Adviesbureau McKinsey & Co. en Global Fashion Agenda brachten vorige week een rapport uit, 'Mode over het klimaat', als wegwijzer voor groene mode. De modewereld is niet goed bezig, zo blijkt. In 2018 was ze verantwoordelijk voor vier procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen, ongeveer evenveel als het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk samen. Om tegen 2030 onder de kaap van 1,5°C klimaatopwarming te blijven, is de input van de modewereld cruciaal voor de hele planeet. Maar hoe kan deze ecologisch schuld rechtgezet worden? Door de jaarlijkse CO2-uitstoot met 1,7 miljard ton verminderen, klinkt het. Een ambitieus doel, maar het is nog niet te laat volgens Eva Kruse, CEO van Global Fashion Agenda. 'Corona toont aan dat alles samenhangt en dat we wel degelijk in staat zijn tot verandering.' Dat is hoogst nodig, want er is op alle niveaus heel wat werk aan de winkel. Gelukkig is er een schokdemper: investeren in duurzaamheid kost minder dan je denkt, op voorwaarde dat ingrijpende veranderingen gecoördineerd plaatsvinden over de hele modewereld. In dit rapport berekenden experts alvast hoe producenten, merken en consumenten apart kunnen bijdragen tot de oplossing.

Actie in de productie

Een T-shirt legt van katoenplant naar draagbaar kledingstuk een lange weg af, waarbij veel CO2 wordt uitgestoten. Dat is voornamelijk te wijten aan de verouderde productietechnieken die kostbare energie verspillen. Er is nog veel werk aan de winkel, maar het loont de moeite. Als morgen de hele modewereld zou overstappen naar de nieuwste productietechnieken en hernieuwbare energie, zou dat goed zijn voor een vlotte één miljard ton minder broeikasgassen. Dat is uiteraard puur hypothetisch, maar het brengt scherpe verhoudingen aan het licht. Van de 1,7 miljard ton te besparen CO2, moet 61 procent bespaard worden in het productieproces. Producenten zijn erbij gebaat zo snel mogelijk actie te ondernemen, waarschuwt co-auteur van het rapport Morten Lehman. 'Klimaatverandering gaat niet zomaar weg en zal diepgaande effecten hebben op de productie.'

Overdaad schaadt

Naast de producenten, kunnen ook merken hun steentje bijdragen door slimme keuzes te maken wat materiaal, transport en verpakking betreft. Kleine gebaren maken over de hele modewereld een groot verschil Toch zijn het niet allemaal details. Uit dit rapport blijkt dat labels achttien procent van de te besparen CO2 in handen hebben. De belangrijkste uitdaging hierbij is het limiteren van overproductie. Momenteel wordt bijna de helft van de kleren in solden verkocht. Ecologisch gezien, is dat niet meer houdbaar. Merken moeten een evenwicht vinden tussen de vraag beantwoorden en overschot beperken.

Belgisch merk Studio AMA werkt daarom met voorkoop, waarbij klanten een stuk bestellen vooraleer het geproduceerd wordt. 'Ik hou ervan om nieuwe paden te bewandelen, al is dat met blutsen en builen,' vertelt Soraya Wancour aan Trends. Het juiste evenwicht vinden is moeilijk, maar broodnodig voor het klimaat. Door niet meer te produceren dan nodig, zou er wereldwijd een vette 158 miljoen ton minder CO2 in de lucht hangen. 'Ik heb getoond wat er mogelijk is, nu is het enkel uitzoeken hoe het op grotere schaal moet.'

Het verminderen van CO2-uitstoot in de modewereld hangt voor meer dan 20% van consumenten af. De droogkast mijden en was uithangen is al een goed begin., iStock
Het verminderen van CO2-uitstoot in de modewereld hangt voor meer dan 20% van consumenten af. De droogkast mijden en was uithangen is al een goed begin. © iStock

Individuele verantwoordelijkheid

Is onze menselijke hebzucht volledig bodemloos of hebben merken ons tot overconsumptie aangespoord? Hoe het ook zij, het moet anders. Volgens dit rapport kunnen individuen jaarlijks een kleine 350 miljoen ton CO2 besparen ofwel 21 procent van het doel. Shoppers opteren dan voor circulaire mode en recycleren zoveel mogelijk. Dat betekent niet per se dat je oude lappen eigenhandig met naald en draad moet opfrissen. Recyclage draait er vooral om dat materialen die reeds bestaan, in de omloop blijven. Zo blijft de cirkel rond. Van de kledij die individuen naar de Kringwinkel brengen, maakt schoenmaakster Caro Peirs een gloednieuw paar. 'Je wordt uitgedaagd door de beperkingen die je jezelf oplegt. Met de hoop kleren die kringwinkels binnenkrijgen, probeer ik toch iets zinvols te doen,' zegt ze aan Trends.

Dat is niet alles. Kleine ingrepen in je alledaagse omgang met kleren maken al een wereld van verschil. Uit het rapport van McKinsey & Co. blijkt dat individuen maar liefst 186 miljoen ton CO2 per jaar kunnen besparen door hun kleren op lage temperatuur te wassen en te laten drogen in open lucht. Simpel, maar effectief. Zeker op grote schaal.

Als de modewereld gecoördineerd te werk gaat, zullen 55 procent van de investeringen op korte termijn uitmonden in besparingen op lange termijn., iStock
Als de modewereld gecoördineerd te werk gaat, zullen 55 procent van de investeringen op korte termijn uitmonden in besparingen op lange termijn. © iStock

Meer baat dan kost

Wat moet dat allemaal kosten? Investeringen in nieuwe productietechnieken, hernieuwbare energie, kwalitatieve materialen... Het cliché luidt dat aan duurzaamheid een prijskaartje hangt, maar volgens experten bij McKinsey & Co. kan het ook aan een gematigde kost. In 90 procent van de gevallen kost een ton broeikasgassen besparen minder dan 50 dollar. Daarbij zou meer dan de helft van de investeringen op lange termijn meer besparen dan ze gekost hebben.

De enige voorwaarde is dat de veranderingen gecoördineerd gebeuren over de hele modewereld. Van klerenmaker tot klerendrager, elke actor speelt een rol op weg naar een groene toekomst. Een expertenforum als Global Fashion Agenda, die conferenties organiseren en meewerkten aan dit rapport, tracht de koppen rond de tafel te brengen op zoek naar oplossingen. Dat bevestigt Holly Syrett van GFA: 'We moeten ons afvragen hoe producenten, labels en shoppers kunnen samenwerken aan duurzame mode.'

Wat te onthouden?

De modewereld staat in voor vier procent van de globale uitstoot broeikasgassen. Een rapport van McKinsey & Co. en Global Fashion Agenda berekenen hoe producenten, merken en consumenten moeten samenwerken om dit op te lossen. Het doel is om over de hele modewereld jaarlijks 1,7 miljard ton minder CO2 uit te stoten.

Producenten kunnen dit doel al voor 61 procent waarmaken. Grofweg 1 miljard ton CO2 kan bespaard worden door up-to-date landbouw- en productietechnieken te gebruiken en zoveel mogelijk in te zetten op hernieuwbare energie.

Merken hebben een aandeel van achttien procent in de oplossing, volgens dit rapport. De grootste boosdoener van hedendaagse businessmodellen is overproductie. Door overschot te beperken tot een minimum, kan 158 miljoen ton CO2 bespaard worden.

Individuele verantwoordelijkheid moet instaan voor de overige 21 procent van de te verminderen CO2-uitstoot. Het aantal wasbeurten verminderen, wassen op lagere temperatuur en kledij laten drogen in open lucht is al een hele sprong vooruit.

Het goede nieuws is dat de kostprijs niet onoverkomelijk hoeft te zijn. Veel investeringen op korte termijn komen neer op besparingen op lange termijn.

Adviesbureau McKinsey & Co. en Global Fashion Agenda brachten vorige week een rapport uit, 'Mode over het klimaat', als wegwijzer voor groene mode. De modewereld is niet goed bezig, zo blijkt. In 2018 was ze verantwoordelijk voor vier procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen, ongeveer evenveel als het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk samen. Om tegen 2030 onder de kaap van 1,5°C klimaatopwarming te blijven, is de input van de modewereld cruciaal voor de hele planeet. Maar hoe kan deze ecologisch schuld rechtgezet worden? Door de jaarlijkse CO2-uitstoot met 1,7 miljard ton verminderen, klinkt het. Een ambitieus doel, maar het is nog niet te laat volgens Eva Kruse, CEO van Global Fashion Agenda. 'Corona toont aan dat alles samenhangt en dat we wel degelijk in staat zijn tot verandering.' Dat is hoogst nodig, want er is op alle niveaus heel wat werk aan de winkel. Gelukkig is er een schokdemper: investeren in duurzaamheid kost minder dan je denkt, op voorwaarde dat ingrijpende veranderingen gecoördineerd plaatsvinden over de hele modewereld. In dit rapport berekenden experts alvast hoe producenten, merken en consumenten apart kunnen bijdragen tot de oplossing. Een T-shirt legt van katoenplant naar draagbaar kledingstuk een lange weg af, waarbij veel CO2 wordt uitgestoten. Dat is voornamelijk te wijten aan de verouderde productietechnieken die kostbare energie verspillen. Er is nog veel werk aan de winkel, maar het loont de moeite. Als morgen de hele modewereld zou overstappen naar de nieuwste productietechnieken en hernieuwbare energie, zou dat goed zijn voor een vlotte één miljard ton minder broeikasgassen. Dat is uiteraard puur hypothetisch, maar het brengt scherpe verhoudingen aan het licht. Van de 1,7 miljard ton te besparen CO2, moet 61 procent bespaard worden in het productieproces. Producenten zijn erbij gebaat zo snel mogelijk actie te ondernemen, waarschuwt co-auteur van het rapport Morten Lehman. 'Klimaatverandering gaat niet zomaar weg en zal diepgaande effecten hebben op de productie.'Naast de producenten, kunnen ook merken hun steentje bijdragen door slimme keuzes te maken wat materiaal, transport en verpakking betreft. Kleine gebaren maken over de hele modewereld een groot verschil Toch zijn het niet allemaal details. Uit dit rapport blijkt dat labels achttien procent van de te besparen CO2 in handen hebben. De belangrijkste uitdaging hierbij is het limiteren van overproductie. Momenteel wordt bijna de helft van de kleren in solden verkocht. Ecologisch gezien, is dat niet meer houdbaar. Merken moeten een evenwicht vinden tussen de vraag beantwoorden en overschot beperken. Belgisch merk Studio AMA werkt daarom met voorkoop, waarbij klanten een stuk bestellen vooraleer het geproduceerd wordt. 'Ik hou ervan om nieuwe paden te bewandelen, al is dat met blutsen en builen,' vertelt Soraya Wancour aan Trends. Het juiste evenwicht vinden is moeilijk, maar broodnodig voor het klimaat. Door niet meer te produceren dan nodig, zou er wereldwijd een vette 158 miljoen ton minder CO2 in de lucht hangen. 'Ik heb getoond wat er mogelijk is, nu is het enkel uitzoeken hoe het op grotere schaal moet.'Is onze menselijke hebzucht volledig bodemloos of hebben merken ons tot overconsumptie aangespoord? Hoe het ook zij, het moet anders. Volgens dit rapport kunnen individuen jaarlijks een kleine 350 miljoen ton CO2 besparen ofwel 21 procent van het doel. Shoppers opteren dan voor circulaire mode en recycleren zoveel mogelijk. Dat betekent niet per se dat je oude lappen eigenhandig met naald en draad moet opfrissen. Recyclage draait er vooral om dat materialen die reeds bestaan, in de omloop blijven. Zo blijft de cirkel rond. Van de kledij die individuen naar de Kringwinkel brengen, maakt schoenmaakster Caro Peirs een gloednieuw paar. 'Je wordt uitgedaagd door de beperkingen die je jezelf oplegt. Met de hoop kleren die kringwinkels binnenkrijgen, probeer ik toch iets zinvols te doen,' zegt ze aan Trends. Dat is niet alles. Kleine ingrepen in je alledaagse omgang met kleren maken al een wereld van verschil. Uit het rapport van McKinsey & Co. blijkt dat individuen maar liefst 186 miljoen ton CO2 per jaar kunnen besparen door hun kleren op lage temperatuur te wassen en te laten drogen in open lucht. Simpel, maar effectief. Zeker op grote schaal.Wat moet dat allemaal kosten? Investeringen in nieuwe productietechnieken, hernieuwbare energie, kwalitatieve materialen... Het cliché luidt dat aan duurzaamheid een prijskaartje hangt, maar volgens experten bij McKinsey & Co. kan het ook aan een gematigde kost. In 90 procent van de gevallen kost een ton broeikasgassen besparen minder dan 50 dollar. Daarbij zou meer dan de helft van de investeringen op lange termijn meer besparen dan ze gekost hebben. De enige voorwaarde is dat de veranderingen gecoördineerd gebeuren over de hele modewereld. Van klerenmaker tot klerendrager, elke actor speelt een rol op weg naar een groene toekomst. Een expertenforum als Global Fashion Agenda, die conferenties organiseren en meewerkten aan dit rapport, tracht de koppen rond de tafel te brengen op zoek naar oplossingen. Dat bevestigt Holly Syrett van GFA: 'We moeten ons afvragen hoe producenten, labels en shoppers kunnen samenwerken aan duurzame mode.'