Volgens Gretchen Rubin, schrijfster van onder andere The Happiness Project, zijn er wat koopgedrag betreft twee soorten mensen: je hebt overbuyers en underbuyers. Overbuyers zijn de types die geen rust vinden voor ze twintig paar witte sneakers op hun schoenenrek zien staan, steevast nog 'nuttige dingen' moeten inslaan voor ze op reis kunnen vertrekken of een la vol cadeautjes hebben voor als er ooit eens iemand jarig is. Underbuyers, het laat zich raden, hebben een broertje dood aan winkelen. Ze trekken pas om een nieuwe winterjas als de oude bijna uit elkaar valt. Er breekt paniek uit als ze vlak voor een belangrijke afspraak tomatensoep op hun lievelingsbroek morsen: veel volwaardige alternatieven hebben ze niet in de kast hangen.

Mijn God, wat mogen we blij zijn dat er onpraktische kledingstukken bestaan!

Zelf ben ik duidelijk een underbuyer. Het nadenken over en jagen op spullen vind ik dodelijk vermoeiend. Hoe vaak heb ik niet verzucht, na een middag vruchteloos kleren passen: 'Had ik maar thuis een boek gelezen, deze uren krijg ik nooit meer terug.' Meer nog, ik kan bijzonder veel genoegen scheppen in de dingen die ik níét gekocht heb. Zo heb ik deze zomer de blote-schoudertrend aan me voorbij laten gaan (in zulke bloesjes zie ik er toch maar uit als een kind op flamencoles) en de ronde rieten tas die dit jaar de 'Riviera-look' helemaal afmaakte, staat ook al geen plaats in te nemen in mijn appartement (voor hoeveel gewed dat hij volgend jaar compleet passé is?). Nee, mij hebben ze niet, de merken die ons om de paar maanden iets anders willen aansmeren. Mijn favoriete kledingstukken zijn de exemplaren die hun tijdloosheid bewezen hebben. De nieuwigheden die ik beroepshalve in Knack Weekend zie passeren, bekijk ik als bonte vogels in de dierentuin: 'Ach ja, bijzonder. Maar niks om in huis te halen.'

Tenminste, zo wás het. Want sinds een paar dagen is er iets veranderd. Om niet te zeggen: ik ben totaal mezelf niet meer. Ergens in dit nummer prijkt namelijk een foto van een paar roze enkellaarsjes, ontworpen door Christian Wijnants. Je begrijpt, bepaald geen brol. En wacht tot je ze ziet. Het leer: zo soepel als iets. De kleur: het teerste ballet pink. De hakhoogte: perfect. De vorm: geil. 's Morgens als ik wakker word, dansen ze voor mijn ogen, op het werk achtervolgen ze me wanneer ik naar de printer loop, 's avonds zijn ze mijn laatste gedachte voor het slapengaan. Een obsessie is geboren.

Zeg niet dat het jou nooit overkomt, zo'n dwaze verliefdheid op een kledingstuk

Als underbuyer spreek ik mezelf streng toe: 'Heb je dit wel nodig? Bezit je al niet een stel laarsjes dat hier verdacht veel op lijkt?' Het mag niet baten. Integendeel, de drang om me over te geven aan een wufte folie wordt er alleen maar sterker op. Ook het argument 'het is niet praktisch, dat bleekroze' wapper ik weg. Praktisch is een woord dat bij trekkersschoenen hoort, bij afritsbroeken, bij huidkleurige beha's. Mijn God, wat mogen we blij zijn dat er onpraktische kledingstukken bestaan! Het leven is niet altijd een feest, maar je móét het blijven vieren - à propos, ik vernam ondertussen van een collega dat de bewuste laarsjes ook nog eens lekker schijnen te zitten, dubbel feest dus.

De enige kritische vraag waar ik in de dialoog met mezelf gevoelig voor ben, is: hoe vaak ga je dit schoeisel aandoen? Past het wel bij je dagelijkse leven? Zie je jezelf zo al staan, wachtend op de pendeltrein op het station van Mortsel-Oude God, in de regen? Bevind je je niet vaker in de Colruyt dan op een of andere première? Het voorlopige antwoord dat ik daarop bedacht heb, luidt: mijn laarzen moeten zich niet aanpassen aan mij, ik zal me aanpassen aan mijn laarzen. Tijd om plannen te smeden waar de sterrenstof vanaf flonkert! En soms blijft het ook gewoon droog in Mortsel-Oude God.

Underbuyers, wees gewaarschuwd. Dit accessoirenummer kan je leven en je zelfbeeld op z'n kop zetten. Laat je zelfgenoegzaamheid varen en zeg niet dat het jou nooit overkomt, zo'n dwaze verliefdheid op een kledingstuk. Want het is zoals vreemdgaan: zij die bij hoog en bij laag beweren het nooit te zullen doen, gaan vroeg of laat genadeloos voor de bijl. Voor wie durft, de ultieme Temptation bevindt zich op pagina 14 in Knack Weekend van deze week.