- Op 7,5 uur van Brussel
...

Deze betoverende Duitse regio vlak bij Oostenrijk en Zwitserland is mooi in alle seizoenen, zeker ook in de herfst. Een ideaal punt van vertrek is het meer van Konstanz (ook wel Bodensee genoemd), in het mooie middeleeuwse stadje Lindau, dat zich Rivièra-achtige allures aanmeet zodra de zon er op de terrassen schijnt. Vandaar zet je koers naar een sprookjesachtige streek, met twee kastelen gebouwd in opdracht van Lodewijk II van Beieren. Allebei werden ze door Unesco uitgeroepen tot werelderfgoed. In het feeërieke Slot Neuschwanstein verwacht je elk moment een Disney-prinses te ontmoeten, in Slot Linderhof wandel je door de tuinen en maak je een boottochtje op een onderaards meer terwijl er muziek van Wagner klinkt. Na deze idyllische pauzes rijd je op je gemak naar Oberammergau, een typisch Beiers dorp dat even beroemd is om zijn houtsnijwerk als om zijn met trompe-l'oeils versierde rococohuizen. Die vind je ook in Garmisch-Partenkirchen - zeg gerust 'GaPa'. Boven het beroemdste wintersportoord van Duitsland torent de immense Zugspitze uit, de hoogste berg van het land. Wil je naar de top, dan rijd je eerst naar de Eibsee en neem je aan dat meer de kabelbaan. Eenmaal boven kun je bij helder weer al zien waar de reis je hierna zal brengen: naar het charmante stadje Murnau, waar Kandinsky en zijn levensgezellin Gabriele Münter 's zomers kwamen schilderen. Absolute aanrader: rij verder naar de Chiemsee, het grootste meer van Duitsland, waarin drie eilanden liggen. Op een daarvan bevindt zich Slot Herrenchiemsee, het derde kasteel dat Lodewijk II van Beieren liet bouwen en waarvoor hij duidelijk de mosterd in Versailles haalde. Algemene info: germany.travel/en Details en logies: deutsche-alpenstrasse.de/nl/home In het noordwesten van Wales, op nog geen twee uur rijden van Liverpool of Manchester, ligt een van de meest miskende schatten van het Verenigd Koninkrijk: het Nationaal Park Snowdonia. Een 2170 km2 groot golvend groen landschap dat kan bogen op de hoogste bergtop van Wales: de Snowdon. Enkele maanden geleden stelden de plaatselijke diensten voor toerisme een fonkelnieuwe route voor waarbij ze zich naar eigen zeggen lieten inspireren door de mythische Route 66 in de Verenigde Staten. Ieder zijn mening, maar gezien het decor - veengronden, moerassen en tientallen meren - lijkt een vergelijking met de sensationele North Coast 500 in de Schotse hooglanden ons passender. Wat deze circa 580 km lange tocht allemaal in petto heeft? Verrassende gletsjerdalen waaraan spectaculaire watervallen ontspruiten (zoals de Swallow Falls), uitgestrekte wouden waar het heerlijk wandelen is, het reusachtige middeleeuwse kasteel Conwy en zelfs vele kilometers strand. Geluk in zijn meest ongerepte vorm. Absolute aanrader: de klim naar de top van de berg Snowdon. Hier trainde Edmund Hillary alvorens in 1953 met succes de Mount Everest te beklimmen. Je kunt naar de top via een aantal goed bewegwijzerde wandelpaden of via de tandradspoorweg vanuit Llanberis. Het uitzicht is uiteraard adembenemend. Routebeschrijving, activiteiten en logies: snowdonia360.com In het Nederlands: de pieken van Europa. Met haar besneeuwde toppen, woeste bergrivieren, lieflijke gehuchtjes met rode daken, traditionele graanschuren en romaanse bruggen hoeft deze bergstreek in niets onder te doen voor de pracht van de Sierra Nevada of de Pyreneeën. Waar we ons precies bevinden? Op het kruispunt van de Spaanse regio's Asturië, Cantabrië en León, in het noorden van het land, waar groene valleien een gebied vormen dat tot biosfeerreservaat werd uitgeroepen. Wie deze streek wil verkennen, moet rekenen op een rit van ongeveer 220 km, zijsprongetjes niet meegeteld. Ons advies: vertrek in San Vicente en zet via een omweg koers naar Las Arenas. De tocht is een lange aaneenschakeling van ontdekkingen: het stadje Potes, waar je de lokale brandewijn orujo proeft, het streng uitziende klooster van Santo Toribio de Liébana, de prachtige dorpen Posada de Valdeón, Caín de Valdeón, Cangas de Onís en het eindpunt Las Arenas de Cabrales. Hoog boven je hoofd cirkelen gieren en steenarenden. Met veel geluk spot je in de bergen een van de laatste wilde wolven die Spanje rijk is. Absolute aanrader: een bezoek aan het Nationaal Park van Covadonga. Ideaal om te midden van het natuurschoon je benen te strekken aan de oevers van het Lago Enol en het Lago Ercina, twee gletsjermeren waar je in amper twee uur helemaal rondwandelt. Algemene info: spain.info en de lokale toeristische diensten Wie in deze streek niet wil opvallen, moet een busje huren en daar een surfplank aan vastsjorren, zo hoor je weleens. Maar buiten de zomermaanden zijn er langs de Atlantische kust maar weinig surfers te bekennen. Dé gelegenheid dus om in alle rust te genieten van een landschap dat zich dan langs de fraaie, door stuifwater bestookte kustlijn in een verbluffende kleurenpracht hult. Een ideaal vertrekpunt is het voor de Landes zo typische Biscarrosse, de perfecte plek om een eerste wandeling te maken en vervolgens te picknicken aan de oever van het meer. Na een rit van een dik uur zuidwaarts bereik je het natuurreservaat van de Courant d'Huchet, een rivier die zich als verstild in de tijd tussen duinen en dichte wouden slingert. Hier kun je je wagen achterlaten, in een bootje stappen en je door het vredige landschap laten varen. Nog zuidelijker mag je in geen geval het beroemde dennenwoud van Seignosse missen, ook wel de 'parel van de Landes' genoemd. Iets verderop is het badstadje Hossegor met zijn fraaie Spaanse villaatjes en art-decowoningen - en volgens sommigen ook een van de mooiste stranden van Frankrijk - een prettige halte. Zo mogelijk nóg charmanter is het naburige Capbreton, met de enige haven langs de kust van de Landes. Hier is het het hele jaar door zalig toeven, niet in het minst dankzij de uitstekende restaurantjes met uitzicht op zee. Absolute aanrader: een bezoek aan Dax, op een veertigtal minuten rijden van Seignosse. Trakteer jezelf op een welverdiende en ontspannende verwenpauze in een van de vijftien kuurcentra die het stadje rijk is. Bezienswaardigheden, logies, restaurants en evenementen: tourismelandes.com Het voordeel van de Abruzzen is dat toeristen deze streek nog niet echt platlopen. Zowel de glooiende, groene landschappen als de wegen zijn er in elk seizoen heerlijk rustig. Beetje bij beetje herstelt L'Aquila, de hoofdstad van de Abruzzen, zich van de vreselijke aardbeving van 2009, waarbij de middeleeuwse huizen, het Spaanse fort, de barokke kerken en de palazzi in renaissancestijl zwaar beschadigd raakten. De rest van de reisroute betovert zo mogelijk nog meer, want als je daar zin in hebt, kun je niet minder dan drie nationale parken doorkruisen. In elk daarvan tref je nagenoeg verlaten stenen dorpjes aan die zich al eeuwenlang aan de rotswanden lijken vast te klampen. Nog een paar haltes die de omweg waard zijn? De sublieme Gole del Sagittario, een paradijs voor fietsers in de zomer en voor skiërs in de winter. De spectaculaire bergvesting Rocca Calascio op het hoogste punt van de Apennijnen, vanwaar je een schitterend uitzicht hebt over de vallei. Het pittoreske dorp San Valentino, dat je bereikt na een rit door wijngaarden. Kortom, in deze streek, waar het vee vroeger in de zomer naartoe werd gebracht om de bergweiden te begrazen, toont de natuur zich van haar meest majestueuze kant. Absolute aanrader: Sulmona, de stad van dichter Ovidius. Niet alleen een plaatje om in rond te lopen, je kunt er ook een lokale specialiteit proeven: de confetti, snoepjes die wat weg hebben van onze suikerbonen en die worden bereid bij Pelino, het beroemdste snoepatelier van de stad. Info en adressen: italia.it/en