Het Nationaal Park Hoge Kempen verdubbelt van 60 naar 120 vierkante kilometer en verbindt voortaan de tien gemeenten As, Bilzen, Bree, Dilsen-Stokkem, Genk, Lanaken, Maaseik, Maasmechelen, Oudsbergen en Zutendaal. Dat blijkt uit het Masterplan 20-40 voor het Nationaal Park Hoge Kempen.

'Vlaanderen maakt van meer natuur en bos een prioriteit voor gans Vlaanderen. Ook ons Nationaal Park Hoge Kempen versterken is daarbij een prioriteit, en tegelijk toonaangevend voor de kwaliteit die de nog op te richten Vlaamse parken moeten uitstralen', zegt Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA).

Naar aanleiding van de tiende verjaardag van het Nationaal Park Hoge Kempen in 2016 daagde de Vlaamse overheid de regio uit om het Nationaal Park twee keer zo groot, zo mooi en zo sterk te maken. In samenspraak met meer dan dertig partners werd de voorbije jaren werk gemaakt van een masterplan waarin de missie, visie en ambities voor de Hoge Kempen voor de komende twintig jaar werden beschreven.

Lieteberg © Paul Hermans, Wikicommons

Vanaf 2020 verhoogt Vlaams minister Demir de structurele financiering van het Nationaal Park van de huidige 440.000 euro naar 630.000 euro per jaar. 'Met dit Masterplan 20-40 tonen alle partners en in het bijzonder de tien Limburgse gemeenten hun ambitie om natuur in Limburg alle kansen te geven. Hiermee bevestigen we de voortrekkersrol van Limburg als groenste provincie van Vlaanderen', stelt gedeputeerde Bert Lambrechts (N-VA).

In 2040 zal de Hoge Kempen als 'Vlaams Park' het omvangrijkste natuurgebied in Vlaanderen zijn. Bovendien moet het 'Nationaal Park'-waardig zijn en een internationale allure bezitten, waardoor het een bestemming voor natuurgericht toerisme in Vlaanderen en de aangrenzende regio's vormt.

De nieuwe deelgebieden van het Nationaal Park Hoge Kempen zijn Duinengordel, Bergerven en Thorpark ten noorden, en het Munsterbos op de grens met Haspengouw in het zuiden. De Bosbeekvallei, grenzend aan het Nationaal Park, krijgt extra aandacht als 'Ecologisch Impulsgebied' en verbindt de noordelijke deelgebieden met elkaar.

Nationaal Park Hoge Kempen © Nationaal Park Hoge Kempen

Drie nieuwe poorten

Om het Nationaal Park een dubbel zo sterk merk voor toerisme te maken, moeten meer dan duizend kilometer bewegwijzerde routes voor wandelaars, fietsers, ruiters en mountainbikers de bezoekers leiden. Daarbij blijven zes reeds bestaande poorten tot het Nationaal Park - Connecterra, Kattevennen, Lieteberg, Mechelse Heide, Pietersheim en Station As - een centrale rol vervullen in de toeristische ontwikkeling van de regio. Met de uitbreiding van het Nationaal Park komen er de komende jaren drie nieuwe poorten bij: Commanderij van Gruitrode, 't Eilandje en Thorpark.

Daarnaast moet het Nationaal Park twee keer zo mooi worden, waarbij het een thuis voor zeldzame dier- en plantensoorten vormt. Het Agentschap Natuur en Bos van de Vlaamse Overheid, de betrokken gemeenten en de natuurverenigingen Limburgs Landschap, Natuurpunt en Orchis engageren zich daarom voor een optimale inrichting van de bos- en natuurgebieden van de Hoge Kempen. Ze zijn als beheerders verantwoordelijk voor tachtig procent van de oppervlakte van het Nationaal Park. Zo moeten wegen die het Nationaal Park doorkruisen veilig zijn voor mens en dier, bijvoorbeeld door de bouw van ecoducten of ecotunnels.

Het Nationaal Park Hoge Kempen verdubbelt van 60 naar 120 vierkante kilometer en verbindt voortaan de tien gemeenten As, Bilzen, Bree, Dilsen-Stokkem, Genk, Lanaken, Maaseik, Maasmechelen, Oudsbergen en Zutendaal. Dat blijkt uit het Masterplan 20-40 voor het Nationaal Park Hoge Kempen. 'Vlaanderen maakt van meer natuur en bos een prioriteit voor gans Vlaanderen. Ook ons Nationaal Park Hoge Kempen versterken is daarbij een prioriteit, en tegelijk toonaangevend voor de kwaliteit die de nog op te richten Vlaamse parken moeten uitstralen', zegt Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA).Naar aanleiding van de tiende verjaardag van het Nationaal Park Hoge Kempen in 2016 daagde de Vlaamse overheid de regio uit om het Nationaal Park twee keer zo groot, zo mooi en zo sterk te maken. In samenspraak met meer dan dertig partners werd de voorbije jaren werk gemaakt van een masterplan waarin de missie, visie en ambities voor de Hoge Kempen voor de komende twintig jaar werden beschreven. Vanaf 2020 verhoogt Vlaams minister Demir de structurele financiering van het Nationaal Park van de huidige 440.000 euro naar 630.000 euro per jaar. 'Met dit Masterplan 20-40 tonen alle partners en in het bijzonder de tien Limburgse gemeenten hun ambitie om natuur in Limburg alle kansen te geven. Hiermee bevestigen we de voortrekkersrol van Limburg als groenste provincie van Vlaanderen', stelt gedeputeerde Bert Lambrechts (N-VA). In 2040 zal de Hoge Kempen als 'Vlaams Park' het omvangrijkste natuurgebied in Vlaanderen zijn. Bovendien moet het 'Nationaal Park'-waardig zijn en een internationale allure bezitten, waardoor het een bestemming voor natuurgericht toerisme in Vlaanderen en de aangrenzende regio's vormt. De nieuwe deelgebieden van het Nationaal Park Hoge Kempen zijn Duinengordel, Bergerven en Thorpark ten noorden, en het Munsterbos op de grens met Haspengouw in het zuiden. De Bosbeekvallei, grenzend aan het Nationaal Park, krijgt extra aandacht als 'Ecologisch Impulsgebied' en verbindt de noordelijke deelgebieden met elkaar. Drie nieuwe poortenOm het Nationaal Park een dubbel zo sterk merk voor toerisme te maken, moeten meer dan duizend kilometer bewegwijzerde routes voor wandelaars, fietsers, ruiters en mountainbikers de bezoekers leiden. Daarbij blijven zes reeds bestaande poorten tot het Nationaal Park - Connecterra, Kattevennen, Lieteberg, Mechelse Heide, Pietersheim en Station As - een centrale rol vervullen in de toeristische ontwikkeling van de regio. Met de uitbreiding van het Nationaal Park komen er de komende jaren drie nieuwe poorten bij: Commanderij van Gruitrode, 't Eilandje en Thorpark. Daarnaast moet het Nationaal Park twee keer zo mooi worden, waarbij het een thuis voor zeldzame dier- en plantensoorten vormt. Het Agentschap Natuur en Bos van de Vlaamse Overheid, de betrokken gemeenten en de natuurverenigingen Limburgs Landschap, Natuurpunt en Orchis engageren zich daarom voor een optimale inrichting van de bos- en natuurgebieden van de Hoge Kempen. Ze zijn als beheerders verantwoordelijk voor tachtig procent van de oppervlakte van het Nationaal Park. Zo moeten wegen die het Nationaal Park doorkruisen veilig zijn voor mens en dier, bijvoorbeeld door de bouw van ecoducten of ecotunnels.