'Waarom zou je een object moeten afdanken omdat het zogezegd niet meer matcht met je nieuwe interieur?' Dat vroeg de bewoner - die liever anoniem blijft - zich af toen hij samen met zijn vrouw dit herenhuis uit 1937 inrichtte. Hij had een voorliefde voor meubelen uit de 18de eeuw, zij voor hedendaagse ontwerpen. Het werd zoeken naar een compromis. 'We hebben ervoor gezorgd dat het époquemeubilair opgaat in het geheel in plaats van het de sfeer te laten bepalen', legt de bewoner uit. Als voorbeeld wijst hij naar de oude spiegels en schilderijen in de salon, die een patchworkgeheel vormen met recentere werken. Of de decoratie van de hal, waar een antieke commode in tombeau-stijl tegenwicht biedt aan een felgekleurde foto en futuristische stoelen in beton en metaal. Het ensemble vormt een soort 'altaar' dat van in de inkom de toon zet en bezoekers verrast.
...

'Waarom zou je een object moeten afdanken omdat het zogezegd niet meer matcht met je nieuwe interieur?' Dat vroeg de bewoner - die liever anoniem blijft - zich af toen hij samen met zijn vrouw dit herenhuis uit 1937 inrichtte. Hij had een voorliefde voor meubelen uit de 18de eeuw, zij voor hedendaagse ontwerpen. Het werd zoeken naar een compromis. 'We hebben ervoor gezorgd dat het époquemeubilair opgaat in het geheel in plaats van het de sfeer te laten bepalen', legt de bewoner uit. Als voorbeeld wijst hij naar de oude spiegels en schilderijen in de salon, die een patchworkgeheel vormen met recentere werken. Of de decoratie van de hal, waar een antieke commode in tombeau-stijl tegenwicht biedt aan een felgekleurde foto en futuristische stoelen in beton en metaal. Het ensemble vormt een soort 'altaar' dat van in de inkom de toon zet en bezoekers verrast. Overal zie je van die 'stijlhuwelijken', gedurfd maar smaakvol. 'Een mooi object kan samengaan met alle epoquestijlen. Ik heb er geen enkele moeite mee om die dingen te mixen, ik hou van contrast', zegt de heer des huizes. Zelf is hij helemaal geen decorateur, maar hij en zijn vrouw beleefden er veel plezier aan om na te denken over elk detail. Zoals de kleuren, die heel zorgvuldig uitgekozen werden en in elke kamer verschillend zijn. Ze zetten de toon in dit huis waar ook vier kinderen wonen. 'In de salon kozen we voor een groen en een grijs die naar het grote Japanse kamerscherm verwijzen. In de keuken wilden we een zonnig geel en in de inkom een krachtig appelblauwzeegroen. Dat was trendy toen wij het huis inrichtten.' Nog uitbundiger is de hal, bekleed met behangpapier met vergulde geometrische tekeningen die doorlopen tot op het plafond. 'We wilden vooral leven brengen in deze ruimte. In de gangen zijn we echt losgegaan. Het zijn plekken waar je niet lang vertoeft, er is dus geen gevaar dat de aankleding je overdondert of gaat vervelen.' Dit bonte interieur, vol verrassingen en verwijzingen naar het verleden, maakt deel uit van een geheel dat, architecturaal gezien, uitgesproken modernistisch is. 'Het huis werd ontworpen door de Brusselse architect Jean-Jules Eggericx. Hij was de man die ook de tuinwijken Floréal en Le Logis in Watermaal-Bosvoorde realiseerde en daarmee een revolutie teweegbracht in het concept wonen', vertelt Charles Groensteen van Edgar Architecture, die de renovatie uitvoerde. 'De woning had na diverse transformaties veel van haar charme verloren en onze klanten wilden terug naar het originele cachet.' Daarom behielden de architecten enerzijds een maximum aan elementen - zoals het visgraatparket, sommige mozaïekvloeren en de majestueuze open trap waarvan alleen de eerste treden opnieuw werden gemaakt - maar ze gaven het geheel ook een extra modernistische toets. Onder meer door het creëren van glazen wanden gevat in fijne, zwarte frames, waardoor het zuiderlicht vanuit de tuin tot in het hart van het huis doordringt. Of door de radiatoren te verbergen in nissen van eikenfineer die kunnen dienen als wandrek of als zitje. Het algemene plan, zoals bedacht door Edgar Architecture, doet ook denken aan de indeling van de Villa Cavrois, een weelderige, avant-gardistische woning dicht bij Rijsel, ontworpen door Robert Mallet-Stevens in 1932. 'We hebben de villa bezocht, toevallig net toen we ons huis hadden gekocht, en dat heeft ons inderdaad geïnspireerd', zegt de eigenaar. Op de benedenverdieping, enkele treden hoger dan de straat, vind je de keuken, de eetkamer en de salon, maar ook een grote vestiaire en een studio voor het huispersoneel. Op de eerste verdieping bevinden zich twee kinderkamers en de suite van de ouders met een kleine privésalon en een bureau. De zones voor de kinderen en voor de volwassenen zijn duidelijk herkenbaar en alle leefruimten zijn gericht naar de tuin om zo veel mogelijk licht te vangen. Het oorspronkelijke huis had maar één verdieping, de tweede verdieping werd toegevoegd. Doordat ze wat dieper staat ten opzichte van de gevel zie je ze niet vanaf de straat. Ze biedt wel een mooie bijkomende ruimte, met twee kinderkamers, een bureau en, vooral, een enorme speelzaal overgoten met licht, waar aan de metalen balken zelfs een schommel, tent of hangmat hangt. Het is een ruimte die de sfeer van het huis perfect weerspiegelt: speels en gericht op het familiale leven.