Tijd voor een bad: de beroemdste kuuroorden van Tsjechië

sprookjesachtig Karlsbad aan de ‘warme rivier’ de Tepla in het vroege ochtendlicht. © Sander Groen

Goethe, Beethoven en Casanova stonden in de rij om te worden verlost van hun kwalen in de Boheemse Kuurdriehoek. Een eeuw lang verbrokkelde de grandeur, maar Mariënbad en Karlsbad zijn nu zwieriger dan ooit. Onze reporter neemt de trein naar de beroemdste kuuroorden van Tsjechië om er te kuren in stijl.

Duizenden luchtbelletjes plakken aan me vast, de grotere aan mijn huid, de kleinste aan de haartjes op armen en benen. Ik lig in een bad vol bronwater. Bij iedere beweging bruist het wateroppervlak. Geenszins oncomfortabel, maar belangrijker: per minuut absorbeert mijn huid zo’n vijftig milliliter koolzuurgas. Dat versnelt de bloedsomloop, verlaagt de bloeddruk en vergroot de longcapaciteit. Mijn immuunsysteem sterkt aan, mijn zenuwstelsel kalmeert en hart- en vaatziekten worden voorkomen. Ik bubbel niet zomaar in een bad spa rood, nee, ik lig gezonder te worden. En dan is er nog het potentieverhogende effect – volgens Frau Doktor Ivana werkt zo’n koolzuurbad beter dan Viagra.

Romeinse baden in Nove Lazne of het ‘Nieuwe Badhuis’, het beste kuurhotel van Mariënbad.
Romeinse baden in Nove Lazne of het ‘Nieuwe Badhuis’, het beste kuurhotel van Mariënbad. © Sander Groen

Een uur later lig ik opnieuw in bad, ditmaal voor een ‘onderwatermassage’. Dat daar geen handen aan te pas komen is een geruststellende gedachte, als ik mijn struise Tsjechische masseuse zo bekijk. Met een robuuste waterstraal bewerkt ze mijn spieren: nek en rug eerst, dan benen en billen. Op mijn verzoek wordt de druk opgevoerd tot drie bar, de hoogste stand. “Morgen bent u völlig kaputt,” zegt de masseuse, doelend op de spierpijn die mijn lijf en leden dan zal beheersen. Ik heb mijn twijfels, want de waterstraal voel ik nauwelijks. Volgende keer toch maar weer een massage mét handen.

Karlsbad is zwieriger dan Salzburg, aangeharkter dan Disneyland, fleuriger dan een technicolorfilm en koketter dan Praag. Een sprookje.

SANDER GROEN

De Oberschwester heeft nog een toegift in petto: een paraffinebad. Mijn handen worden driemaal ondergedompeld in gesmolten kaarsvet en dan ingezwachteld. Als het gestolde goedje er een kwartier later weer af gaat, zijn mijn handen poezelig zacht – daar kan geen Nivea tegenop. Eenmaal uitgekuurd voel ik me gezonder dan ooit. Maar vooral van de factuur word ik vrolijk: een halve dag vol heilzame behandelingen kost nog geen dertig euro. Voor nieuwerwetse wellness kun je er tegenwoordig ook terecht, maar ouderwets kuren is nog altijd de corebusiness van de Boheemse badhuizen.

Barokke suikertaart

Tsjechië telt achtendertig kuuroorden. De beroemdste daarvan liggen in het westen van het land, in de Boheemse Kuurdriehoek. Een halve eeuw lang kwijnde deze uithoek van het toenmalige Tsjechoslowakije weg achter het IJzeren Gordijn. De betonnen Oostblokflats die in veel andere steden werden opgetrokken bleven hier zodoende nagenoeg achterwege. Marianske Lazne, of Mariënbad zoals westerlingen het beter kennen, staat nog altijd vol elegante kuurhuizen, bronpaviljoens en paleishotels. Na de Fluwelen Revolutie van 1989 werd een begin gemaakt met het herstel en sinds Tsjechië in 2004 lid werd van de Europese Unie is al het erfgoed in oude luister hersteld. Sinds 2021 pronkt de Boheemse Kuurdriehoek op de Werelderfgoedlijst.

Zoveel schoonheid, en toch kijkt iedereen stuurs, want het medicinale bronwater smaakt naar rotte eieren.

SANDER GROEN

Nove Lazne, het ‘Nieuwe Badhuis’ uit 1896, is een suikertaart van een kuurhotel in barokke Bäderarchitektur. Het kuurgedeelte meet 1600 vierkante meter en biedt Romeinse baden, massagekamers, sauna’s en een solarium. Plus het Koningsbad en het Keizersbad, twee riante badkamers met oriëntaalse tegeltjes, Perzische tapijten, antiek meubilair, koperen baden, gebrandschilderde ramen en openslaande deuren naar een patio met parkzicht. Ze werden gebouwd voor de Britse koning Edward VII, destijds ’s werelds machtigste man, en keizer Frans Jozef I, heerser over het Oostenrijks-Hongaarse imperium, en zijn nu te huur voor 25 euro per uur.

Grandhotel Pupp is sinds 1701 de beste herberg van Karlsbad.
Grandhotel Pupp is sinds 1701 de beste herberg van Karlsbad. © Sander Groen

Mariënbad dankt haar bestaansrecht aan het mineraalwater dat opborrelt in honderd bronnen en rijk is aan zout, zwavel, ijzer en koolzuur. Elke bron heeft zo zijn kwaliteiten; de doktoren in de kuurhuizen vertellen waar je moet wezen voor welk gebrek. Een consult kost tien euro. Tijdens een drinkkuur dient dagelijks anderhalf tot twee liter water te worden gedronken, direct bij de bron. Daartoe zijn de kuurgasten uitgerust met porseleinen kannetjes met drinktuit. Over de bronnen zijn fraaie paviljoens opgetrokken, met de neobarokke colonnade uit 1889 als summum: een en al gratie, met gietijzeren bogen, glas-in-loodramen, bronzen beelden en fleurige fresco’s. Zoveel schoonheid, en toch kijkt iedereen stuurs, want het medicinale bronwater smaakt naar rotte eieren.

de gietijzeren Parkcolonnade in Karlsbad uit 1880, ontworpen door de Weense architecten Helmer en Fellner.
De gietijzeren Parkcolonnade in Karlsbad uit 1880, ontworpen door de Weense architecten Helmer en Fellner. © Sander Groen

Habsburgse spoorlijn

Mariënbad ligt niet ver van de Duitse grens en is vanuit België per spoor bereikbaar via Frankfurt, Neurenberg en Cheb. Ik bezoek de Boheemse Kuurdriehoek echter als driedaags uitstapje vanuit Praag. Op het hoofdstation drink ik een cappuccino in de oude vertrekhal, door Josef Fanta in 1901 ontworpen in jugendstil, om dan in de Pendolino te stappen. Die hogesnelheidstrein is ook te zien in de film Casino Royale, die in 2006 grotendeels in Tsjechië werd opgenomen. Net als James Bond reis ik eerste klas, met bediening aan tafel, en ook ik krijg gezelschap van een onbekende disgenoot, al lijkt zij niet op Eva Green alias Vesper Lynd, maar meer op Miss Gulch, de Boze Heks uit het Westen in The Wizard of Oz.

de oude vertrekhal van het hoofdstation van Praag werd in 1871 in jugendstil ontworpen door Josef Fanta.
De oude vertrekhal van het hoofdstation van Praag werd in 1871 in jugendstil ontworpen door Josef Fanta. © Sander Groen

Vanuit Mariënbad loopt spoorlijn 149 naar het grootste kuuroord, Karlovy Vary, beter bekend als Karlsbad. Op dit enkelsporige nevenlijntje rijdt eens per twee uur een kleine en rumoerige rood-groene dieseltrein van de particuliere vervoerder GW Train Regio. De spoorlijn werd aangelegd door de Kaiserlich-Königlichen Staatsbahnen en geopend in 1898. Ook de stationsgebouwen dateren uit de Habsburgse tijd en zijn schijnbaar sindsdien niet meer onderhouden. Snel gaat het niet en bij elk gehucht wordt halt gehouden, zodat de trein anderhalf uur doet over 56 kilometer.

Het deftige witte station van Mariënbad is keurig opgeknapt. Na vertrek maakt de trein een ruime bocht door het kuurpark en klimt dan door glooiende weilanden en loofbossen naar het hoogste punt, Ovesné Kladruby op 715 meter. Daarna gaat het via het Kaiserwald en door het dal van de Tepla naar het laagste punt, Karlsbad op 375 meter. Tunnels zijn er niet veel, bruggen des te meer; in de smalle delen van de vallei slingert het blauwe riviertje heen en weer, van links naar rechts, onder de trein door en weer terug. Al heeft de lokale bevolking er nauwelijks oog voor, dit is ’s lands plezantste treinreisje.

Baboesjka’s in bontjas

Karlsbad is de koningin der Boheemse kuuroorden. De stad is gelegen in een smalle vallei en de enige manier om er te komen is bovenlangs, zodat het lijkt alsof je komt aanvliegen. Honderden suikertaarten met jugendstil-gevels in zachtgeel, suikerspinroze of pistachegroen zijn tegen de valleiwanden opgestapeld, bronnen spugen heet water uit waar stoomwolken vanaf komen, langs de rivier rijden paardenkoetsen af en aan en er zijn grand cafés in Weense stijl. Liefde op het eerste gezicht: Karlsbad is zwieriger dan Salzburg, aangeharkter dan Disneyland, fleuriger dan een technicolorfilm en koketter dan Praag. Een sprookje.

in de neobarokke Kruisbroncolonnade zijn behalve bronnen ook een café en winkeltjes ondergebracht.
in de neobarokke Kruisbroncolonnade zijn behalve bronnen ook een café en winkeltjes ondergebracht. © Sander Groen

Dat dachten Beethoven, Bach en Mozart ook. Zij componeerden er lustig op los in Karlsbad. Casanova was hier, Goethe natuurlijk ook en tsaar Peter de Grote idem dito. Karl Marx blies hier uit van het schrijven van zijn magnum opus, Das Kapital. Russen waren destijds oververtegenwoordigd, getuige de uit de kluiten gewassen Russisch-orthodoxe kerk die flonkert als nooit tevoren, en zijn dat nu weer. Tussen de bronnen pendelen overdadig opgemaakte baboesjka’s in bontjas met getuite drinkkannetjes die kennelijk niet kitscherig genoeg kunnen.

Karlsbad is volledig op het kuurtoerisme ingesteld. Voor een drinkkuur kan ik terecht in vijf colonnades bij twaalf bronnen, met als indrukwekkendste de Vridlo of Sprudel, een hete geiser van 72 graden die veertien meter hoog spuit. Andere colonnades zijn van sierlijk gietijzer, van rijkelijk gedecoreerd hout of van natuursteen met eindeloze rijen classicistische zuilen. Voor een badkuur is er keuze uit vijf badhuizen. Ik kies voor de ‘terreinkuur’; aan weerszijden van de stad loopt honderd kilometer aan wandelpaden door de natuur – bergop, om de kuurgasten aan hun broodnodige lichaamsbeweging te helpen.

Casino Royale

Langs elegante vakantievilla’s uit de belle époque wandel ik naar het Malé Versailles, een meertje met een achttiende-eeuws restaurant en bijbehorend terras waar Goethe graag verpoosde. Naar de Diana-uitkijktoren neem ik een honderd jaar oude kabeltrein, maar op de terugweg stap ik uit bij het tussenstation. Langs verschillende uitkijkpaviljoens slingert een bergpad terug naar de benedenstad. Halverwege biedt het terras van restaurant Jeleni Skok een prachtig panorama op de sprookjesstad bij een ijskoude pul Tsjechische pilsener.

de badkamer van koning Edward VII in kuurhotel Nove Lazne is te huur voor 25 euro per uur.
De badkamer van koning Edward VII in kuurhotel Nove Lazne is te huur voor 25 euro per uur. © Sander Groen

Rond koffietijd bemachtig ik een tafeltje in het Weense café van Grandhotel Pupp. De oprichter van dit chique hotel uit 1701 was meester-patissier en nog steeds worden de taartjes hier gemaakt volgens zijn geheime recept. Van dé huisspecialiteit smulde Beethoven al in 1812: Pupp-taart – het smaakt beter dan het klinkt. Ook hier passeerde James Bond: in Casino Royale checkt hij in bij de receptie, dineert in het hotel-restaurant en logeert in kamer 405, die in werkelijkheid niet bestaat. Mijn kamer, nummer 143, blijkt minstens zo riant. Het balkon kijkt uit op de kabbelende Tepla en de sputterende Sprudel.

Zoals ook Agent 007 ondervond, is de trein de comfortabelste manier om door Tsjechië te reizen. Maar niet altijd de snelste. Mijn terugreis naar de hoofdstad gaat via een enorme omweg: eerst noordwaarts richting Dresden, in Usti nad Labem rechtsomkeer maken en dan zuidwaarts afzakken naar het eindpunt. Wat per bus in ruim twee uur kan, daar heeft sneltrein ‘Krushnohor’ drieënhalf uur voor nodig. Maar het hoeft niet altijd snel – Praag wacht wel. Ik zak achterover en beleef een prachtige reis langs het Ertsgebergte en Boheems Middelgebergte, slingerend over de rivieroevers van de Eger, Elbe en Moldau, met uitzicht op kathedralen, kloosters en kastelen. Na de badkuur, drinkkuur en terreinkuur dan nu de treinkuur.

Heen en terug

De nachttrein van European Sleeper, die van Brussel naar Praag zou rijden in 15 uur, is tot nader order uitgesteld. Mariënbad is vanuit Brussel per trein wel bereikbaar in 8,5 uur met overstappen in Frankfurt, Neurenberg en Cheb. Enkele reis vanaf 47 euro, boeken kan via b-europe.com, maar bahn.de/nl of cd.cz kan voordeliger zijn. De lokale trein naar Karlsbad rijdt ongeveer eens per twee uur; gwtr.cz

Het beste kuurhotel van Mariënbad is Nove Lazne uit 1896 met vijf sterren en kamerprijzen vanaf circa 100 euro. Grandhotel Pupp is sinds 1701 de beste herberg van Karlsbad, met vijf sterren en kamerprijzen vanaf 120 euro.

visitczechrepublic.com/be

Partner Content