Onder vader Jacques groeide Wirtz uit tot toonaangevend ontwerpbureau voor tuinen en landschappen. Hij realiseerde projecten in heel Europa, van de Jardin du Carrousel in Parijs tot het Jubilee Park in Londen. Zonen Martin en Peter traden in de voetsporen van hun vader en werken samen met vermaarde architecten als David Chipperfield. 'Maar ondanks het feit dat Peter en ik om de haverklap de wereld rondreizen, blijft België niet alleen onze thuishaven, we ontwerpen hier nog altijd het grootste deel van onze tuinen. In het boek brengen we een mix aan tuinen uit België en de hele wereld, die eigenlijk naadloos op elkaar aansluiten ', aldus Martin Wirtz.
...

Onder vader Jacques groeide Wirtz uit tot toonaangevend ontwerpbureau voor tuinen en landschappen. Hij realiseerde projecten in heel Europa, van de Jardin du Carrousel in Parijs tot het Jubilee Park in Londen. Zonen Martin en Peter traden in de voetsporen van hun vader en werken samen met vermaarde architecten als David Chipperfield. 'Maar ondanks het feit dat Peter en ik om de haverklap de wereld rondreizen, blijft België niet alleen onze thuishaven, we ontwerpen hier nog altijd het grootste deel van onze tuinen. In het boek brengen we een mix aan tuinen uit België en de hele wereld, die eigenlijk naadloos op elkaar aansluiten ', aldus Martin Wirtz. Jullie creaties zijn meer landschappen dan tuinen, ze volgen krachtige, sculpturale lijnen, staan vol stevige bomen en struiken, de kleine details ontbreken en alles is uitgesproken groen. Martin Wirtz: 'Ja, er wordt ons weleens verweten dat we te groen denken. Dat is niet zo, we houden meer van bloeiende bomen en struiken dan van borders met bloemen. In een landschap gaat het om architectuur en daar heb je geen bloemen voor nodig. Bomen zijn noodzakelijk, ze fungeren als gebouwen. Ze zorgen voor reliëf en geven proportie aan het landschap. We zijn voortdurend op zoek naar bomen en bezoeken heel veel kwekerijen. In onze regio, België, Nederland en Duitsland, zijn we enorm bevoorrecht door de vele topkwekerijen, in Amerika zijn er veel minder. Al hebben zij het voordeel van de 'wilde' kwekerijen, waar alles niet zo regelmatig wordt gesnoeid. Hier gaat men soms in overdrive door alles zo netjes te ordenen en te snoeien. Wij houden van bomen met een sculpturaal karakter, door de natuur gevormde, meerstammige bomen, zoals je die daar ook meer ziet. Daar werken heeft onze kijk beïnvloed. In Noord-Amerika hebben ze een andere tuintraditie. Ze hebben niets met hagen zoals in Europa. De tuinen zijn er zeer open en landschappelijk, hebben geen grenzen en zijn wilder. Fotograaf Bertrand Limbour, die voor ons nieuwste boek heeft gewerkt, heeft dat goed begrepen. Hij fotografeerde echt landschappen, zonder overdreven aandacht voor de details. Er zit een wildheid in het beeld. Niet alle hagen werden ook eerst perfect gesnoeid, en dat is goed.' Een tuin moet groeien en vraagt tijd, hoe ga je om met tijdloosheid? 'Mensen hebben het daar in deze nerveuze wereld moeilijk mee. Ze zijn ongeduldig. Dat is trouwens een verschil met vroeger, toen mijn vader begon en men meer geduld had. Je ontwerpt geen tuin voor vandaag of morgen, maar voor overmorgen of voor de volgende generatie. Dat ligt natuurlijk anders voor een stadstuin, maar op een landschapstuin staat geen jaartal. Van een goed ontwerp heb je meteen genot, maar pas na drie jaar beginnen de boompjes wat volume te maken, na acht jaar zijn het bomen en na tien jaar zijn ze volwassen. Vergeet ook niet: een tuin schenkt je ook een portie levensmeditatie die je doet beseffen dat je de natuur niet zomaar kunt dicteren.' Is er veel veranderd vergeleken met toen jullie vader begon? 'Hij is nu 94 maar hij werkte tot zijn 87ste met ons mee. Dat is dus niet zo lang geleden. Maar er is wel wat veranderd. Mijn vader was enorm geïnspireerd door de klassieke Engelse, Franse en Italiaanse tuinen, zoals Sissinghirst, Vaux-le-Vicomte en Villa d'Este. Deze tuinen blijven natuurlijk de basis van ons vak, maar wij tekenen bijvoorbeeld geen bloemenborders meer, omdat die zo arbeidsintensief zijn. We evolueren naar meer onderhoudsvriendelijke tuinen en naar een grotere soberheid. Dat is waar Peter en ikzelf erg van houden. Wij gebruiken graag massa's van één plant die dan krachtig worden doorweven met bomen die ertussen staan. Onze stijl is veel losser en landschappelijker.' Volgen jullie trends via nieuwe media, boeken of tijdschriften? 'We houden ons ver van de digitale wereld en ontwerpen zelfs nog met potlood. Voor mij zijn de korrel van het papier en de zachtheid van mijn potlood van belang. De basis is dus tekenkunst. We bladeren ook niet door recente publicaties, maar kijken veel liever in boeken van net voor en net na de Tweede Wereldoorlog. Vooral de jaren vijftig waren erg interessant, er waren bijzondere tuinarchitecten actief, zoals de Amerikaan Frederick Olmsted, die heel wat parken op zijn naam heeft staan,waaronder Central Park in Manhattan. Of de Deen Carl Sorensen, die een enorme zin had voor eenvoud. Met trends of nieuwe evoluties zijn we niet bezig. Weet je, de echte kennis van ons beroep gaat om de zintuiglijke ervaring, de geur van de grond, de mest, de planten, het snoeien van de bomen, de geur van de wortels en het herkennen van de planten. Dat moet je met je eigen handen voelen. Het veldwerk is essentieel, want die kennis heb je nodig om een tuin te ontwerpen. Ook emotie is belangrijk, we ontwerpen intuïtief. Onze plannen ogen eenvoudig, terwijl alles er tegenwoordig ingewikkeld moet uitzien en design erg belangrijk is. Al die grafische accenten, we hebben daar niets mee.' Toch schuwen jullie de samenwerking met architecten niet?'We houden van architectuur en werken graag samen met architecten als David Chipperfield of Paul Robbrecht. Met Paul werken we bijvoorbeeld samen voor een grote stadstuin in Ronse die al deels is uitgevoerd. Onze ontwerpen sluiten perfect op elkaar aan. Met Paul had ik trouwens onlangs een aardige discussie over het gebruik van inheems groen. Ik ben voor het mengen van inheems en uitheems. Dat is goed voor de bijen, omdat je anders een heel beperkte bloeitijd hebt. Onze tuinen horen ook thuis in de parktraditie van de achttiende en negentiende eeuw, toen alles werd gemengd. Maar Paul vond dat ik in het park van Ronse net wél de bomen uit het omliggende landschap in mijn ontwerp moest meenemen, waardoor het inheems groen in dit project wel belangrijk is. Een interessante denkpiste.' Voor iemand die van openheid houdt, moet het Vlaamse verkavelingslandschap niet meevallen.'We zijn erg gevoelig voor de schoonheid van het landschap. Gelukkig wonen we in Schoten nabij Nederland, een soort tussengebied dat al wat heeft van het mooie Nederlandse landschap. Het verschil is opvallend. Het protestantisme speelt wellicht een rol. In Nederland merken we een soberheid op, men geeft niet te veel uit, wat net goed is. Onze noorderburen hebben nog veel wilde natuur. Kijk maar naar de prachtige wegkanten, die worden bij ons kaal gekapt. Dat geldt ook voor de monumentenzorg. Van veel Nederlandse steden zijn de omwallingen nog bewaard. Onze steden verloren hun groene gordels. In Nederland is ook de zorg voor wegenaanleg en fietspaden mooi, bij ons zit er geen lijn in.' Ten slotte iets over jullie ongewoonste opdracht: een modedefilé. 'Dat was in 2013, toen we door Raf Simons werden gevraagd voor de Christian Dior Haute Couture Fashion Show voor de lente en zomer 2013 in Parijs. We ontwierpen in recordtempo een tuin met een soort haag en bomen. Dat was ongezien op de catwalk. Een heerlijke ervaring, zeker als je er daarna de modellen door ziet stappen.'