GEVEL LOUIS TENAERTS, 1933: Art deco


...

Eigenlijk toont de façade een mix van art deco en modernisme. Het platte dak is typerend voor het modernisme, de zwart-witcombinatie is dan weer art deco. Over de architect, Louis Tenaerts, is weinig geweten. De huidige bewoner van het huis graaft al jaren in Brusselse archieven op zoek naar meer info over de mysterieuze man. Hij zou meer dan duizend gebouwen in Brussel opgetrokken hebben en ook het gebouw rechts is van zijn hand. Merkwaardig, want het is in een heel andere stijl gebouwd. Een tip : wandel vijfhonderd meter verder naar de Coghenlaan in Ukkel en ontdek daar nog drie gebouwen van Tenaerts.Naar verluidt zou hij deze woning getekend hebben voor zijn maîtresse Adele. Binnen staan de letters A, D, E, L en E in een mozaiek verspreid over de vloer. De eigenaar raakte geïntrigeerd door dat verhaal en zocht in de archieven naar de naam van de eerste bewoner. En wat staat daar bij de voornaam? De letter A.Deze art-decostijl heeft een hoog Miamigehalte en is wat atypisch voor Brussel. De façade in pakketbootstijl. Omdat de rondingen doen denken aan een schip.Typisch art deco:Geometrische lijnen, zwart-wit, pakketboot.Misschien wel hét kenmerk van de Brusselse architect Gustave Strauven (1878-1919): zijn smalle gevels. In tegenstelling tot zijn beroemde leermeester, Victor Horta, tekende hij vooral huizen voor (iets) minder gegoede klanten, vandaar ook de minder kwalitatieve materialen, zoals baksteen. Strauven behoorde tot de zogenaamde tweede generatie architecten die art nouveau verspreidden in Brussel, na Horta. Het is de generatie die de stijl democratiseerde en op die manier populairder maakte.Strauvens carrière was erg kort. Hij overleed op jonge leeftijd aan verwondingen die hij als soldaat tijdens de Eerste Wereldoorlog opliep in Frankrijk. Dit huis in de Lutherstraat in hartje Brussel werd een tijdje door hemzelf bewoond. Het is minder exuberant dan zijn bekendste woning, Huis Saint-Cyr in dezelfde buurt in Brussel.Architect Gustave Strauven was een leerling van art nouveaumeester Victor Horta. Kenmerkend voor de stijl zijn de krullen in het smeedwerk. De gevel is slechts 3,75 meter breed.Typisch art nouveau:Het smeedwerk, de florale motieven, de zachte kleuren.Een verborgen parel aan de Wetstraat. Als je naar het Jubelpark rijdt, zie je aan de rechterkant een onopvallend gebouw uit 1928, dat ietwat lijkt te verdwijnen tussen de blinkende skyscrapers. Het Résidence Palace is getekend door architect Michel Polak (1885-1948), een Zwitser die in België woonde en vooral bekend is van Villa Empain, de goed bewaarde art-decoparel aan het Ter Kamerenbos. Zijn Résidence Palace was een appartementencomplex voor de bourgeoisie, de rijke adel en bankiersfamilies. Daarom zaten in het gebouw ook een zwembad, theater, restaurant, bank, kapsalon, kruidenier, postkantoor en turnzaal. Het Résidence Palace werd weleens een verticale stad genoemd, omdat de bewoners niet buiten hoefden te komen om hun dagelijks leven te leiden.In de Tweede Wereldoorlog wordt het gebouw in beslag genomen door de Duitsers en moeten de flateigenaars vertrekken. Later koopt de Belgische staat het complex en krijgen overheidsdiensten zoals het ministerie van Onderwijs er een plek. Vandaag vindt het International Press Centre er onderdak.Het zwembad is een van de laatste herinneringen aan een tijd waarin deze buurt nog nog niet was opgeslokt door Europese blingbling en fileleed. Het was jarenlang een openbare ruimte, onze vorige koning kwam hier zelfs baantjes trekken. Tot het tien jaar geleden begon te verkommeren. Geld voor de renovatie ontbrak. De eigenaar, Regie Der Gebouwen, laat het dossier aanmodderen en niemand lijkt te weten of deze prachtige plek ooit in ere wordt hersteld. Triest. Als je weet dat er te weinig zwembaden zijn in de hoofdstad, en dit misschien wel het mooiste bad van het land is.Art deco was soms geïnspireerd op de antieke oudheid, en daarom doet de ruimte denken aan een Romeins bad. Het zwembad staat al jaren droog. Het is in handen van de Regie der Gebouwen, die de renovatie laat aanmodderen. Let op de geometrische figuren in en boven de pilaren, helemaal art deco. Koning Albert II kwam hier soms baantjes trekken.Typisch art deco:Het zigzagmotief in de mozaïek, de geometrische figuren in de balustrades, het donkerblauw, het dambordpatroon in de pilaren.