Ik denk dat ik een cabaretier ben. Eerder dan een stand-up comedian. Het verschil zit hem vooral in het ritme. Een stand-up comedian houdt het niet langer dan een halfuur vol, maar in die dertig minuten scoort hij in een razend tempo. Ik kom pas na een kwartier op gang. En ik vertel meer dan alleen grappen.
...

Ik denk dat ik een cabaretier ben. Eerder dan een stand-up comedian. Het verschil zit hem vooral in het ritme. Een stand-up comedian houdt het niet langer dan een halfuur vol, maar in die dertig minuten scoort hij in een razend tempo. Ik kom pas na een kwartier op gang. En ik vertel meer dan alleen grappen. Wat wil ik met mijn leven ? Een helse zoektocht was het om dat te weten te komen. Ik heb politieke en sociale wetenschappen én cultuurwetenschappen gestudeerd, werk gezocht, ontslag genomen, bandwerk gedaan, lesgegeven en uiteindelijk mijn eerste voorstelling geschreven én opgevoerd tijdens de Gentse Feesten. Toen wist ik het : de toneelschool. Halfweg mijn tweede jaar ben ik gestopt met mijn toneelopleiding aan het Gentse conservatorium. Wat een ontgoocheling : lachen en blèten op aangeven van de regisseur. Ik wou meer : zelf schrijven en vooral mijn eigen regisseur zijn. Humo's Comedy Cup winnen, uiteraard gaat je neus daarvan krullen. Zeker van de smakkende lofbetuigingen. Toch hou ik niet van wedstrijden. Je hoort het publiek denken : hij is beter dan die ervoor. Of erger : hij is slechter. Maar als je veel wil optreden, moet je naam maken. Wedstrijden zijn mijn sollicitatiegesprekken. Mijn dagen zijn een aaneenschakeling van piekmomenten. De hele dag op 25 watt branden lukt me niet. Nu en dan op 100 watt wel. Hoe down ik me 's morgens ook voel, 's avonds begin ik mijn voorstelling met bakken adrenaline en goesting. Of ik ijdel ben ? Natuurlijk wel. Geen enkele soloartiest die dat kan ontkennen : we krijgen een podium van 20 bij 20 meter en vinden dat we dat perfect alleen kunnen vullen. Wat een eigendunk. Opvallend hoe weinig vrouwelijke komieken er zijn. Grappen maken blijft nu eenmaal iets puberaals. Of is het dan toch waar dat humor een geritualiseerde vorm van jagen en verleiden is ? Volgens mij vinden velen het ook niet sexy voor vrouwen om met zichzelf te lachen. Bij mannen vinden we dat net wel. Eigenaardig genoeg. Ik amuseer me bij de Rechtvaardige Rechters, maar toch verkies ik theater boven televisie. Televisie heeft iets verdorvens : je weet op voorhand wanneer het publiek zal lachen. Als ik op het podium slecht bezig ben, straft het publiek me genadeloos af. Mijn verdiende loon. Zo moet het. In mijn huidige voorstelling Moest ik van u zijn mag het publiek mij onderbreken. Gevolg : elke show is anders. Bij Vlamingen duurt het langer dan bij Nederlanders voor ze durven ingrijpen. Maar eens op dreef, blijken Vlamingen wel creatiever. Alsof ze een natuurlijke aanleg hebben voor surrealisme en absurditeit. Het is waar, West-Vlaanderen bracht al veel komieken voort. Misschien door onze underdogpositie : we komen nu eenmaal net als Limburgers uit een uithoek. En humor is een zalige manier om je als underdog te manifesteren. Ik denk wel dat ik kinderen wil. Maar ik wacht tot ik minder egoïstisch ben. Als ze er zijn, wil ik me 100 % geven. En nu lukt me dat nog niet. Onlangs las ik over een koppel dat kinderen wilde om dichter bij elkaar te komen. Vreselijk : kinderen als therapie. Nog zo veel mogelijk maffe mensen ontmoeten. Dat is mijn grootste wens. Mensen van wie ik denk : zo fantastisch dat ze bestaan . En die ik dan ook liever niet te vaak terugzie. Hun mindere kantjes wil ik niet kennen. Ik blijf ze liever fantastisch vinden. Tegen mijn tachtigste wil ik mijn eigen Kapellekensbaan hebben geschreven. Zo'n turf waaraan ik jaren heb gewerkt. Ik hoop op die leeftijd ook nog kranig genoeg te zijn om op te treden. Voor de rest wil ik simpele dingen op mijn oude dag : met mijn vriendin samen in de schommelstoel La chanson des vieux amants zingen bijvoorbeeld. :: Info speeldata 'Moest ik van u zijn' op info@bis-produkties.be of 03 454 27 37. Tekst Guinevere Claeys I Foto Charlie De Keersmaecker