Er staan twee kaarsenhouders van gietijzer op onze tafel. De ene stelt een kikker en de andere een pad voor. Ooit zei een vrouw tegen mij: 'Die amfibieën zijn het mooiste dat je in huis hebt.' Ik wist niet of ik dat een compliment vond, maar de kikker en de pad zijn mij dierbaar gebleven. Ze doen mij denken aan een spreekwoord dat mijn grootvader graag gebruikte. 'Ontwijk je een puit,' zei hij, 'dan kom je een padde tegen.' Het was boeddhisme in een notendop: dat je beter uitkijkt wat je wenst en dat je je lot toch niet kunt ontlopen.
...