Opinie

Lotte Philipsen

‘De “duurzame” collectie van Shein is een schoolvoorbeeld van greenwashing’

Lotte Philipsen Journalist KnackWeekend.be

Ultra fast fashion-speler Shein lanceert een ‘duurzame’ collectie. Het merk stelt dat het hiermee wil deelnemen aan de circulaire economie. Is dit gegrond? ‘De communicatie van Shein blinkt uit in vaagheid en schreeuwt greenwashing,’ schrijft journalist Lotte Philipsen.

Ik klik de website van miljardenbedrijf Shein open en word meteen gebombardeerd door kortingsacties. Mijn argusogen raken in drie seconden overprikkeld door de pop-upvensters in schreeuwerige kleuren. Hoe meer geld ik spendeer, hoe meer korting ik krijg. Een topje uit de evoluSHEIN collectie kan al het mijne zijn voor de luttele som van 3.99 euro. EvoluSHEIN staat voor hun nieuwe, ‘bewuste’ lijn, die wil inspelen op de circulaire economie.

Circulaire mode is mode die niet bijdraagt aan het conventionele, lineaire systeem waarbij grondstoffen worden ontgonnen, gebruikt en vervolgens afgedankt. In plaats daarvan wordt er ingezet op kwaliteit, goed zorg dragen voor kleding, hergebruik, upcycling en recyclage. Alles wordt dus in de ‘loop’ gehouden, in plaats van afgedankt, verbrand of op een vuilnisbelt gegooid.

Voor een ultra fast fashion merk is Shein vrij traag van begrip. Het Chinese modemerk heeft eindelijk ook de memo ontvangen dat het niet zo goed gaat met het klimaat en dat hun doelpubliek – Gen Z – daar wakker van ligt. Spoiler: een kledingmerk dat elke dag nieuwe stuks uitspuwt kan nooit circulair of duurzaam zijn. Het merk blijft in het klassieke systeem van ‘take-make-waste’ meedraaien, zolang het z’n bedrijfsvoering niet volledig omgooit.

Ultra fast

Shein is het ultieme voorbeeld van ultra fast fashion. Deze vorm van mode schakelt nog enkele versnellingen hoger dan de klassieke fast fashion-ketens. Een merk als Shein lanceert dagelijks zo’n zesduizend stuks. Dit jaar alleen al heeft het merk meer dan 200.000 verschillende ontwerpen op de wereld losgelaten en dat getal zal aan het eind van het jaar aanzwellen tot een miljoen designs – al dan niet gekopieerd van kleinere modemerken of andere fast fashion-spelers. De plagiaatbeschuldigingen vliegen het merk om de oren, maar wie miljarden binnenrijft, lacht daar blijkbaar smakelijk om.

En als je designs stelen al een grove fout vindt, ga dan even zitten voor je het volgende wapenfeit leest. In het najaar van 2021 trokken onderzoekers in Canada aan de alarmbel toen ze ontdekten dat een kleuterjasje van Shein twintig keer meer lood bevatte dan toegestaan. Kleding gemaakt voor kinderen vol giftige stoffen: klinkt louche. Is het ook.

Om te kaderen hoe populair Shein is: de shoppingapp wordt in Amerika meer gedownload dan die van Amazon. Het is ook het meest besproken merk op TikTok. Shein heeft geen fysieke winkels, enkel een webshop. Van tijd tot tijd opent het merk een pop-upshop, maar het gros van z’n klanten vindt het merk online. Sociale media, met TikTok, YouTube en Instagram als hoofdrolspelers, zijn het jachtveld van Shein. De ‘unboxing’-video’s en #fashionhauls, waarin influencers tientallen plastic zakjes openscheuren en goedkope, trendy kleding tonen aan hun volgers, werken beter dan fysieke filialen om de verkoop te boosten.

Het bedrijfsmodel van Shein is zoveel sneller en wendbaarder dan dat van z’n concurrenten dat het fast fashion overstijgt. De term ‘real-time mode’ werd bedacht door Matthew Brennan, auteur van het boek ‘Attention Factory’, en verwijst naar een retailmodel dat rechtstreeks samenvalt met de huidige trends op sociale media. Waar Zara ooit baanbrekend was door slechts twee weken nodig te hebben van ontwerp tot levering, klaart Shein die klus op drie dagen.

Nu pakt Shein dus uit met evoluSHEIN: een ‘circulaire’, ‘bewuste’ collectie. ‘Better choice, better look, better life’ lezen we op de webshop. Concreet gaat het om een collectie vervaardigd uit ‘verantwoorde’ materialen, die tegen september 2022 zal bestaan uit meer dan 1500 ontwerpen.

Starten doen ze met items die deels worden geproduceerd met gerecycleerd polyester, gemaakt van petflessen. Dit is de gemakkelijkste manier om je merk te ‘vergroenen’, maar tegelijk ook verre van de beste of meest duurzame keuze, aangezien het recycleren van petflessen tot polyester nog steeds veel energie kost, je polyester niet oneindig kunt blijven recycleren en er microplastics in het milieu belanden. De stuks zijn bovendien gemaakt van een mix tussen gerecycleerd polyester en nieuw polyester.

1 procent van het totale aanbod

In de toekomst zullen ze bij Shein naar eigen zeggen uitbreiden met andere ‘verantwoorde’ materialen, waaronder ‘bewust gecultiveerd’ katoen. Wat dat precies wil zeggen maken ze niet duidelijk. Nergens lezen we dat het zou gaan om gecertificeerd biologisch of gerecycleerd katoen. Voorlopig bestaat de evoluSHEIN-collectie uit één procent van het volledige aanbod. Uiteindelijk is het de bedoeling om deze materialen ook in de reguliere collecties te gebruiken en niet enkel in de ‘duurzame’ lijnen. Over de timing van dit plan wordt in alle talen gezwegen. Gek, want op andere vlakken kunnen ze wel snel schakelen.

Hoezo geen afval creëren? Kleding in de markt zetten als wegwerpproduct is hét businessmodel van Shein.

Om toch een beetje over te komen alsof ze moeite hebben gedaan, zijn de verpakkingen van deze collectie gerecycleerd. Dat in tegenstelling tot de overige 99 procent van het Shein-aanbod, wat steevast verpakt zit in wegwerpzakjes, gemaakt van nagelnieuw plastic.

‘Kleine’ hoeveelheden, grote gevolgen

Op hun website steken ze zichzelf een pluim op de hoed door te stellen dat ze kleine hoeveelheden produceren van hun ontwerpen, om geen grondstoffen te verspillen. Zo wordt er volgens hen afval vermeden. Wat is hier van aan? Bitter weinig. Ten eerste doen ze alsnog aan massaproductie van items wanneer deze heel populair zijn. Bovendien maakt het weinig uit dat ze van één ontwerp ‘slechts’ honderd stuks laten produceren, aangezien ze jaarlijks miljoenen kledingstukken maken en verkopen tegen bodemprijzen, waardoor consumenten hun mandje voller laden dan voorzien met uitpuilende kledingkasten als gevolg. Hoezo geen afval creëren? Kleding in de markt zetten als wegwerpproduct is hét businessmodel van Shein.

Dat zie ik helemaal verkeerd, sust het merk. ‘We zijn geëngageerd om een meer verantwoord modesysteem te bouwen,’ stelt Adam Whinston, die instaat voor de milieu-, sociale en bestuurscriteria bij Shein. ‘EvoluSHEIN lanceren is een belangrijke stap in het waarmaken van onze duurzaamheidsdoelstellingen dit jaar. Het sluit aan bij onze focuspunten: het milieu beschermen, gemeenschappen ondersteunen en ondernemers empoweren. We nodigen al onze partners en klanten uit om ons te vergezellen op deze reis.’

Waar wordt de kleding gemaakt en door wie? Shein zelf houdt de lippen stijf op elkaar.

Good On You, het platform dat modemerken een rating geeft op basis van duurzaamheidscriteria, buist het merk faliekant en stelt dat Shein absoluut te vermijden is. ‘Shein vertegenwoordigt het slechtste van het slechtste wat grote modereuzen betreft’, klinkt het in de beoordeling van Good On You. De hoofreden? Een totaal gebrek aan transparantie. Alles aan de bedrijfsvoering is mysterieus, maar niet op een leuke manier. Wie toch een poging waagt om door het rookgordijn heen te piepen, brengt zichzelf en z’n gezondheid in gevaar.

Waar wordt de kleding gemaakt en door wie? Shein zelf houdt de lippen stijf op elkaar. De enige informatie die we hebben, komt van onderzoek door waakhonden, ngo’s en journalisten. Informatie die geen fraai beeld schetst overigens.

Werkweek van 75 uur

In november vorig jaar publiceerde de Zwitserse waakhond Public Eye, een zusterorganisatie van de Schone Kleren Campagne, een rapport waarin de dubieuze arbeidsomstandigheden van Shein aan het licht werden gebracht. Het merk reageerde zogenaamd onthutst en zou een intern onderzoek starten.

Public Eye onderzocht zeventien productiesites in het Chinese Guangzhou. Daarnaast interviewde de organisatie logistieke medewerkers, zowel in China als in België. Het team onderzoekers stootte op veiligheidsovertredingen, zoals brandgevaar en een gebrek aan nooduitgangen.

Ook laten de arbeidsvoorwaarden van de geïnterviewde arbeiders te wensen over. Zo zijn werkweken van 75 uur schering en inslag. Arbeiders werken 11 tot 13 uur per dag, vaak zeven op zeven. Ze krijgen slechts één dag vrij per maand. Een contract hebben ze niet, waardoor ze ook niet kunnen klagen. Als ze overuren kloppen, krijgen ze daar geen premie voor. Zonder die overuren verdienen de arbeiders geen leefbaar loon, dus ze kunnen ook niet minder werken.

Leefbaar loon

Op de website van Shein kan je lezen dat het merk van mening is dat mensen recht hebben op een leefbaar loon. Er staat dus niet dat zij hun arbeiders ook daadwerkelijk een leefbaar loon betalen. Hetzelfde geldt voor gedwongen arbeid en kinderarbeid. Uiteraard is dat tegen hun principes, lezen we. Maar documenten, certificaten of data om te staven dat het niet voorvalt in hun keten of dat ze effectief moeite doen het tegen te gaan? Die vind je nergens.

Impliciete dwangarbeid

Rita Liao, die meewerkte aan het boek ‘Attention Factory’ over TikTok en Chinareporter is voor TechCrunch, vertelt aan Good On You dat Shein voornamelijk werkt met duizenden kleine familieateliers in Chinese dorpen in Guangzhou. ‘Ze zijn zeer responsief en flexibel. Veel van de ateliers van de leveranciers van Shein hebben slechts de grootte van een grote slaapkamer, met een paar naaimachines en een of twee arbeiders.’ Je zou kunnen stellen dat wat Shein doet een impliciete vorm van dwangarbeid is, waarbij zeer strikte deadlines en steeds veranderende productieplannen voor chaos zorgen onder de kledingarbeiders.

De werknemers worden betaald per stuk dat ze afleveren. Een gangbare praktijk in de kledingindustrie. Het is echter niet omdat het gebruikelijk is, dat het goed te keuren valt. In feite is het betalen per stuk in strijd met de plaatselijke arbeidswetgeving. Deze wijze van betaling is een van de redenen waarom de arbeiders zulke extreme uren moeten kloppen. Het loon van een kledingarbeider hangt in dit geval af van zijn of haar productiesnelheid – hoe meer stukken de arbeider naait, hoe meer geld er binnenkomt. Het omgekeerde is ook waar, wat betekent dat werknemers in veel gevallen minder verdienen dan het wettelijk minimumloon.

Petflessen recycleren om er kleding van te maken is in het geval van Shein een minipleister op een etterende wonde

Mensenrechten draagt het merk nochtans hoog in het vaandel, aldus Shein. Door evoluSHEIN-stuks te shoppen kunnen klanten immers de ngo Vital Voices steunen, een organisatie die zich inzet voor vrouwelijk leiderschap en strijdt tegen gendergerelateerde discriminatie en geweld en – o, de ironie – klimaatverandering. Hoeveel procent er naar dit goede doel gaat blijft een raadsel. Geld doneren aan een goed doel zonder eerst in eigen boezem te kijken is alweer een klassiek voorbeeld van greenwashing. Hoewel het natuurlijk top is voor Vital Voices dat ze financiële steun krijgen, verandert dit niets aan de benarde situatie van de arbeiders die werken voor Shein.

Shein op weg naar een duurzame, circulaire toekomst? Greenwashing bij uitstek. De kleding van Shein is vooral op weg naar de gigantische afvalbergen in landen zoals Chili, Ghana en Kenia, waar afgedankte kledingstukken van westerse en Aziatische modemerken gedumpt worden. Soms met het etiket er nog aan vast, nooit gedragen. Maar daar loopt Shein in z’n communicatie het liefst in een wijde boog omheen. Petflessen recycleren om er kleding van te maken is in het geval van Shein dus een minipleister op een etterende wonde en een afleidingsmanoeuvre voor hun intrinsiek onduurzame business. Zoals Good On You al zei: een dikke, vette buis.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content