In deze tijden nog een fysieke meubelzaak starten, nu webshops allerhande hoogdagen beleven, het is aan de durvers. Waarom koos het duo achter Huis MORTIER niet voor de makkelijke weg? 'Wij doen zowel maatwerk als stukwerk. Maar zonder fysieke winkel is stukwerk - zoals een eigen ontworpen tafel, stoel, kruk ... - een pak moeilijker om aan de man te brengen', vertelt medeoprichter Preben Van der Straete. 'Maatwerk daarentegen, dat draait goed. Daar is werk genoeg in. Maar het gevaar bestaat dan dat je op de duur alléén nog maar maatwerk doet.'
...

In deze tijden nog een fysieke meubelzaak starten, nu webshops allerhande hoogdagen beleven, het is aan de durvers. Waarom koos het duo achter Huis MORTIER niet voor de makkelijke weg? 'Wij doen zowel maatwerk als stukwerk. Maar zonder fysieke winkel is stukwerk - zoals een eigen ontworpen tafel, stoel, kruk ... - een pak moeilijker om aan de man te brengen', vertelt medeoprichter Preben Van der Straete. 'Maatwerk daarentegen, dat draait goed. Daar is werk genoeg in. Maar het gevaar bestaat dan dat je op de duur alléén nog maar maatwerk doet.' En daar ligt Van der Straetes hart niet. 'Het liefst maak ik mijn eigen ontwerp. Ik moet dan met niemand rekening houden, ik doe gewoon mijn eigen ding. Dus daarom was het zo belangrijk voor ons om die fysieke winkel te hebben, voor die stukmeubelen.'Een duurzaam verhaalOf het nu voor maat- of stukwerk is, Huis MORTIER werkt steevast met degelijke, duurzame materialen. Daarvoor rekenen ze zo veel mogelijk op hun vaste, Belgische partners en leveranciers. Als ze massief hout bewerken, gebruiken ze enkel inheemse boomsoorten als kastanje, eik, kerselaar en notelaar. Exotische soorten trachten ze te vermijden. De meubelontwerpers maken er ook een punt van om zo weinig mogelijk afval te produceren. 'We recupereren het restmateriaal van de grotere meubels om er dan later kleinere accessoires van te maken. Zo fabriceerden we al een plateau, lampjes, modulaire bakjes, boekenrekjes enzovoort. Door die verschillende materialen samen te brengen, creëren we zo een random mishmash aan leuke objecten.'KruisbestuivingDe projecten waaraan het duo werkt, lopen sterk uiteen, gaande van keukens, bibliotheken, badkamermeubels tot zelfs volledige interieurs. Gevraagd naar hun huisstijl moet Van der Straete even nadenken. 'Ik denk dat er bij ons een soort van kruisbestuiving ontstaat. Ik ontwerp eens iets, Jonas ontwerpt dan iets anders. Op de duur kan je niet meer bepalen welk werk van wie juist is, omdat het zodanig in elkaar overvloeit.'Van der Straete en Binon leerden elkaar kennen aan het KASK in Gent, waar ze afstudeerden als Meesters in de Beeldende Kunsten. Toen al wisten ze precies welke kant ze wilden uitgaan. Ze volgden samen nog een opleiding Meubelontwerp in Mechelen, waarna ze meteen aan de slag gingen. Eerste punt op de checklist? Een atelier. Die vonden ze eerst aan de Gasmeterlaan, maar even later botste het Gentse meubelmakersduo op een interessant krakerspand aan de Ham. Daar is hun verhaal pas echt begonnen. 'Dat gebouw was gigantisch. Het was er zo groot dat mijn collega's zus, een aantal acteurs en een muzikant er ook zijn ingetrokken. We waren een soort collectief geworden. Achterin hadden we ons atelier geïnstalleerd, vooraan was onze showroom.'Meneer MortierVan der Straete heeft goeie herinneringen aan de Ham. De naam van hun interieurzaak is daar ook geboren. 'Die plek heette eigenlijk al Huis Mortier. Het deed vroeger dienst als elektronicazaak, waar ze wasmachines en dergelijke verkochten. Toen we daar na meer dan vier jaar bijna vertrokken, stond er plots een oude man voor de deur. Ik vroeg hem waarom hij zo geboeid naar ons pand stond te kijken. "Ik ben meneer Mortier. Ik passeer hier elke dag om te zien wat hier allemaal in mijn oude zaak gebeurt."' Van der Straete probeerde de man tevergeefs uit te nodigen voor een babbeltje in het atelier, maar dat weerhield hen niet om de naam definitief aan hun zaak te koppelen. Fysieke winkelHet tijdelijke project aan de Ham liep op zijn einde. Niet lang na het korte gesprek met de oude eigenaar vond het tweetal in Gentbrugge eindelijk een pand met toekomst. Hier zouden ze definitief hun atelier in optrekken. Het enige probleem? Er is geen ruimte voor een toonzaal. Dus moeten ze op zoek naar een handelspand. 'Het idee voor een fysieke winkel is ontstaan in de Ham, we hebben het daarna niet meer gelost.'Het lot is hen goedgezind, want op de finissage in de Brabantdam wordt Van der Straete aangesproken door de eigenaar van een appartementsgebouw in de Lange Steenstraat, aan de rand van het historische Patershol. De biowinkel op de benedenverdieping van het gebouw sluit zijn deuren, waardoor het pand te huur komt te staan. Na grondige verbouwingen heeft Huis MORTIER eindelijk zijn vaste stek gevonden. Het coronaspookAlleen de timing had beter gekund. Te midden van een pandemie een interieurwinkel openen in hartje Gent, het is geen sinecure. 'Corona was inderdaad een zware dobber. Tijdens de eerste lockdown werd het muisstil rond onze klanten. De projecten waaraan we bezig waren, vielen volledig stil. We hebben daardoor zelfs twee werknemers naar huis moeten sturen en geld moeten bij lenen voor onze winkel. Toch wel een klein drama.'Maar nu gaat het weer de goede kant op. 'Het maatwerk draait weer op volle toeren. 't Is weer vollenbak, gelukkig. Ook de verkoop van onze stukmeubels begint op gang te komen. De rest volgt wel. De klanten komen nu op afspraak. Ook voor ons maatwerk is het fijn om mensen in de fysieke winkel te kunnen ontvangen. We kunnen hen dan staaltjes van het materiaal tonen en dergelijke. Dat geeft onmiddellijk een betere indruk.Huis MORTIER heeft in het voorbije decennium al woelige watertjes doorzwommen. Of ze nog wilde plannen hebben voor de toekomst? 'We zouden heel graag het atelier in Gentbrugge nog verder uitbreiden. Qua bezetting zitten we hier wel helemaal goed. We zijn nu met vier, groter moet de zaak niet worden. Mochten er in de toekomst meer projecten op ons afkomen, dan gaan we liever wat selectiever te werk, dan dat we de productie omhoog stampen. Daar heb ik geen zin in', lacht Van der Straete.