DAG 1

9 uur: Grand Café

Pik een stadskaartje op bij l'Office de Tourisme (9, Boulevard des Lices) en ga het aan de overkant bestuderen bij een koffie in Grand Café Malarte (2, Boulevard des Lices). De authentieke tegels en imposante toog maken van dit café een populair adres onder les Arlésiens. Op de plattegrond wordt meteen duidelijk: Arles is een zakdoek groot. Het kost je amper vijftien minuten om van de ene naar de andere kant te slenteren.

9.45 uur: De erfenis van Vincent

Tijd om in de voetsporen te treden van Arles' beroemdste inwoner, Vincent van Gogh. De Nederlandse schilder woonde eind 19e eeuw ruim een jaar in Arles. Bizar genoeg is er slechts één museum waar een schilderij van hem hangt: de Fondation Vincent van Gogh (35, Rue du Dr. Fanton). De expo's wisselen en tonen vooral hedendaagse kunst, maar in de notulen staat beschreven dat hier altijd minstens één schilderij van Van Gogh in de publieke ruimte moet hangen. Als je de deur naar het dak van de Fondation opent, besef je plots dat het beroemde 'licht van Arles' écht bestaat. De zon weerkaatst op de okergele gevels en het resultaat is een kant-en-klaar schilderij.

© Veerle Helsen

12 uur: Legendarische apero

Vincent van Gogh borstelde in Arles meer dan driehonderd schilderijen en enkele locaties zijn nog altijd intact. Het beroemdst is Place du Forum, waar hij Terrasse du café le soir creëerde, met de blauwe sterrenhemel boven een Franse bistro. Het bewuste Café Van Gogh op het plein is vandaag jammer genoeg een tourist trap, laat je niet vangen om hier iets te drinken. Draai liever een kwartslag en wandel Grand Hôtel Nord-Pinus (14, Place du Forum) binnen. Onder meer Picasso, Peter Lindbergh en Christian Lacroix dronken of sliepen op deze legendarische plek. Het gebouw dateert uit de 18e eeuw en in de kamers staan originele meubelen van toen en later. De lobby en het café zijn vrij toegankelijk en deze zomer opent achterin ook een wijnbar waar je beroemde Franse domeinen à la Château d'Yquem per glas kunt bestellen.

13 uur: Lunch met sterren

Wandel voor de lunch richting Le Réfectoire (45, Chemin des Minimes), een bistro met gerechten van lokale sterrenchef Armand Arnal op de kaart. Je luncht er op een voormalige industriële site waar jarenlang treinen hersteld werden, en met zicht op hét museum waar iedereen over praat: Luma Arles. Het werd getekend door Frank Gehry - bekend van het Guggenheim Museum in Bilbao. Zijn glazen rotonde met stalen toren klimt hoog boven de skyline van Arles. De Amerikaanse architect vertelde aan The New York Times dat het ontwerp met tienduizend 'schitterende' panelen geïnspireerd is op het beroemde Van Gogh-schilderij Sterrennacht boven de Rhône.

lesmaisonsdarles.fr/fr/le-refectoire-arles

© HERVÉ HÔTE

14.30 uur: Talk of the town

De opening van het museum liep meer dan een jaar vertraging op, en pas in 2020 is het eindelijk zover. Maar de site eromheen, het Parc des Ateliers, is nu al open voor het grote publiek. In de voormalige treinhallen kun je terecht voor expo's en workshops, de tuin van de Belgische groenontwerper Bas Smets is in aanleg. In de zomer vindt hier ook (een deel van) Les Rencontres de la Photographie plaats, een van de grootste en meest prestigieuze fotofestivals ter wereld.

Zowel het gebouw van Frank Gehry als restaurant Le Réfectoire zijn eigendom van de Luma Foundation. Die kunstinstelling werd opgericht door Maja Hoffmann en Maja is talk of the town. Ze is de dochter van Luc Hoffmann, de ornitholoog die mee aan de wieg stond van het WWF, én erfgename in de Zwitserse farmagigant Hoffmann-La Roche. Volgens de Billionaire Index van Bloomberg is ze meer dan 4 miljard dollar waard. Ze groeide op in de regio en blaast nu zoveel nieuwe wind in Arles dat de inwoners haar tempo niet altijd volgen. Bij de start van de werken kwam er kritiek omdat de toren het landschap zou verstoren, maar intussen is het gebouw beginnen kiemen in de harten van les Arlésiens. De architectuurwandelingen zijn zo populair dat je ze maanden vooraf moet boeken.

17 uur: Design check-in

Maja's wind waait ook elders door de stad. In haar designhotel Le Cloître werden voormalige kloosterkamers kleurrijk ingericht door de Iraans-Franse ontwerpster India Mahdavi. De ingang van Le Cloître zit verborgen in een ansichtkaartstraatje, onder een imposante Anna Paulownaboom, en ondanks de hippe inrichting hangt hier de sfeer van een familiehotel. Het heeft een gezellige épicerie met een selectie á grignoter, dat fantastische Franse woord voor een kleine tussendoorsnack.

Enkele straten verderop is er intussen hotel L'Arlatan bij gekomen. Hoffman gaf er carte blanche aan de Cubaanse kunstenaar Jorge Pardo, die aan de slag ging met meer dan een miljoen (!) keramiektegels. Om zijn kunstige interieur te bewonderen hoef je niet in te checken, want het restaurant beneden en de lobby zijn vrij toegankelijk.

Maja en haar gedurfde projecten brachten hippe vibes naar Arles. De voorbije jaren opende het ene na het andere vernieuwende restaurant, nu zijn er zoveel dat je ze niet meer in één weekend uitgetest krijgt. Le Chardon (37, Rue des Arènes) heeft een gezellig terras in een minuscuul steegje en nodigt om de zoveel maanden een nieuwe chef uit. Simone & Paulette (21, Rue du Pont) is vernoemd naar twee grootmoeders en brengt de keuken van toen in een hedendaagse versie. Bij nieuwkomer Gaudina (13, Rue de l'Hôtel de Ville) aten we de lekkerste huisgemaakte paté ooit. Het restaurant heeft een vrouwelijke chef en is gevestigd in de oudste slagerij van de stad.

© Veerle Helsen

DAG 2

10 uur: Volg de Japanners

Door de straten van Arles wandelen is als een geschiedenisboek openen. Aan het Rond Point des Arènes staat een Romeins amfitheater van bijna tweeduizend jaar oud, en om de hoek zijn de ruïnes van een Théâtre Antique bewaard, dat dateert van net voor onze tijdrekening. De weg vinden is makkelijk: volg de stroom Japanners met selfiesticks.

12.30 uur: Groen walhalla

Een culinaire tip voor wie iets meer tijd heeft, is La Chassagnette (Chemin du Sambuc). Dat sterrenrestaurant ligt op ongeveer twintig minuten rijden buiten Arles. Chef Armand Arnal (van bistro Le Réfectoire hierboven) tovert met groenten en lokale vlees en vis. Hij bouwde rond zijn restaurant drie hectare moestuin, waar vijf tuiniers fulltime kruiden, groenten en bloemen kweken die uiteindelijk op je bord belanden. De tuin staat open voor de gasten en met een beetje geluk tref je er chef jardinier Claude, die graag vertelt over zijn groene walhalla.

16 uur: Alternatief shoppen

Arles is een alternatieve stad. Met de A van anders, afwijkend, afdwalend. Je vindt er geen enkele grote shoppingketen. Geen Mango, H&M of Fnac, maar ook geen Louis Vuitton of Chanel. Halleluja. De straten van Arles zijn gevuld met kunst en ambachten. Arles telt meer dan vijftig kunstgaleries en de stad bundelde ze allemaal in een wandeling, te downloaden via de app Arles Tour. Kleine, onafhankelijke winkeltjes met mode en design vind je in de Rue de l'Hôtel de Ville en de aangrenzende Rue du Quatre Septembre.

17 uur: Bar à vins

Dorst gekregen? Le Buste et l'Oreille is dé wijnbar van het moment (3-5 Rue du Président Wilson). 'Le buste' verwijst naar de Romeinse buste die hier enkele jaren geleden in de Rhône werd ontdekt en naar verluidt Julius Caesar zou afbeelden. 'L'oreille' komt dan weer uit een ander geschiedenisboek van Arles. De tuin van het hospitaal waar Vincent van Gogh verbleef na het oorincident (oktober 1888), is trouwens nog altijd te bezoeken en heet vandaag Espace Van Gogh (Place du Docteur Félix-Rey), op één minuut wandelen van de bar. De patio staat vol bloemen en is een bijna identieke kopie van het schilderij dat Vincent er maakte.

© Veerle Helsen

18 uur: Uitwaaien zonder zee

Arles ligt niet, zoals bekende zus Marseille, aan zee, maar toch kun je er uitwaaien. Waar? Aan de oevers van de Rhône. Je zult les Arlésiens niet vaak horen klagen, maar als ze het toch doen, gaat het meestal over de wind. Die komt via de rivier de stad in gewaaid en is vooral voelbaar op de Quai Marx Dormoy. Beschutting vind je in Actes Sud aan de kaaien (23, Place Nina Berberova), waarschijnlijk de enige boekwinkel ter wereld die ruikt naar een hamam, want achterin zit een sauna. Boekwinkels zoals Actes Sud maken ze vandaag niet meer. Het is er eindeloos verloren lopen in een labyrint vol gangen en hoeken, gevuld met veertigduizend titels. Cadeautip: in 2018 tekende de Belgische illustrator Brecht Evens voor de 40ste verjaardag van Actes Sud een fabelachtige schets van de stad. Die is apart te koop, of geprint op een notitieboekje. Koop er eentje als souvenir en doe zoals ik: schrijf op de eerste pagina 'Hier kom ik ooit terug'.

Heen & terug

Arles ligt op 990 kilometer (10 uur rijden) van Brussel. Met de trein kan ook, via een tussenstop in Marseille. Ook met het vliegtuig is de stad het makkelijkst te bereiken via Marseille, van daar is het nog één uur rijden.