...

'Niets is mooier dan een eigen wijn te maken en die aan anderen te laten proeven' In 2004 richtte Joris van Almenkerk (40), afkomstig uit een horecafamilie, zijn wijndomein op in Elgin, vlak bij de zuidkust van Zuid-Afrika. Twee jaar eerder waren hij en zijn vrouw Nathalie al verhuisd naar Zuid-Afrika: 'We komen allebei uit Oostduinkerke en hebben nog samen in de kleuterklas gezeten. Maar we waren een beetje uitgekeken op onze grijze zee.' Joris was toen 25, had rechten gestudeerd en leerde het vak van wijnbouwer op het wijndomein Mulderbosch, zijn vrouw Nathalie werkte er in de horeca: 'Zo hadden we net genoeg om rond te komen.' Op een dag kregen ze de kans?- met de steun van Joris' vader, die in Zuid-Afrika een golfterrein uitbaatte -? om een oude appelboerderij te kopen in de Elginvallei, waar de grond ook geschikt bleek te zijn voor wijnstokken. 'Vroeger wou niemand wijn maken in Elgin', zegt Joris. 'Het is de koelste streek van Zuid-Afrika, al is ze naar Belgische normen nog altijd warm. Maar vandaag zijn de zogenaamde cool climate wines zeer in trek. De druiven rijpen iets trager, waardoor ze aromatisch expressiever zijn en hun frisse zuren behouden. Intussen is Elgin een van de meest gewaardeerde wijnregio's in de Kaap.' Joris schreef zich in aan de wijnuniversiteit van Stellenbosch om alles over het vak te leren. In 2009 brachten hij en zijn vrouw hun eerste wijn van sauvignon blanc op de markt. Hij kreeg meteen hoge scores op wedstrijden en in wijngidsen: 'Dat was voor ons een fantastische start.' Nu hebben Joris en Nathalie vijftien hectare wijngaarden en zestien voltijdse medewerkers. Vanuit hun domein heb je een prachtig uitzicht over de vallei: 'Naar Zuid-Afrikaanse maatstaf zijn we een klein domein, het gaat uiteindelijk maar om tachtigduizend flessen per jaar. Maar het is hard werk, hoor. Een wijndomein absorbeert letterlijk je hele leven: elke morgen sta ik om halfzes op. Je wordt er ook niet rijk van. Pas sinds twee jaar maken we een beetje winst. Gelukkig hebben we een deel van de vroegere appelboomgaard behouden. We produceren een miljoen kilo appels per jaar, vooral bestemd voor de export. Dat is nog altijd onze belangrijkste bron van inkomsten. Van een deel van onze appels maken we cider. Daarnaast maken we ook wijn voor andere wijnbouwers in onze kelder, die eigenlijk te groot is voor onze eigen druivenproductie.' Intussen heeft het koppel twee dochtertjes, die ook tijd en aandacht vragen: 'Ja, ik heb weleens gedacht: mocht hier morgen een rijke koper voor de deur staan, dan verkoop ik alles. Maar ik zal dat niet doen. Want niets is mooier dan een eigen wijn te maken en die aan anderen te laten proeven. Als ik na mijn rechtenstudie advocaat was geworden, had ik altijd met mensen moeten omgaan die in de problemen zitten. Nu ontmoet ik voortdurend mensen die in vakantiestemming zijn en van het leven genieten.' Of hij België niet mist? 'Het lekkere eten en de leuke cafés wel,' lacht hij, 'maar ik kom drie à vier keer per jaar naar België, om familie en vrienden te bezoeken, en vooral om mijn klanten te ontmoeten. Als ik er ben, heb ik elke dag een degustatie of een tasting dinner in een restaurant. Belgen zijn grote wijnliefhebbers, ze vinden het ook leuk om de wijnmaker te ontmoeten. Wist je trouwens dat 60% van onze wijnen in België wordt verkocht?'Het is verdorie niet makkelijk geweest', zucht Koen Roose (44), hoog op de heuvel in de Elginvallei waar hij zijn wijndomein Spioenkop heeft uitgebouwd. De naam van het domein spreekt tot de verbeelding: Spioenkop is in heel Zuid-Afrika bekend als de plaats waar de Nederlandse Boeren slag leverden met de Engelsen. 'Hier waait altijd een zeebries die onze wijnstokken de nodige verkoeling brengt, zodat de wijnen fijn en elegant blijven. Het is precies zo'n plek die ik zocht toen ik in Zuid-Afrika wijnbouwer wilde worden.' Jarenlang voerde hij in België de beste Zuid-Afrikaanse wijnen in. Hij stond in het adressenboekje van veel sterrenrestaurants. 'Maar de drang om zelf wijn te maken, werd te groot. Voor mijn importbedrijf heb ik toen een gerant gezocht, zodat het kon blijven bestaan.' Niets wees erop dat deze West-Vlaming ooit in de wijn zou belanden: 'Ik kom uit een arbeidersfamilie, studeerde af als industrieel ingenieur en stapte in het bedrijfsleven. Ik dronk wel graag wijn en in avondschool volgde ik wijncursussen. Daar begon ik te dromen van een eigen invoerzaak. Maar er zijn zoveel invoerders in België, dus zocht ik een land dat toen nog niet zo bekend was. Toevallig las ik iets over Zuid-Afrika, en dat sprak me wel aan. Maar ik wilde er niet aan beginnen zonder ter plaatse geweest te zijn. In 1998 ging ik er met mijn vrouw Lore voor het eerst naartoe. Het was liefde op het eerste gezicht. Ik proefde er schitterende wijnen, en uiteindelijk ben ik er twee jaar gebleven, in Stellenbosch, het hart van de Kaapse wijnbouw. Ik werkte er op domeinen en raakte bevriend met wijnboeren. Na twee jaar kende ik de streek door en door, en kon ik mijn importbedrijf oprichten.' Maar de heimwee naar Zuid-Afrika knaagde: 'Ik bleef dromen, ik wilde terug. Van François Naudé, wijnmaker op het domein L'Avenir, kreeg ik het aanbod om er een tijd te komen wonen en werken. Mijn vrouw verzekerde me dat zij de zaak perfect een tijd alleen kon leiden.' Op L'Avenir leerde Koen alles over wijn, van het werk in de wijngaard tot en met de botteling. Toen ontdekte hij een stuk grond van vijftig hectare, een vroegere boomgaard in Elgin, die te koop stond: 'Er waren uiteraard twijfels. Mandela leefde toen nog en iedereen was bang voor wat er in het land zou gebeuren als hij stierf. Maar ik was nog banger dat ik ooit zou moeten zeggen: 'Ik kon mijn droom verwezenlijken en ik heb die kans verkeken.'' Dus verhuisde Koen met zijn vrouw. In 2005 plantten ze de eerste wijnstokken aan, een huis stond er nog niet: 'Eerst wilde ik een gebouw waar ik de wijnen kon maken.' Die wijnkelder ligt volledig ondergronds, zodat de temperatuur koel en constant blijft. Intussen zijn er bijna twintig hectare beplant met wijnstokken. 'Ik wil een nieuwe dimensie geven aan Zuid-Afrikaanse wijnen die de wereld nog nooit gezien heeft', zegt hij. Hij opent een fles riesling: 'Ik had onderschat hoe moeilijk het is om een wijndomein uit de grond te stampen. Maar niets gaat boven het euforische gevoel als je het eerste glas van je eigen wijn kunt uitschenken.'