Niets zo milieuvriendelijk als een mechanisch horloge: tot enkele jaren geleden twijfelde niemand in de haute horlogerie eraan. Mechanische luxehorloges gaan dankzij het gebruik van hoogwaardige materialen generaties lang mee, worden eerder hersteld dan weggegooid en danken hun werking aan een handmatig opwindmechanisme dan wel aan de beweging van je pols - veel duurzamer kan niet, wisten horlogemakers.
...

Niets zo milieuvriendelijk als een mechanisch horloge: tot enkele jaren geleden twijfelde niemand in de haute horlogerie eraan. Mechanische luxehorloges gaan dankzij het gebruik van hoogwaardige materialen generaties lang mee, worden eerder hersteld dan weggegooid en danken hun werking aan een handmatig opwindmechanisme dan wel aan de beweging van je pols - veel duurzamer kan niet, wisten horlogemakers. De Zwitserse afdeling van het WWF luidde al in 2018 de alarmbel. Vooral het massale gebruik van staal, goud, edelstenen en andere grondstoffen en aanzienlijke milieuschade bij de winning ervan baarden de organisatie zorgen. Horlogemakers weten nauwelijks waar hun ruwe materialen vandaan komen, waarschuwde een rapport. Ergernis was er ook omtrent de Zwitserse manufacturen zelf, want in tegenstelling tot veel andere sectoren hadden horlogemakers zelden concrete klimaatdoelstellingen, laat staan instrumenten om hun ecologische voetafdruk te meten. Aansluitend op de duurzame filosofie achter hun kleinoden gingen Zwitserse horlogemakers in het topsegment jaren geleden al in zee met milieuactivisten en -wetenschappers. Een bekend voorbeeld is de samenwerking van Rolex met de National Geographic Society sinds 1954. Sindsdien sponsorde het merk onder meer expedities rond de klimaatverandering en initiatieven rond de bescherming van de oceanen. Nu volgens Deloitte zestig procent van de consumenten rekening houdt met de milieuimpact bij de aankoop van een horloge, willen velen echter een stap verdergaan. Zo maakten onder meer Omega en IWC de jongste jaren werk van energiezuinige productieateliers. IWC was enkele jaren geleden ook het eerste Zwitserse horlogemerk dat een vrij toegankelijk duurzaamheidsrapport voorlegde. 'Als je een emotioneel product verkoopt, wil je klanten iets geven waar ze zich echt goed bij voelen', vertelde CEO Christoph Grainger-Herr in een interview. Tekenend voor de koerswijziging van de sector, is de recente lancering van het Watch & Jewellery Initiative 2030 door Cartier, eigendom van luxegroep Richemont, en Kering, eigenaar van onder meer Girard-Perregaux en Gucci. Het initiatief staat open voor horloge- en juwelenmerken uit alle segmenten, maar verbindt toetreding aan een hele reeks voorwaarden. Zo moeten merken zich engageren om de milieu-impact van de aangekochte ruwe materialen te meten en te beperken, om broeikasgassen terug te dringen en om uitsluitend hernieuwbare energie te gebruiken tegen 2025. De vereiste om op regelmatige basis over de geboekte vooruitgang te communiceren, vergroot de druk om concrete stappen te zetten. Een andere opmerkelijke ontwikkeling is het toenemende gebruik van afvalmateriaal, lange tijd ondenkbaar in mechanische luxehorloges. Voorbeelden zijn de nieuwe Aquis Date Upcycle van Oris, met een wijzerplaat van gerecycleerd PET-plastic en een doosje van plasticafval, en de Superocean Heritage '57 Outerknown van Breitling, met een polsband van gerecycleerd nylon uit afgedankte visnetten. Het horloge dat het verst gaat in het gebruik van oceaanplastic is de Seastrong Diver Gyre Automatic van Alpina met kast, polsband én verpakking uit het materiaal. Ook het taboe op het gebruik van gerecycleerd staal, titanium, zilver of goud in luxehorloges lijkt zijn beste tijd gehad te hebben. Hersmolten metalen worden onterecht nog vaak met kwaliteitsverlies geassocieerd, tot voor kort zwegen de meeste horlogemakers er dan ook in alle talen over. Panerai gooide het dit jaar over een andere boeg. Het Italiaanse merk van de Richemontgroep stelde niet alleen de Luminor Marina eSteel Verde Smeraldo voor, een uurwerk met een kast en wijzerplaat van gerycleerd staal en een polsband van gerecycleerd PET-plastic, maar ook de Submersible eLAB-ID. Die bestaat voor 98,6 procent uit gerecycleerd materiaal, van de kast in titanium en de siliconen onderdelen van het binnenwerk tot het saffierglas en zelfs het lichtgevende laagje op de index en wijzers. Al even opmerkelijk als het horloge zelf is dat Panerai alle toeleveranciers noemde die betrokken waren bij de ontwikkeling ervan - een voor de haute horlogerie ongezien staaltje openheid dat andere merken tot gelijkaardige initiatieven moet inspireren. 'Het is duidelijk dat we op alle mogelijke vlakken onze consumptie moeten beperken', zei CEO Jean-Marc Pontroué. 'Wat voor zin heeft het om het mooist denkbare uurwerk te creëren als je weet dat het de planeet zal schaden?'