie het hele systeem kan veranderen.

Geef mij maar een beperkt aantal projecten die echt het verschil maken.

Laat ons efficiëntie herdenken. Projecten die traag uit de startblokken schieten bijvoorbeeld: dan vrezen we al snel een mislukking. Je moet erin vliegen en wel zo snel mogelijk, recht op je doel af. Terwijl dat de beste manier is om accidenten en stuurloosheid te creëren. Bij ons mag de aanloop van een project gerust traag en rommelig zijn, want zo breng je duidelijke waarden en ideeën in kaart en ga je achteraf vlotter van A naar B.

Designers en architecten geven vorm aan waarden. Klanten hebben vaak wel een idee van wat ze willen, maar niet van waarom ze dat willen. Ons werk begint daarmee: met de vraag wat ondernemingen en merken relevant maakt voor de wereld van vandaag, aan welke noden ze beantwoorden en welke ideeën ze materialiseren. Zo ontwikkelen we in Brussel mee het brand manifesto van Nona, een pizzeria die inzet op ambachtelijkheid, lokale leveranciers en duurzaamheid. De ruimtes die daarbij horen zijn daar een uitdrukking van, niet het startpunt.

Impact is geen kwestie van omvang. Een groot bedrijf managen was nooit mijn kracht of wens, en niet ideaal om menselijke connecties te leggen. Waarschijnlijk neem je dan ook opdrachten aan omdat je niet anders kunt. Geef me maar een beperkt aantal projecten die echt het verschil maken - zo kun je ook een steen verleggen.