Elk jaar wordt er zo'n 53 miljoen ton textiel geproduceerd, waarvan 70 procent niet verkocht en dus vernietigd wordt. In de jaren zestig, voor de opkomst van fast fashion, was dat geen half miljoen ton. 30 procent van alle nieuwe kleding - 150 miljard stukken elk jaar - gaat niet naar een winkel, maar rechtstreeks naar de stortplaats. Slechts 10 procent van wat er in onze kast hangt, dragen we regelmatig.
...

Elk jaar wordt er zo'n 53 miljoen ton textiel geproduceerd, waarvan 70 procent niet verkocht en dus vernietigd wordt. In de jaren zestig, voor de opkomst van fast fashion, was dat geen half miljoen ton. 30 procent van alle nieuwe kleding - 150 miljard stukken elk jaar - gaat niet naar een winkel, maar rechtstreeks naar de stortplaats. Slechts 10 procent van wat er in onze kast hangt, dragen we regelmatig. We kopen en gooien meer kleding weg dan ooit tevoren. Dat is grotendeels te verklaren door de dominantie van fast fashion-merken, die hun businessmodel bouwen op het verkopen van grote hoeveelheden tegen kleine prijsjes. Een merk als Zara ontwerpt twintigduizend stukken per jaar. Zo willen ze hun klanten aansporen om vaak nieuwe dingen te kopen. En dat werkt. Het Amerikaanse consultancybureau McKinsey & Company berekende zopas dat we jaarlijks 60 procent meer kopen dan twintig jaar geleden. Wat al die cijfers duidelijk maken, is dat onze winkels en kleerkasten uitpuilen. 'Er is te veel mode vandaag, te veel kleding, te veel van alles', zei Miuccia Prada nog na haar laatste show, afgelopen september in Milaan. 'We hebben iets nodig dat blijvend is, niet wegwerpbaar.' Een straffe uitspraak van iemand die zich, zo geeft ze toe, mee schuldig voelt voor dat 'te veel van alles'. De industrie is niet de enige schuldige. Ook wij, als consument, zijn medeverantwoordelijk voor die enorme afvalberg. De oplossing ligt nochtans voor de hand: minder kopen, en beter. Of toch op zijn minst bewuster. Wordt de vraag naar kleding minder, dan zal het aanbod volgen. Stel jezelf daarom wat vaker de vraag: zal ik het meer dan een paar keer dragen, voor het achteraan in mijn kast belandt? En laat de kwaliteit van het kledingstuk dat ook toe? De gemiddelde levensduur van een fast fashion-item zou niet meer dan tien draagbeurten zijn. Is het materiaal zacht en de afwerking stevig? Kan ik het onderhouden? 'Buy less, buy better' is ook de filosofie achter Graanmarkt 13, de winkel van Ilse Cornelissens en haar man Tim. Enkele jaren geleden besloten zij geen solden meer te doen. Daardoor moesten ze een aantal grote merken laten vallen en kopen ze een pak minder kleding in. 'Ik vind het leuk om stil te staan bij wat we níét hebben besteld, en dus niet hebben laten produceren', zegt ze in Knack Weekend Black deze week. Het wordt tijd dat we mode herwaarderen. Als je T-shirt niet meer kost dan je meeneemkoffie, belandt het bij de eerste sporen van veroudering al snel in de vuilnisbak. Dat zou waarschijnlijk niet het geval zijn als dat T-shirt duurder was. Of als je eraan was gehecht. Want waarde gaat om meer dan de prijs alleen. Een vintage T-shirt van twintig euro heeft voor jou misschien meer waarde dan je designerhandtas. Omdat het zeldzaam is. Omdat het van een merk is dat niet langer bestaat. Of simpelweg omdat je het van je eerste lief kreeg. Waardevolle mode gaat een leven lang mee. Lang leve mode. Lang leve de mode die lang leeft.