Willie Nelson en Kris Kristofferson dus. Ze zaten weliswaar niet samen in de originele Outlaws het kwartetje rapaille dat halfweg de seventies een storm door Nashville joeg maar tegen de tijd van The Highwaymen (het jammer genoeg mindere project met Johnny Cash en Waylon Jennings) hadden ze elkaar wel formeel gevonden. Qua zielsverwantschap was de band al veel eerder duidelijk : allebei mannen met baarden, met een ruwe bast en een tedere inborst, ...

Willie Nelson en Kris Kristofferson dus. Ze zaten weliswaar niet samen in de originele Outlaws het kwartetje rapaille dat halfweg de seventies een storm door Nashville joeg maar tegen de tijd van The Highwaymen (het jammer genoeg mindere project met Johnny Cash en Waylon Jennings) hadden ze elkaar wel formeel gevonden. Qua zielsverwantschap was de band al veel eerder duidelijk : allebei mannen met baarden, met een ruwe bast en een tedere inborst, songschrijvers par excellence (Kristofferson de iets betere auteur, denk alleen al maar aan ?Me and Bobby McGee" Nelson de aanzienlijk betere uitvoerder), amigo's door dik en dun en doorheen veelzijdige carrières (van film tot muziek), die vaak hotsten en botsten over diepe dalen en puntige pieken. En zie : ongeveer gelijktijdig brengen ze op hetzelfde label een nieuwe cd uit die tot de beste uit hun carrière behoort. ?Just one love" ( Justice Records) is Nelsons eerste écht nieuwe in een behoorlijke tijd. Hijzelf noemt ze zijn ?honky tonk record" en dat is het inderdaad ook : terug naar de authentieke country met een eminente mix van covers, zowel minder bekende (het prachtige ?Just one love", een duet met Kimmie Rhode) als standards (?Smoke smoke smoke that cigarette" of Hank Williams' ?Cold cold heart"). Kris Kristofferson slaat op ?A moment of forever" ( Justice Records) wel nieuwere paden in, al was het alleen maar door het aantrekken van trendy producer Don Was, die in zijn zog een indrukwekkende collectie stermusici heeft meegebracht als daar zijn Jim Keltner, Benmont Tench, Waddy Wachtel, Billy Swan, Stephen Bruton of de vaste Was-associés Sweet Pea Atkinson en Sir Harry Bowen. Kristofferson heeft nog geen onsje van z'n componeertalent verloren en ook tekstueel staat hij nog altijd borg voor een mix van het persoonlijke en het politieke. Wat dat laatste betreft, zijn ?Johnny Lobo" (een song die over John Trudell lijkt te gaan) en?Slouching toward the Millennium" (waarin Manuel Noriega, Saddam Hussein en David Koresh het trio pispaaltjes van dienst uitmaken) de uitschieters. Maar op zijn alleràllerbest is Kristofferson toch als hij het over vrienden van vroeger heeft en wie onberoerd kan blijven bij alle dubbele bodems van ?Sam's song (Ask any working girl)" over z'n buddy, regisseur Sam Peckinpah heeft een hart van papier maché. Kris Kristofferson : ruwe bast, tedere inborst.