"Wacht, even een paar letters leggen. 'Coaguleren', is dat een woord ?"
...

"Wacht, even een paar letters leggen. 'Coaguleren', is dat een woord ?" Los van het feit dat ik mijn iPhonevrienden hoofdzakelijk verwens om hun concentratiegebrek - ze kunnen geen film kijken zonder hun mail te checken, geen concert volgen zonder de voetbalscores mee te pikken, en geen discussie beslechten zonder hun gsm boven te halen "om het snel op te zoeken" -, vind ik Wordfeud een fascinerend spel. Voor de leken : Wordfeud - letterlijk : 'woordonenigheid' of 'woordvete' ; het tweede woorddeel spreekt u uit als 'fjuuwd' - is Scrabble, maar dan op je gsm, waarin je tegen vrienden of vreemden wanneer het jou schikt een woord kunt leggen. Klinkt simpel, maar sinds een jaar is het uitgegroeid tot een succesnummer in de reeks tijdverdrijfgames-op-je-gsm. De Facebookgeneratie en geschreven taal : het blijft een wonderlijke combinatie. De jongeren die nu al een klein decennium voorgehouden worden dat ze niet meer kunnen schrijven, blijken meer in de pen te kruipen dan alle generaties voor hen. Of preciezer nog : het toetsenbord. Want dat is uiteraard de link : het internet waarmee ze groot geworden zijn, blijft hoofdzakelijk een geschreven medium. We leven in een "tekstueel communicerende maatschappij", zoals het onlangs in Knack nog verwoord werd - tot iPhonegames toe. Ding is : of ze nu hoofdletters gebruiken, de dt-regels kennen of weten wat 'coaguleren' is, boeit me niet eens zo veel. Wat me wel interesseert, is hoe die tekstueel communicerende maatschappij vorm heeft gekregen. Als je het eens deftig overschouwt, zit het namelijk vernuftig in elkaar. Je ouders bel je, je beste vrienden sms je, je iets minder goede, maar toch nog dichte vrienden stuur je een Facebookbericht, Twitter voor vage kennissen, mails voor professionele doeleinden. Elke laag van je sociale netwerk heeft zijn eigen medium. Elk met zijn eigen vereisten inzake hoofdletters, interpunctie en aanspreking - niets zo grappig als je moeder die een bericht op je Facebookmuur ondertekent met 'Groetjes, Mama'. Het is een kwestie van het juiste register. Het probleem is dat de generatie die opgroeide in een verbaal communicerende maatschappij, maar over één geschreven register beschikt : het formele. Nu werkt dat prima in tijden van sierlijke, handgeschreven hoofdletters en op een typemachine getikte brieven, maar het wordt een probleem als schrijftaal diverse informele contexten kan hebben. Gelekte mails uit een ministerieel kabinet worden beoordeeld alsof ze meer zijn dan geleuter in de wandelgangen, forumgezwets heet een probleem te zijn - in tegenstelling tot cafépraat, die vooralsnog niemand aan banden wil leggen - en tweets geven aanleiding tot hele krantenartikels. En elke keer zucht ik. Zwart op wit betekent niet hetzelfde als formeel : dat zou ondertussen toch al lang duidelijk mogen zijn. Bij deze : dt-fouten, gebrekkige interpunctie en ondermaats hoofdlettergebruik zijn geen indicatoren van domheid, het is gewoon een manier om ú duidelijk te maken dat u niet te veel gewicht aan de woorden moet geven. Geheel terzijde : 'coaguleren' betekent gewoon 'stollen'. Geert Zagers (28) observeert en rapporteert vanuit de twilightzone tussen X en Z. Geert Zagers