Er ligt nog een laagje ijzel over de bush wanneer we, gezeten in een open terreinwagen, de zon langzaam zien opkomen over de savanne. Gewapend met muts, jas en een fleecedekentje houden we halt nabij een open stukje savanne.
...

Er ligt nog een laagje ijzel over de bush wanneer we, gezeten in een open terreinwagen, de zon langzaam zien opkomen over de savanne. Gewapend met muts, jas en een fleecedekentje houden we halt nabij een open stukje savanne. Het is winter in Namibië, maar ondanks de bitterkoude nachten stijgt de temperatuur er overdag vlotjes tot 25°C. We zijn voor dag en dauw uit de veren om stokstaartjes te spotten. Deze grappige beestjes brengen 's morgens een groet aan de zon. We wachten geduldig ruim een half uur, maar behalve wat opvliegende vogels zien we helemaal niets. De stokstaartjes hebben bij dit koude weer besloten om uit te slapen. Wij zetten onze tocht verder en worden uiteindelijk toch beloond voor het vroege opstaan: we spotten een cheeta, een grootoorvos, Kaapse hartenbeesten, wilde honden en een vrolijke familie bavianen. Dit stukje hemel op aarde is eigendom van Zannier. Met de gloednieuwe lodge Omaanda opent de in België wonende Arnaud Zannier weer een nieuw hotel. Hij is een telg van de Franse familie Zannier, die naam en faam maakte in de textielindustrie. Arnaud zag geen toekomst meer in de modesector en stelde zijn vader voor om de familiebusiness uit te breiden. 'Eigenlijk is het simpel: ik hou van mooie interieurs, van een indrukwekkende omgeving en van kunst. Als het goed zit, zijn al deze elementen in een hotel aanwezig', vertelt hij. 'Ik reis graag, maar de meeste luxehotels stellen teleur. Ze willen vooral imponeren, terwijl ik hou van discreet, authentiek en sober, maar wel met een gesofisticeerde gastvrijheid.' Vader Zannier begrijpt aanvankelijk niet helemaal wat hij bedoelt, maar hij ziet wel iets in een nieuwe business. Hun eerste project wordt Le Chalet in Megève. Het boetiekhotel met vijf sterren is een schot in de roos en kaapt verscheidene prijzen weg. Intussen opende in 2015 Phum Baitang in Siem Reap, Cambodja en vorig jaar 1898 The Post in Gent.Bij de opening van het hotel in Cambodja ontmoet Arnaud Angelina Jolie. Het is via haar dat hij Namibië leert kennen en er uiteindelijk ook een stuk land koopt. 'Ik was volop bezig met een nieuw project in Vietnam. Dit resort was eigenlijk niet gepland', vertelt Arnaud. 'Het landgoed van negenduizend hectare kwam op de markt en de eigenaar wilde het verkopen om er huizen op te zetten. Angelina Jolie, die het aanpalende wildlifereservaat N/a'an ku sê al jaren steunt, belde me om te vragen of ik geen interesse had om in Namibië een lodge te openen. Ik ging kijken en was meteen enthousiast.' Dat Arnaud Zannier verliefd werd op Namibië is niet zo vreemd. Gelegen aan de Atlantische Oceaan tussen Angola en Zuid-Afrika en in het binnenland grenzend aan Zambia en Botswana, heeft het een indrukwekkend en gevarieerd landschap. Van de woestijn met haar metershoge rodezandduinen, naar reusachtige rotsplateaus, over bushvelden tot moerassen en bossen. Omaanda is gelegen op slechts een halfuurtje rijden van de luchthaven in hoofdstad Windhoek. Maar toch ligt het in het midden van nergens. Al na enkele kilometers verlaten we de geasfalteerde weg, draaien we een verhard zandpad op, en worden we opgeslokt door de savanne. De hele rit komen we geen levende ziel tegen, tot we plots voor een poort staan en een portier het hek openschuift. Hier begint het resort. We volgen een smalle zandweg, bewonderen de wilde honden die we kruisen en rijden een heel eind de heuvel af. In de verte doemt het kamp op: twaalf luxueuze ronde hutten, geïnspireerd op de traditionele architectuur van de Owambo. De hutten hebben niets protserigs en vallen wonderwel samen met de natuur eromheen. De inrichting is Afrikaans, sober, stijlvol en tegelijkertijd erg luxueus: een bad with a view, een terras in de schaduw met zicht op een dam, een walk-indressing en een kingsize bed. Zannier werkt met interieurarchitecte Geraldine Dohogne, maar Arnaud zet zelf de lijnen uit: 'Van de fauteuils tot het kleinste lepeltje, alles sluit perfect aan bij mijn persoonlijke smaak. Ik laat me daarbij inspireren door de lokale cultuur en omgeving. Er is niets afschuwelijker dan een hotel dat niet past in de streek, dat eender waar zou kunnen staan.' Hotelmanager van Omaanda is Steven Jacob. Zijn naam en licht Antwerpse tongval verraden meteen zijn roots. Samen met zijn vrouw Annelie Maes ruilde hij Le Chalet in het Franse Megève in voor de Namibische savanne. Hij leidt ons rond langs de infinity pool en de kleine maar verfijnde spa. De vergezichten op de vele loungeplekjes nabij de lobby en de bar zijn adembenemend. Annelie bereidt ondertussen de lunch. Zij is een discipel van Julien Burlat, de voormalige chef van sterrenrestaurant Le Dôme in Antwerpen, die zijn zaak verkocht en nu voor de Zannier-hotels food consultant is. Julien en Annalie gebruiken zo veel mogelijk lokale en seizoensgebonden producten. 's Middags serveren ze een frisse lunch en 's avonds een delicieus menu. Niet sensationeel, wel geraffineerd. Een eerlijke heerlijke keuken. Over het onderhoud van de negenduizend hectare hoeft het hotelmanagement zich niet te bekommeren, daarover ontfermen de buren van wildelifereservaat N/a'an ku sê zich. Zij vangen neushoorns, olifanten, zebra's en andere wilde dieren op die gewond raakten door menselijk geweld. Wanneer de dieren voldoende hersteld zijn, worden ze vrijgelaten in het Zannier-reservaat. N/a'an ku sê zorgt ook voor de bewaking van het terrein. Een hachelijke onderneming sinds er twee witte neushoorns wonen. De witte neushoorn is nog altijd met uitsterven bedreigd en erg gewild door stropers om hun hoorn. De bewakers houden zich dag en nacht schuil in de bush. We krijgen ze, net als de witte neushoorns zelf, tijdens ons verblijf niet te zien. Wildlife hoeft ook niet de ultieme reden te zijn om Omaanda te bezoeken. Een goed boek aan het zwembad, genietend van het uitzicht, het prachtige decor, de attente bediening en exquise gerechten... Luxe kan inderdaad soms pretentieloos mooi zijn.