Wijnen uit de Roussillon zijn in België erg in trek: van het hier besproken Château Saint-Martin plaatst Colruyt makkelijk 60.000 flessen per jaar, van Latour de France (een Village die bij de appellation mag staan) verzet GB er sommige maanden meer dan 100.000. Op middellange termijn is de wijn ook duidelijk verbeterd. Er zijn nu nog 40.000 hectaren over van de 70.000 in 1935, en in verhouding is de productie nog sterker gedaald: van meer dan 4 miljoen hectoliter in 1935 tot 1,7 miljoen vandaag: alleen de beste wijngaarden zijn gebleven. Maar niet alles is even goed: slechts 70 procent van de percelen produceren AOC-wijn; de overige, goed voor 70.000 hl, moeten het stellen met landwijn en tafelwijn. De AOC-wijn valt uiteen in twee grote groepen: de zoete Vins Doux Naturels ( VDN), en de droge rode: Côtes du Roussillon en Côtes du Roussillon Villages. Verder is er nog een speciale, piepkleine AOC: Collioure, vlak tegen de Spaanse grens.

Het weer zit mee: de zon schijnt er meer dan 2500 uren per jaar, met pieken in de zomermaanden waarbij de gemiddelde temperatuur hoger is dan 20 graden en de maxima geregeld oplopen tot 28 graden.

Eigenlijk is de Roussillon een reusachtig amfitheater met de Middellandse Zee aan de oostkant, en verder afgesloten door gebergten: de Albères in het zuiden aan de Spaanse grens, de Canigou in het westen en de Corbières in het noorden. Het gebied is dan nog doorsneden door drie, van west naar oost lopende rivieren: Le Tech, La Têt en L'Agly, die aanleiding geven tot velerlei terrasstructuren. De gehele streek bestaat overwegend uit rots en grind, graniet, leisteen en kalk. Het druivenpakket is even gevariëerd als de bodem, maar essentieel te herleiden tot carignan, grenache en syrah. De eerste voor de basiswijn; de grenache voor charme, alcohol en fruit; syrah ten slotte, stoffeert de neus.

Het klassieke wijnmaken is geëvolueerd in twee richtingen. Meer en meer wijnen worden gedeeltelijk onder koolzuur vergist ( macération carbonique) en daar komt uitbundig fruit van. Anderzijds zal men, vooral in de Villages, soms wat houtlagering toepassen voor meer structuur en meer prestige. Dat wordt dan meestal op het etiket vermeld.

Côtes du Roussillon Villages, Latour de France 1994, Les Vignerons du Roussillon.

Latour de France is de naam van het dorp dat aan de AOC mag worden toegevoegd, het is geen merk. De ondergrond bestaat voornamelijk uit leisteen; het druivenbestand is samengesteld uit 60 procent carignan, 30 procent grenache en 10 procent syrah. De helft van het carignangedeelte is vergist "onder koolzuurgas" en de wijn is voor een jaar op cuve gehouden alvorens te worden gebotteld.

De kleur is normaal geconcentreerd, met de aanzet van een nuance naar rijp; de neus is "braaf" en weinig expressief, met wat geur van bosgrond; de smaak ten slotte is gepolijst, met wat proefbare zachte bitterheid in het middengebied en in de afdronk. Ideale wijn voor bij de barbecue. (GB: 129 fr.)

Côtes du Roussillon Villages 1996, Domaine de Terre Rouge, Coopérative Aglya à Estagel, gebotteld door Delhaize.

Gemaakt van het klassieke trio carignan, grenache en syrah (op leisteenbodem, met nog ijzerhoudend gesteente erbij). Normale kleur met een nuance van vers; een uitbundige fijne neus van syrah-kruidigheid; charmerende, zachte, soepele smaak met fris zuur en goede lengte. Mooie wijn, koel drinken. (Delhaize: 122 fr.)

Côtes du Roussillon Villages Caramany 1997, Ch. Mauleon, Les Vignerons Catalans.

Caramany is hier de dorpsnaam die aan de AOC werd toegevoegd. Het dorp is uiterst westelijk gelegen in de vallei van de Agly. De bodem van Château Mauléon is vooral granietzand en gneis. Het druivenpakket bestaat uit 60 procent carignan, 20 procent syrah en 15 procent grenache. Gedeeltelijk vergist onder vorm van hele trossen, wat ongeveer neerkomt op macération carbonique. Stevige, verse kleur met wat naprik van nagisting op fles; goede "vineuse" neus, typisch voor koolzuurgisting, en een charmerende soepele smaak met fijne tannines; soepel tot op het einde. Mooie wijn in zijn genre. (Colruyt: 150 fr.)

Côtes du Roussillon 1996, Château Saint-Martin, Les Vignerons d'Elne, Elevé en fûts de chêne.

Elne is een middeleeuws stadje, niet ver van de kust. De bodem van Château Saint-Martin is dan ook al wat zanderig, met grind van de Tech. De wijn is voor 60 procent syrah, 20 procent carignan en 20 procent grenache, met het carignangedeelte onder koolzuur vergist. Hij gaat voor drie tot zes maanden op eiken vaten. Goede kleurconcentratie met wat evolutie door de vatlagering; neus met oud hout en iets cederachtige scherpte; charmerende, smakelijke aanzet in de mond, maar op het einde iets verschralend in zachte bitterheid. Wijn voor aan tafel. (Colruyt: 145 fr.)

Volgende aflevering in Weekend Knack van 13 mei: Italiaanse wijn.

HERWIG VAN HOVE