De oude veerboot brengt ons na een halfuurtje varen van de Zweedse hoofdstad tot aan de kleine houten steiger van het eilandje Hasseludden. We gaan als enige van wal. Wat verloren volgen we een discrete wegaanduiding, Yasuragi, die ons langs een bosrijk wandelpad de heuvel opstuurt. Er zijn beslist andere toegangswegen tot het hotel maar dit is alvast een perfecte inleiding tot wat ons te wachten staat.
...

De oude veerboot brengt ons na een halfuurtje varen van de Zweedse hoofdstad tot aan de kleine houten steiger van het eilandje Hasseludden. We gaan als enige van wal. Wat verloren volgen we een discrete wegaanduiding, Yasuragi, die ons langs een bosrijk wandelpad de heuvel opstuurt. Er zijn beslist andere toegangswegen tot het hotel maar dit is alvast een perfecte inleiding tot wat ons te wachten staat. Wat later hebben we onze wereldse kledij geruild voor een zwart badpak en dito short, slippers en een enkellange Japanse kimono. Dit wordt onze uitrusting voor het volgende etmaal. Want iedere gast wordt vriendelijk verzocht zich in dezelfde outfit te steken, een kwestie van visuele harmonie, zo luidt het. Toegegeven, het werkt. Dames en heren schuifelen zachtjes door de gangen, onherkenbaar, anoniem. Geen opzichtige Gucci- en Pradapakjes maar wijde mouwen met ingewerkte zakken, teenkousen en een rieten mandje voor al ons hebben en houden. Een charmante Zweedse dame in een zwart, soepel zittend kimonopakje, maakt ons wegwijs in de wirwar van gangen en zalen van het bruingrijze, in natuursteen opgetrokken gebouw dat ondanks de grondige verfraaiingswerken een duidelijke blauwdruk van de jaren zeventig draagt. Ontworpen en gebouwd door de Japanse architect Yogi Kasajima werd het gebruikt als centraal trainingscentrum door de Zweedse Handelsconfederatie, tot het begin de jaren negentig leeg kwam te staan. Maar liefst 20.000 vierkante meter beton en glas tronen bovenop de heuvel, omringd door groene sparrenbossen, met een idyllisch uitzicht over de Höggarnsfjärden. Een nieuwe bestemming voor het oude zakencentrum lag niet meteen voor de hand, tot de architectuur, in combinatie met de ligging en de uitstraling van het geheel, een creatief team op het idee bracht om er een Japanse spa annex hotel in onder te brengen. Na een grondige facelift opende in 1997 de Yasuragi Hasseludden zijn deuren, met als centrale attractie het badhuis en het relaxatiecentrum, aangevuld met drie restaurants, een hotel en een conferentiecentrum, alles in het teken van het land van de rijzende zon. We schuifelen in onze yukata door een aaneenrijging van lange gangen naar de Kyarabibaden. Ik snuif het aroma van groene thee, dennenhout en fris gewassen katoen. Het is stil. De serene sfeer dwingt ons meteen in dezelfde toonaard. Fluisterend neem ik afscheid van mijn kompaan, want zoals de Japanse traditie het voorschrijft is het vrouwenbadhuis strikt gescheiden van het mannenkwartier. Pas in de buitenbaden zullen we elkaar terugvinden. Achter een houten schuifdeur van Japans rijstpapier opent zich de rituele wereld van het baden : een langzaam zuiveringsproces van lichaam en geest. Want zoals de naam Yasuragi aangeeft staat het hele opzet voor 'innerlijke vrede en harmonie'. Een niet geringe opgave met mijn hectische bestaan. Er wordt me echter verzekerd dat de stress en zorgen van het dagelijkse leven hier letterlijk worden weggewassen. Het Japanse badritueel ontstond zo'n duizend jaar geleden rond natuurlijke warmwaterbronnen op de vulkanische eilanden. Zoals de Japanners eigen is, maakten ze er een ware kunst van en ging een schrobbeurt gepaard met theeceremonies, meditatie en uiteraard tal van massages. Zulke natuurlijke hete bron borrelt helaas niet in de ondergrond van Hasseludden, maar aan zuiver water is er geen gebrek. Voor een muurtje van natuursteen, waarop in een repetitief patroon een reeks kraantjes is gemonteerd, neem ik plaats op een klein houten bankje. Met een houten waskom en een wit handdoekje begin ik aan het grote werk. Het licht is gedempt. Slechts een dun streepje daglicht valt indirect binnen in de ruimte van donkergrijze leisteen. Een half dozijn vrouwen vult het badhuis, sommige naakt, andere gehuld in een katoenen omslagdoek. Ze laten met langzame bewegingen het lauwwarme water uit de houten kom over zich stromen. Opnieuw en opnieuw, op het ritme van de traagheid. Her en der staan grote witte bussen met fijn geurende shampoo, conditioner, bodywash en -lotion ter beschikking. Na een halfuurtje acht ik mezelf proper en klim ik een trap hoger in het ritueel. Ik duik in het warmwaterbad, gevolgd door een stoombad en sauna, waar voor eventjes het hoge noorden en het oosten elkaar tegemoetkomen. Na een paar sportieve lengtes in het zwembad met olympische afmetingen is het de beurt aan de buitengelegen hot springs. Door de speling van het glasheldere water tekenen zich grillige figuren af op de bodem van veelkleurig gevlamd natuursteen. Zalig drijvend, gedragen door het water, onderscheid ik tussen het donkere groen van de sparrenbomen de zee. Het laatste greintje spanning kabbelt uit mijn lijf. Mijn compagnon (we zijn ondertussen weer verenigd) heeft een heerlijk stuk watermeloen en een kop groene thee klaargezet, een gezonde en verfrissende attentie die ter beschikking staat van de badgasten. Spirituele ontspanning maakt een even belangrijk deel uit van een verblijf in Yasuragi als de fysieke relaxatie. Met Japanse stiptheid heb ik klokslag 10.15 u. mijn eerste ervaring met Qi Gongmeditatie, een combinatie van beweging en acupressuur op de trillingen van Tibetaanse klankschalen, gevolgd door een sessie Do-In waarbij met eenvoudige bewegingen zelfmassage wordt aangeleerd. Slimmeriken toch die Japanners. Maar niets gaat uiteraard boven de stevige vingers van een volleerde shiatsumasseuse. Achter een schuifwand betreed ik de ruimte van de absolute stilte. Een vrouw in nachtblauwe tuniek leidt me over de tatamimatten naar een met gordijnen afgeschermd kamertje, rond een zenpatio met een minutieus geharkt zandbed en een tekening van stenen. Wat gebeurt tijdens de volgende 90 minuten is moeilijk in woorden te vatten en laat ik over aan de verbeelding. Het gehele opzet van Yasuragi Hasseludden is al even groot als het beschikbare aantal vierkante meters. Naar Zweedse normen wil Lars Sandberg, manager van het hotel en als persoon nauw betrokken met het omvangrijke project, zowel de prijs als de toegang tot het badhuis democratisch houden. Voor zo'n 83 euro per persoon kun je met een dagpasje naar hartenlust baden en aan de gemeenschappelijke meditatiesessies deelnemen. Tijdens het weekend bestaat zelfs de mogelijkheid om onder leiding van een Japanse chef in de Sushi School de knepen voor zelfgerolde maki's en nigiri's onder de knie te krijgen. Met driehonderd bedden mikt de manager uiteraard ook op overnachtingen. Niet alleen in privésfeer. Vooral tijdens de wintermaanden vindt het bedrijfsleven de weg naar Hasseludden. Buitenshuis vergaderen en incentives zijn nu eenmaal ontzettend populair in de Scandinavische landen. Samen werken en ontspannen staan daarin centraal. Voor dit doel werd de Spaanse ontwerpster Patricia Urquiola aangezocht om een grote conferentiezaal in te richten in de sfeer en de Japanse filosofie van Yasuragi. Zonder traditionele conferentiestoelen maar met informele lage sofa's, kussens en 'scheidingswanden' van soepele gordijnen gemaakt van witte zijdedraden. Dat maakt van 'werken' op Yasuragi een niet-alledaagse ervaring. Yasuragi is duidelijk meer dan een hotel met spafaciliteiten. Er wordt bij voorkeur afgeweken van geijkte hotelformules. Nieuwe ervaringen staan voorop. En daar hoort ook het slapen bij. De ryokan-suites (de naam betekent herberg en refereert aan de traditionele 'hotelletjes' gebouwd aan de Japanse badhuizen), zijn niet uitgerust met Zweeds slaapcomfort met vederlichte donsdekens en luxemeubilair, maar met spartaanse tatamimatten en met katoen gevulde futons. De inrichting is herleid tot het strikte minimum. Bijzonder geschikt voor wie zich even van de wereld wil afzonderen, want in een ryokan beschikt de hotelgast over eigen catering, persoonlijke host of hostess, minispa met buitenbad en hoeft hij voor niets de deur uit. Zelfs niet voor de massages want ook hiervoor komt men ter plaatse. Volgens Lars Sandberg is overnachten in een ryokan de perfecte plek voor een mentale zuivering. De geur van ceder, het uitzicht op de dennenbomen, de zee en de zeninrichting zetten aan tot meditatie. Er werd zelfs een feng-shuimeester uit Japan overgevlogen om volgens de boeddhistische principes en Japanse esthetica wabi - de schoonheid van het simpele (bijvoorbeeld een steen) - met sabi - de schoonheid van de ouderdom (de sierlijke rondingen van een stoel) - met elkaar te verbinden en zo de opperste rust en harmonie en een positieve energiestroom in de ruimtes tot stand te brengen. Daarbij biedt deze niet-alledaagse hotelkamer plaats voor een achttal personen, waarbij duidelijk, naar het Japanse model, op teambuilding wordt gemikt. Want zoals Sandberg beweert, is het beslist een unieke ervaring om met collega's eerst samen de Kyarabi in te duiken alvorens te vergaderen. Dat wil ik best geloven ! Na al die lichamelijke verwennerij hebben we tegen de avond behoorlijk honger. Er is keuze uit een teppanyakirestaurant - het enige echte in Zweden -, waarvan de chef in de leer ging in het vermaarde Amsterdamse Sazanka Teppanyaki, of een minder omvangrijk maal in de Stora Tokyo. We kiezen voor het laatste. Niet nodig om ons om te kleden of op te tutten. Net zoals de andere gasten schuiven we, getooid in onze yukata, aan tafel. Best een comfortabel en ontspannen gevoel om in kamerjas en op slippers te dineren. De sashimi, vergezeld van een heerlijk geurend misosoepje, is volgens de regels van de Japanse kookkunst een visueel pareltje. Ik adem diep, laat mijn zintuigen werken en laat me meestromen op de heerlijke golven van rust en harmonie. Tekst en foto's Kat De Baerdemaeker