In het kasteel van Melle is de shoot voor de SS18 collectie van Mooiloop volop aan de gang. Het model, gehuld in de prachtige SS18 collectie, duikt in het riet van de slotgracht en poseert in de kamers vol curiosa.
...

In het kasteel van Melle is de shoot voor de SS18 collectie van Mooiloop volop aan de gang. Het model, gehuld in de prachtige SS18 collectie, duikt in het riet van de slotgracht en poseert in de kamers vol curiosa. 'Het was even zoeken hier in dit grote kasteel met verschillende kamers - sommige prachtig ingericht, sommige opslagruimte - maar er zijn hier zoveel mogelijkheden. Dit soort gebouwen doet mijn hart sneller slaan: ze hebben echt een ziel', klinkt het bij Alison Van Autreve. Op de veranda van het kasteel nestelen we ons neer voor een gesprek over het mooie parcours van het Belgische merk. Alison Van Autreve: De gang van zaken is eigenlijk een combinatie van planning en toeval. Vanaf het einde van vorige zomer speelde ik met het idee om een flagship store te openen. Omdat mijn mama ziek werd en het bedrijf draaiende houden een driedubbele fulltime job is, liet ik bij kennissen en vrienden vallen dat ik naar een partner zocht. Zo zou mama een beetje gas terug kunnen nemen, want de ziekte van Lyme trof haar hard. Het was toen nog niet de bedoeling dat ze volledig uit Mooiloop zou stappen, maar het lot heeft het anders beslist. Ik keek al af en toe in Gent of er een pand naar mijn smaak te huur stond, maar ik vond niets dat binnen de financiële mogelijkheden lag. Uiteindelijk ben ik gevallen voor een nieuwbouwproject, in een straat die ik helemaal vond passen bij Mooiloop. Zoals je kunt zien aan de shootlocatie, ben ik grote fan van oude gebouwen met een verhaal, maar in het nieuwbouwproject kon ik helemaal mijn zin doen qua inrichting. Het idee dat ik van nul kon beginnen, sprak me erg aan. Het ontwerpen van de stoffen, de collectie uitwerken, stoffenbeurzen afschuimen, de collectie verkopen, de fashion week aandoen: ik achtte het onmogelijk om alle taken helemaal alleen te doen én een flagship store te openen. Zo is Florence in het verhaal van Mooiloop terechtgekomen. Zij neemt de zakelijke kant voor haar rekening. Normaalgezien ging mijn mama Florence opleiden en de knepen van het vak aanleren, maar door de omstandigheden lukte dat niet. Ik heb dat voor mijn rekening genomen en blijf er ook nog nauw bij betrokken. Nu Florence en ik Mooiloop leiden, pakken we het ook wat anders aan. We verjongen het merk en werken met een persbureau. Vroeger was dat niet nodig, als je toen een speciale collectie voorstelde, kwam je er wel. Maar de tijden zijn veranderd. Alison: De flagship store in Gent is niet alleen een winkel, maar ook onze werkplek. Vooraan het pand kunnen klanten komen kijken en passen, in het midden is onze bureau en achteraan hebben we een stock. Zo kunnen we een band creëren met de klanten en zelf in de winkel staan. Voor het ontwerpproces zal ik me soms wel eens afzonderen in Frankrijk, zonder internet, om me volledig te kunnen concentreren. Voor de rest kijk ik ernaar uit om in de winkel te staan. De flagship store willen we niet uit handen geven, omdat we betrokken waren bij iedere stap van het proces. Toen de winkel opende, deed dat heel veel deugd. De voorbije maanden heb ik het moeten doen met 4 à 5 uur slaap per nacht. Hopelijk komen we nu de winkel open is terug tot een wat normaler ritme, maar de mode-industrie is een harde wereld met onconventionele uren.Ik heb het moeilijk met loslaten. Alles wat met het creatieve aspect te maken heeft, wil ik in handen hebben: van uitnodigingen tot de inrichting van de winkel. Ik wil dat de visie van Mooiloop doorloopt in alles wat we doen. Ook al willen we het merk verjongen, de identiteit van Mooiloop moet herkenbaar blijven voor onze klanten. Het interieur van de flagship store wilde ik strak en sober houden, zodat de collectie echt de aandacht trekt. Onze collecties zijn kleurrijk, speels en gemaakt van luxueuze stoffen. Dat is wat meteen in het oog moet springen wanneer mensen de winkel binnenstappen. Net zoals de collectie wilde ik het interieur opbouwen met zoveel mogelijk natuurlijke materialen: van Belgisch linnen tot koperen rekjes en een linoleum vloer. Ik heb nachtenlang wakker gelegen en getobd over de flagship store. Ging het wel allemaal lukken? Zou het tot een mooi geheel komen? Net zoals mijn collecties heb ik het interieur volledig in mijn hoofd ontworpen. Ik werk niet met computerprogramma's. Nu ik het resultaat zie, kan ik zeggen dat het geslaagd is. De reacties zijn positief en dat doet me veel plezier. Ik word er op een positieve manier emotioneel van. Alison : Absoluut. Toen we startten met Mooiloop was de snit nog heel simpel en dat idee blijft doorschemeren omdat de focus inderdaad op de stoffen ligt. In het begin werkten we met honderd procent zijde, waar ik nog steeds de voorkeur aan geef, maar op vraag van de klanten is er drie tot vijf procent lycra toegevoegd voor het draagcomfort. Tachtig procent van de collectie bestaat telkens uit prints. Het ontwerpen van de prints is voor mij het leukst. Maar ook de effen kleuren komen het best tot hun recht op kwalitatieve stoffen. Zijde is wat mij betreft echt het summum. Als je eenmaal gewend bent aan de luxe van zijde wil je niets anders meer. Alison: Het Belgische aspect is heel belangrijk voor ons. We zouden dan ook heel graag honderd procent Made in Belgium willen worden. Momenteel worden de meeste stuks in België of Europa geproduceerd, maar de knitwear wordt in China gemaakt. Knitweat was mijn mama's forte. Zij had connecties in China en ondertussen ben ik er ook enkele keren naartoe gereisd. Het is heel belangrijk om een band te hebben met de Chinese producenten. Zo weet je of je samenwerkt met een ethische producent die zijn best zal doen voor jouw merk. Het zou mooi zijn om ook de knitwear terug naar Europa te halen. We hebben maar een kleine productie, wat niet evident is voor China, maar omdat we een goede band hebben kunnen opbouwen met de leveranciers lukt het dus wel. Hoewel we tevreden zijn, is het toch een droom om ook de knitwear dichter bij huis te produceren. Voor China mogen we dan soms te klein zijn, voor België zijn we dan weer te groot. Zeker in onze prijscategorie is het moeilijk om onze truien hier te laten maken. Voor onze overige stuks hebben we een label 'Made in Belgium or Europe'. De reden daarvoor is dat de Belgische ateliers waar we mee samenwerken soms zaken outsourcen omdat ze er zelf niet genoeg mensen voor in dienst hebben. Werken in de textielsector is niet meer populair bij jonge mensen. De Belgische ateliers lopen leeg en moeten steeds vaker beroep doen op ateliers in andere Europese landen. Alison: Van klanten horen we vaak 'eenmaal een Mooiloop klant, voor altijd een Mooiloop klant.' Dat is natuurlijk heel fijn om te horen. Onze stuks zijn een grote investering, zeker voor jonge mensen. Wanneer we wat kunnen groeien, hopen we de prijs wat toegankelijker te maken. Het voordeel aan onze kleding is dat ze tijdloos is. Je kunt onze collecties zonder twijfel heel lang dragen. Ik volg de trends zoals die worden voorgesteld in trendboeken of op beurzen niet. Ik wil tijdloze stuks maken en ga af op mijn gevoel. Vaak zijn de kleuren die ik kies wel in de mode, maar ik ga er nooit expres voor kiezen om trends te volgen. Het gebeurt wel eens dat we te vroeg zijn met een bepaalde kleur of een stof. Op zich is dat niet erg, want klanten dragen onze kleding toch jarenlang. In plaats van me te laten leiden door andere merken, laat ik me inspireren door musea, architectuur of bezoekjes bij mensen thuis. Mijn doel is om te tonen dat Mooiloop van veel markten thuis is. Er zijn retailers en klanten die Mooiloop nog moeten herontdekken. Ze kennen het merk van toen het zes jaar geleden startte, maar ondertussen zijn we geëvolueerd en hebben Florence en ik het een verjongingskuur gegeven. Alison: Het ritme van de mode-industrie is veelbesproken en houdt de sector in de ban. Zelf zijn we een klein merk en kunnen we geen trendsetter zijn. We hebben geen gigantisch groot cliënteel, dus kunnen we niet zomaar uit de band springen en dingen doordrukken. Hoewel we het gangbare ritme volgen, zijn we er wel voorstander van om korter op de bal te spelen en niet meer met de standaardseizoenen te werken. Zowel voor de eindconsument, als de retailers, de fabrikanten en de ontwerpers is het interessant om van het huidige systeem af te stappen. Het werkt gewoon niet meer. Het is lastig om in te spelen op wat klanten willen als er telkens een half jaar tussen de voorstelling van een collectie en de verkoop van die collectie zit.Ik vind het dus erg positief dat er wat aan het bewegen is. Het zal verder in die richting evolueren, dat kan niet anders. Bovendien vind ik dat de industrie duurzamer moet worden en dat solden achterhaald zijn. Zeker voor een merk als het onze, dat tijdloze mode aanbiedt, is het jammer om het soldensysteem te volgen.