Honden hebben baasjes, katten hebben personeel. Wie die kwinkslag bedacht, was vast eerder een katten- dan een hondenmens. Iemand zoals mijn vrouw en ik. In de lente van 2009, enkele maanden nadat onze hoogbejaarde vorige werkgever het tijdelijke met het niets verwisselde, namen twee vijf jaar oude asielzoekers ons vast in dienst. Zeven dagen op zeven, dag en nacht. Allemaal voor een hongerloontje van wat strategisch gevlij, bemoedigend gespin, schalks geklauw en stofzuigerzakken vol rosse en grijze haren. Als bonus trakteren beide despoten ons af en toe op een spitsmuisje, een kikker of een meikever. Leve...