Ik word gewekt door het zachte gehinnik van een paard. Even moet ik me oriënteren, want ik zie niets in de pikdonkere joert. Dan herinner ik me dat ik samen met enkele reisgenoten in een joertkamp aan de oever van het Song-Kolmeer ben blijven overnachten. Ik heb geen idee hoe laat het is, maar door de smalle streep zonlicht die door een klein gaatje in het dikke wandkleed schijnt, vermoed ik dat het al ochtend is. Zachtjes open ik het houten deurtje, duw het dikke doek opzij dat ter isolatie voor de ingang hangt en stap de kille ochtend in. Ik word getrakteerd op een adembenemend uitzicht van met sneeuw bedekte bergtoppen die de groene vallei en het helderblauwe bergmeer omringen. Ik zou me bijna in Nieuw-Zeeland of Zwitserland wanen, ware het niet dat joertkampen van de seminomadische herders het landschap sieren.
...

Ik word gewekt door het zachte gehinnik van een paard. Even moet ik me oriënteren, want ik zie niets in de pikdonkere joert. Dan herinner ik me dat ik samen met enkele reisgenoten in een joertkamp aan de oever van het Song-Kolmeer ben blijven overnachten. Ik heb geen idee hoe laat het is, maar door de smalle streep zonlicht die door een klein gaatje in het dikke wandkleed schijnt, vermoed ik dat het al ochtend is. Zachtjes open ik het houten deurtje, duw het dikke doek opzij dat ter isolatie voor de ingang hangt en stap de kille ochtend in. Ik word getrakteerd op een adembenemend uitzicht van met sneeuw bedekte bergtoppen die de groene vallei en het helderblauwe bergmeer omringen. Ik zou me bijna in Nieuw-Zeeland of Zwitserland wanen, ware het niet dat joertkampen van de seminomadische herders het landschap sieren. Kirgizië stond oorspronkelijk niet op mijn reisroute. Mijn vriend en ik waren van plan om gedurende één maand door Kazachstan te reizen en daarna wat tijd in Mongolië door te brengen. Maar die plannen veranderden toen we voor de eerste keer voet zetten in Kirgizië. De schoonheid van de landschappen en de gastvrijheid van de mensen raakten ons die eerste dag zo, dat we besloten onze reisplannen uit te stellen en het land wat beter te leren kennen. Ik hou ongelooflijk van de mix van cultuur, avontuur en ongerepte natuur. Doordat Kirgizië voor negentig procent uit bergen bestaat, bijna 2000 bergmeren heeft, meer trekroutes bevat dan je in een leven kunt bewandelen en nog steeds de eeuwenoude tradities van de Centraal-Aziatische nomaden in ere houdt, voelde ik mij in dit land helemaal in mijn element. Terwijl ik tussen de joerten door wandel en de slaap uit mijn ogen wrijf, zie ik de babushka, de grootmoeder van de herdersfamilie, met een emmer water terugwandelen van het meer. Een rij blinkende gouden tanden lacht me vrolijk toe terwijl ze gebaart dat ik naar de familiejoert mag gaan. Haar dochter Gulmira en de vijf kleinkinderen zijn binnen druk bezig met dagelijkse klusjes. De oudere mannelijke familie-leden ontbreken. Zij zijn al voor dag en dauw met hun kuddes schapen, koeien en paarden de valleien in getrokken. Het is gezellig en warm in de joert dankzij het kleine kacheltje waarin gedroogde paardenmest gestookt wordt. Op het kacheltje staat een pot met havermoutpap. Gulmira maakt duidelijk dat ik op een kussen aan de tafel mag plaatsnemen. Die hangt zo laag bij de grond dat ik niet anders kan dan er met opgetrokken benen naast gaan zitten. De meisjes hebben intussen hun best gedaan om de tafel rijkelijk te dekken met borden en schalen vol huisgemaakte boter, jam, kaymak (een soort dikke slagroom), snoepjes, koekjes, ronde platte broodjes en boorsok (kleine gefrituurde broodjes die naar oliebollen smaken). Kirgiziërs doen altijd hun best om het hun gasten zo comfortabel mogelijk te maken. Telkens als ik de voorbije maanden in een joertkamp in een vallei of in een homestay in een dorpje verbleef, mocht ik aanschuiven aan een feestelijk gedekte tafel. Ik ga niet beweren dat de lokale keuken mijn favoriet is, wel merk ik dat ik sinds het begin van deze reis enkele kilo's ben aangekomen dankzij de hartige en gezonde soepen, rijst- en noedelgerechten. Kirgizië is een land waar de bevolking enorm veel vlees bij de maaltijden eet, maar als vegetariër zal je hier ook niet verhongeren. De enige specialiteit die ik na een jaar nog altijd niet lust, is gefermenteerde paardenmelk. Dit drankje, in Kirgizië bekend als kymys, zou goed zijn voor zowel lichaam als geest en wordt vaak toegediend als gezondheidskuur. Toch let je er best mee op, want er zit ook een grote hoeveelheid alcohol in. Ik herinner me hoe mijn vriend en ik tijdens een van onze trektochten uitgenodigd werden door een groepje herders om samen met hen een fles kymys te drinken. Ik nipte langzaam van het zure goedje terwijl de mannen beker na beker vrolijk verder klonken op elkaars gezondheid. Ook al begrepen we elkaar niet, die avond was er geen taal nodig om een band te scheppen. Ik ervaar opnieuw deze warme gastvrijheid terwijl ik samen met Gulmira en haar kinderen van mijn ontbijt in de joert geniet. Mijn reisgenoten zijn intussen ook wakker en komen aan de ontbijttafel aanschuiven. Straks moeten we ons klaarmaken om te paard terug te keren naar de 'bewoonde' wereld. Stiekem wil ik nog wat langer bij de herdersfamilie blijven. Het leven dat ze leiden is zo rustig en vredevol. Hier in de valleien hebben ze geen last van stress, geluidsoverlast of dagelijkse beslommeringen. Ze leven er op het ritme van de natuur. Gulmira vertelt me dat ze het altijd jammer vindt wanneer de zomer voorbij is, maar dat het beter is om tijdens de winter naar hun dorp terug te keren. Vroeger leefden de Kirgizische nomaden het hele jaar door in de bergen en valleien maar uiteindelijk kozen ze ervoor om zich tijdens de wintermaanden in een dorp of stad te vestigen. Niet alleen omdat het zo makkelijker is om de kinderen naar school te sturen, het is ook veel aangenamer om bij temperaturen van min veertig graden in een huis te wonen. Het vee wordt dan op stal geplaatst, een deel ervan verkocht en eind mei, wanneer de sneeuw en het ijs beginnen te dooien, keren de seminomaden terug naar de jailoos, de zomerweiden, waar ze hun joertkampen heropbouwen om een nieuw seizoen in de bergen door te brengen. De zomer is dan ook de beste tijd om naar Kirgizië te reizen, al moet ik eerlijk toegeven dat de winter er, ondanks de vrieskou, ook erg mooi is. Tijdens de enkele keren dat ik de bergen in trok, goed ingeduffeld weliswaar, waande ik me echt in een winterwonderland. Niet dat de andere seizoenen niet de moeite zijn voor een doorreis. Terwijl mijn reisgezellen en ik te paard het joertkamp verlaten en gestaag de bergen inrijden, geniet ik van de geuren en kleuren van de zomerse bloemen in de vallei. Onze gids Alibek zit als een volleerd ruiter op zijn paard terwijl ik wat minder zelfverzekerd mijn evenwicht probeer te bewaren. De paarden zijn goed getraind om zelfs met beginners op hun rug een lange rit te maken. Alibek grapt dat de kinderen hier eerst leren paardrijden en daarna pas wandelen. Dat Kirgiziërs uitstekende ruiters zijn, had ik al een tijdje geleden opgemerkt. Op een dag kwam ik in een dorpje waar net een wedstrijd Kok-boru werd gehouden. Dat is de meest populaire sport in Centraal-Azië. Je kunt het spel vergelijken met polo, maar hier wordt een onthoofde geit als bal gebruikt. De spelers lijken net acrobatische rugbyspelers op een paard en komen vaak gehavend uit het spel.Als toeschouwer is het echt bijzonder om zo'n wedstrijd mee te maken. In de zomer worden er ook veel nationale sportcompetities en festivals gehouden waarbij je niet alleen een potje Kok-boru kunt bijwonen, maar ook andere nomadische sporten zoals boogschieten, worstelen, paardenkoersen, jachtcompetities met arenden... Kirgizië is een van de weinige landen ter wereld waar de nomadencultuur nog steeds zo aanwezig is. Wanneer we na enkele uren met de paarden aankomen op onze eindbestemming, sta ik ervan versteld dat we tijdens de tocht maar twee andere reizigers tegenkwamen. Mocht ik diezelfde tocht in Europa of Zuidoost-Azië gemaakt hebben, dan was ik intussen omringd door andere toeristen. In Kirgizië voel ik me bij momenten nog echt een ontdekkingsreiziger. Op populaire reisbestemmingen wordt de natuurlijke schoonheid en uniekheid van het land vaak ernstig bedreigd door het grote aantal inwoners en toeristen, maar Kirgizië heeft maar zes miljoen inwoners (waarvan er twee miljoen in de hoofdstad Bishkek wonen) en een overvloed aan open vlaktes en gebergtes. Zelfs als het land in de toekomst meer op de radar van reizigers zou komen, zou er nog voldoende ruimte zijn voor iedereen om van de natuurlijke wonderen en prachtige cultuur te genieten.