Elke ochtend rond zes uur, halfzeven, doet Ellen Verbeek (47) waar ze vroeger nooit in slaagde. Ze staat op. Misschien is het omdat ze vandaag op een berg woont, of omdat ze in Italië de seizoenen beter aanvoelt, maar sinds maart van dit jaar is Ellen een ochtendmens. Ze maakt een kop koffie, terwijl ze door de keukenramen of op haar terras uitkijkt over Sant'Elpidio a Mare, haar nieuwe dorp, en de omliggende heuvels. Vervolgens stapt ze in de wagen, rijdt door de historische steegjes van het dorp naar beneden, waar ze zo'n tien minuten later parkeert aan het water om, zoals elke dag, te zwemmen in de zee. 'Nooit zie ik iemand anders zwemmen', zegt ze. 'Tenzij mijn bijna gepensioneerde buurvrouw die soms meekomt. Italianen zwemmen niet in de zee. Ze baden alleen maar wat.' Zelf vindt de schoenontwerpster het heerlijk om zo aan de dag te beginnen. 'Het is ook de enige sport die ik hier tijdens de warme zomers kan doen.'
...

Elke ochtend rond zes uur, halfzeven, doet Ellen Verbeek (47) waar ze vroeger nooit in slaagde. Ze staat op. Misschien is het omdat ze vandaag op een berg woont, of omdat ze in Italië de seizoenen beter aanvoelt, maar sinds maart van dit jaar is Ellen een ochtendmens. Ze maakt een kop koffie, terwijl ze door de keukenramen of op haar terras uitkijkt over Sant'Elpidio a Mare, haar nieuwe dorp, en de omliggende heuvels. Vervolgens stapt ze in de wagen, rijdt door de historische steegjes van het dorp naar beneden, waar ze zo'n tien minuten later parkeert aan het water om, zoals elke dag, te zwemmen in de zee. 'Nooit zie ik iemand anders zwemmen', zegt ze. 'Tenzij mijn bijna gepensioneerde buurvrouw die soms meekomt. Italianen zwemmen niet in de zee. Ze baden alleen maar wat.' Zelf vindt de schoenontwerpster het heerlijk om zo aan de dag te beginnen. 'Het is ook de enige sport die ik hier tijdens de warme zomers kan doen.' De Italiaanse regio Le Marche, waar de nieuwe thuis van Ellen Verbeek zich bevindt, ligt aan de Adriatische kust. In andere woorden: aan de kuit van de laars. 'Het is een regio die ik al ken sinds ik twintig jaar geleden mijn schoenenmerk oprichtte', zegt Verbeek wanneer we elkaar in Antwerpen ontmoeten, waar ze ook nog geregeld komt. 'In de jaren zeventig en tachtig ontplofte deze streek als schoenindustrie. Bijna elk huis had achterin een garage waarin schoenen werden gemaakt. Er werd geëxporteerd over de hele wereld. Hoe de Italianen het deden zonder één woord Engels te spreken, weet ik niet. Maar ook vandaag worden de meeste 'made in Italy'-schoenen nog in Le Marche gemaakt. Ik werk er met oudere, ervaren vakmensen die mijn architecturale ideeën weten om te zetten in moderne, draagbare schoenen. In het verleden heb ik ook met producenten in Portugal en Spanje geëxperimenteerd, maar nergens zijn de schoenen zo zacht en kwaliteitsvol als hier.' Toen ze nog in België woonde, vroeger in Antwerpen en de laatste jaren in Schiplaken, trok Ellen Verbeek zo'n vier keer per jaar naar Le Marche om producties op te volgen, fabrikanten te bezoeken en nieuwe stalen te ontwerpen. Dan boekte ze logement vlak bij haar lokale contacten. 'In de winter een hotel met sauna, omdat het er dan zo koud is. En in de zomer een agriturismo. In de zomer gingen er vaak vrienden of familie mee. Terwijl ik producenten bezocht, maakten zij uitstapjes in de omgeving.' Het is zo dat ze stilaan verliefd werd op de streek en vooral op het dorp Sant'Elpidio a Mare, waar ze vandaag woont. 'Het is er gewoon fantastisch. Het historische dorp is gebouwd tegen een bergwand en heeft gezellige steegjes, prachtige uitzichten, gebouwen uit de middeleeuwen en toffe bars waar geregeld jazzconcerten zijn.' Het is in zo'n middeleeuws huis, met vier verdiepingen, tegen de bergwand, dat Verbeek vandaag woont. 'Ik wilde weg uit België voor het licht', zegt ze. 'Het is er altijd zo grijs en dat werkt op mijn gemoed. Ik speelde al langer met het idee om naar Italië te verhuizen. Daar is het licht altijd mooi. Zelfs in de winter, als het er ijskoud en vochtig is, schijnt de zon. Daarnaast wilde ik mijn producties efficiënter kunnen opvolgen. Met mijn leveranciers in dialoog gaan lukt gewoon beter ter plaatse in plaats van tekeningen en opmerkingen via mail te moeten sturen.' Het idee om te verhuizen werd concreet toen ze vorige winter in Sant'Elpidio a Mare was voor een werkbezoek en, zoals altijd, even langs Ristorante Ponti Oscuri wandelde, een heerlijk authentiek restaurant met buitenterras in een van die typische smalle steegjes van het dorp. 'In dat restaurant heb ik jaren geleden vreselijk veel plezier gehad met twee van mijn neven, Nathan en Vincent, die wel vaker meekwamen naar Italië. Het zijn de kinderen van mijn zus Saskia, die acht jaar geleden overleed na een ziekte. Mijn zus had drie zonen, helaas is een van hen, Nathan, met wie ik toen die leuke avond beleefde, kort nadien ook overleden. Dat was een heel emotionele periode, ook omdat ik een goede band heb met mijn neven. Ik mis mijn zus en neef heel erg en uit nostalgie wandelde ik vorig jaar nog eens langs dat restaurant, door die steeg. Toen ik de hoek omging, zag ik een bordje aan een huis hangen met 'si vende' op. Je had er een prachtig uitzicht over de omgeving en uit nieuwsgierigheid belde ik naar het nummer op het bordje.' Een zekere Marco nam op en het huis bleek van een voorname familie uit Turijn te zijn. De grootmoeder had er jarenlang in gewoond, maar nu ze overleden was, wist de familie, die nog een emotionele band voelde met het huis, niet precies wat ze ermee moest aanvangen. Ze hingen dan maar een klein bordje met 'te koop' voor het raam, zonder het pand ook online te zetten. 'Eigenaar Marco heeft na mijn telefoontje een vriend uit het dorp ingeschakeld om mij het huis te laten zien', zegt Ellen Verbeek. 'Ik vond het meteen prachtig. Het heeft van die oude cotto-tegels op de vloeren, vier slaapkamers en twee terrassen van waarop je uitkijkt op het landschap, dat elk dag anders kleurt. Het is een oud huis, maar de vorige eigenaars waren ingenieur-architecten die het gebouw al wat gemoderniseerd hebben, met dubbele ramen en een goed verwarmingssysteem. Maar onmiddellijk kopen, dat durfde ik niet.' In plaats daarvan sloot Ellen Verbeek een deal met de familie. Ze stelde voor het huis eerst een jaar te huren, om daarna pas te beslissen of ze het ook effectief zou kopen. 'Ik wil eerst een volledig jaar met al zijn seizoenen meemaken in dit dorp', zegt ze. 'Want hoewel het een stap is waar ik al langer over loop te denken, is het toch niet evident. De gezondheid van mijn mama in België is niet zo goed. Ik weet bovendien dat ik de levendigheid van een stad ga missen. Ik heb hier ook nog geen echte vrienden. De eerste maanden zijn er veel familieleden en vrienden uit België komen logeren. Dat was supergezellig en het huis is er groot genoeg voor. Maar ik moet ook tijd maken om te investeren in nieuwe, lokale vriendschappen. Mijn Italiaans is helaas nog niet vlot genoeg om echt nieuwe mensen te leren kennen en hier spreekt bijna niemand Engels.' De eerste maanden op haar berg in Sant'Elpidio a Mare voelde Verbeek zich dan ook niet zo goed. 'Ik heb bij momenten buikpijn gehad van de stress. Mijn wortels liggen hier niet. Doordat ik geen kinderen heb, kon ik vrij gemakkelijk beslissen om naar het buitenland te verhuizen, maar ik ben ook niet graag alleen en moet nu leren om opnieuw te beginnen, zonder familie en vrienden. Ik kan moeilijk elke dag een van mijn fabrikanten aanklampen om met mij te gaan lunchen in mijn gebrekkige Italiaans. (lacht) Ik overweeg nu een spoedcursus Italiaans te volgen, een onderdompeling van een maand. En daarnaast leer ik te accepteren dat ik hier een ander soort leven zal hebben dan in België. Minder stad en cultuur, meer lezen en natuur. Je hebt hier prachtige afgelegen stranden en mooie natuurgebieden, zoals rond Monte Conero, een berg die letterlijk in de zee neervalt. En sinds mijn aankomst in maart heb ik al meer dorpelingen leren kennen. Ik vind het gezellig om elke dag dezelfde figuren op het terras te zien aperitieven, zo tegen zessen. Er is hier een soort sociale controle en ik weet dat ze voor mij zouden zorgen, mocht er iets gebeuren.' Hoewel de eerste maanden, zoals elk nieuw begin, razend spannend waren, heeft ze toch ook al vreselijk veel gelachen. 'De gewoonste zaken worden in zo'n historisch dorp al snel een spektakel', zegt Verbeek. 'Neem nu mijn verhuis. Gezien de smalle steegjes kon de verhuiswagen niet tot aan mijn deur rijden. Ik had onder meer een nieuwe zetel gekocht, bij Roche Bobois. Die worden in Italië gemaakt, dus ik dacht dat de levering wel vlot zou verlopen. Maar aangezien mijn huis zo moeilijk bereikbaar is, heb ik tientallen foto's en video's moeten doorsturen naar de chauffeur van Roche Bobois om hem te tonen hoe hij met zijn vrachtwagen het dorp moest binnenrijden en welke straten hij precies moest nemen. Als je dan uiteindelijk twee sympathieke mannen door de smalle straten ziet sleuren met je gloednieuwe sofa, is dat absurd grappig. Of die keer dat ik nieuwe foto's wilde maken voor mijn huidige wintercollectie. Normaal doe ik dat in België, waar ik fotografen, modellen en leuke locaties ken. Nu wilde ik voor het eerst in Italië shooten. Alleen valt er met Italianen zo moeilijk af te spreken dat ik een dag voor de shoot nog niet wist of de fotograaf zou opdagen, of de locatie die ik voor ogen had haar goedkeuring zou geven en wie mijn model zou zijn. Uiteindelijk daagde de fotograaf op, maar moesten we last minute een nieuwe locatie bedenken en is mijn nicht Marjolein, die gynaecoloog is maar hier toevallig op bezoek was, model van dienst geweest. Ze is de vrouw van een van die twee neven waarover ik net sprak. Het was een noodoplossing, maar daardoor hebben we die dag wel heel veel gelachen.' Meegaan in een ander ritme, loslaten, verandering accepteren. Het voorbije halfjaar moest Ellen Verbeek wennen aan de Italiaanse manier van leven. Ook omdat ze soms het gevoel heeft dertig jaar terug in de tijd te leven. 'Neem nu mijn gas- en elektriciteitsrekeningen', zegt ze. 'Om die te kunnen betalen, moet ik met mijn factuur naar zo'n typische tabaccheria omdat je die rekeningen niet vanuit een Belgische bankrekening kunt betalen. Die uitbater van die tabakswinkel betaalt dan voor mij en neemt daar uiteraard een commissie op. Intussen vind ik dat best charmant, maar soms voelt het alsof ik leef in een wereld zonder internet. In Milaan of Rome is dat anders, maar in dit kleine dorp zijn de mensen niet echt innovatief. Ze zijn cultureel heel begaafd en geletterd, kunnen uren palaveren over Dante of Griekse mythologie, maar voor vernieuwende ideeën moet je hier niet zijn. Dat mis ik soms wel.' Gelukkig leerde ze een gelijkgestemde kennen, haar redder in nood, een Nederlandse man die al vijftien jaar in de regio woont en haar de belangrijkste cultuurverschillen uitlegt. 'Hij heet Machiel van Dam en komt uit Groningen. Hij heeft hier meer dan tien jaar een B&B uitgebaat, samen met zijn vriend, maar dan zijn ze uit elkaar gegaan. Machiel heeft het nadien een tijd moeilijk gehad en kan zich perfect inleven in hoe ik me voelde die eerste maanden. Vandaag heeft hij een huis laten bouwen in Montefiori dell'Aso, met zee- en bergzicht, waar hij geweldige massages geeft, anderhalf uur lang. Hij is heel begaan met zijn cliënten. Zijn huis is helemaal uit beton en glas gemaakt, het was totaal niet evident om de Italiaanse architect daarvan te overtuigen. Zulke huizen zijn ze hier niet gewoon. Machiel woont op anderhalf uur van mij, maar toch kan ik hem altijd bellen als ik ergens mee zit. En hij bevestigt het: Italianen plannen hooguit een dag of twee op voorhand en dan nog verandert het plan geregeld. Dan denk je te gaan eten bij die ene vriend, beland je uiteindelijk aan de andere kant van het dorp bij een hele hoop onbekende mensen. Ik word er soms gek van. Ik ben het gewend om de zaken goed op voorhand af te spreken, maar uiteindelijk komt alles wel altijd goed. En je maakt hier tenminste wat mee.' (lacht)De volgende maanden is Ellen Verbeek van plan een nog nauwer contact op te bouwen met haar producenten. Iets waar ze naar uitkijkt, want schoenen zijn na al die jaren nog steeds haar grootste passie. Of het nu om die houten hak, de leren binnenzool of de gestikte voering gaat, elk aspect van het ontwerpproces behandelt ze met evenveel aandacht en precisie. 'Nu ik hier woon, wil ik mij nog meer in de mogelijkheden verdiepen', zegt ze. 'Daarvoor zal ik eerst in de gading moeten vallen bij de producenten, want de klant is hier niet zomaar koning. Of je nu een groot of klein merk bent, de Italianen moeten een klik met je voelen, anders krijg je niets gedaan. Dat betekent dat ik de komende tijd veel koffies zal gaan drinken, over het weer zal moeten praten en over de geschiedenis van Pompeï of een ander hoogtepunt uit de Italiaanse cultuur. Pas daarna zal er over zolen gesproken worden. Het is een heel andere aanpak dan in België en als ik hier vroeger voor een korte periode was, vond ik dat best tijdrovend en stresserend. Maar nu ik hier woon, ben ik van plan er helemaal in op te gaan.' Als straks die spoedcursus Italiaans achter de rug is, zou dat wortel schieten weleens goed vooruit kunnen gaan.