De mens is altijd het startpunt in mijn filosofie. Die wordt soms vergeten in de grote machine die een bedrijf is. Nochtans is het wel de mens die de machine doet draaien. Die benadering is wellicht ook de reden waarom de Zuid-Koreaanse holding Shinsegae mij vroeg om Paul Poiret weer op de kaart te zetten. Ze kennen mij al lang en appreciëren mijn aanpak.
...

De mens is altijd het startpunt in mijn filosofie. Die wordt soms vergeten in de grote machine die een bedrijf is. Nochtans is het wel de mens die de machine doet draaien. Die benadering is wellicht ook de reden waarom de Zuid-Koreaanse holding Shinsegae mij vroeg om Paul Poiret weer op de kaart te zetten. Ze kennen mij al lang en appreciëren mijn aanpak. Een merk laten voortleven, is de mooiste hommage die je aan een ontwerper kunt brengen. Het is niet evident om een ingeslapen, oud modehuis weer relevant te maken. We zijn gestart vanuit de persoon van Paul Poiret: wie was hij, hoe leefde en dacht hij, en vooral, hoe zou hij zijn mocht hij vandaag leven. De eerste vijf jaar zijn cruciaal voor het uitbouwen van een merk. Daarna volgen vijf jaar intensieve opvolging. Mijn zoon Gill en mijn neef Martijn zijn klaargestoomd om het dagelijks beleid van Ann Demeulemeester en Haider Ackermann van mij over te nemen. Ik blijf wel een steunende rol hebben, en blijf onze ontwerpers begeleiden. Daar put ik energie uit. Ik bewonder ontwerpers, ik vind de blik waarmee zij naar de wereld kijken fascinerend. Creatievelingen zijn over de generaties heen niet veranderd. Ze puren uit het diepst van hun ziel. Het is net die emotie van ontwerpers die mensen raakt, die het verschil maakt tussen een creatie en zomaar een kledingstuk. Ontwerpen is een heel intensief, geladen proces. Het vraagt veel geduld, diepgang en zelfvertrouwen. Een ontwerper die twijfelt, kan zijn verhaal niet duidelijk brengen. Ik beschouw het als mijn taak om iemands talenten te helpen ontplooien en ze sterker te maken. Het is belangrijk om alert te zijn voor de geestelijke balans van een ontwerper. Dat zorgende zit in mij, ik ben een echte moederkloek. Ik neem het altijd op voor mijn ontwerpers. Als ze aangevallen worden, vang ik de kogels op. Krijgen ze applaus, dan ga ik in hun schaduw staan. Ik sta sowieso niet graag op de eerste rij, ik heb geen bewondering van de buitenwereld nodig. Onze rol bestaat erin om schoonheid te brengen. Om mensen te laten dromen en ze mooier te maken. Als we relevant willen blijven, moeten we onze integriteit bewaren. Daarom laten we bewust de trend van de streetwear aan ons voorbijgaan. Voor mij is dat een andere business, sport blijft sport. We moeten trouw blijven aan onszelf en doen waar we goed in zijn. Op lange termijn loont dat. De consument kiest voor echtheid. Defilés ontroeren mij telkens opnieuw. We zijn als een sportteam dat maandenlang naar een wedstrijd toewerkt. De intensiteit die eraan voorafgaat is enorm. Hoe dichter de modeweek komt, hoe minder tijd er is om overleg te plegen. Dan moet je elkaar goed kennen en vertrouwen om zonder woorden beslissingen te nemen. Door zo'n intense samenwerking leer je mensen in al hun facetten kennen. Ik heb de afgelopen 25 jaar geen enkele dag tegen mijn zin gewerkt. Als je elke ochtend start met een positieve ingesteldheid, is geen enkele dag verloren. Vroeger had ik het plan om op mijn vijftigste te stoppen. Ik ben nu zestig en wil nog heel lang doorgaan. Ik ben mezelf al vaak tegengekomen. Ondertussen ken ik mijn zwaktes en probeer ik ze te begrijpen. Dat maakt je sterker. Ik omring me met mensen die mijn tekorten opvangen. Het vertrek van Ann Demeulemeester liet mij met een verweesd gevoel achter. De reacties van de pers waren best heftig en er werden verkeerde conclusies getrokken. Niemand wist dat Ann en ik haar vertrek in alle stilte goed voorbereid hadden. Ik moest nadien mijn energie terugvinden, met de hulp van mijn medewerkers. Maar Ann en ik zijn vriendinnen gebleven, ze komt regelmatig langs op het bedrijf. Ego's imponeren me niet. Wat telt, is wat mensen kunnen, niet wat ze bezitten, noch hun sterrenstatus. Zelf heb ik een mooi huis, maar daar hecht ik weinig belang aan. Ik leef ascetisch en hou van eenvoud. Ik droom ervan om ooit terug te gaan naar Afrika, waar ik een paar jaar gewoond heb. Als mijn taak er hier op zit, wil ik in de armste gebieden een humanitair project opstarten, in alle stilte.