Eenvoudige, lekkere wijnen, die geen pijn doen in de portemonnee. Daar willen we het om de veertien dagen over hebben in deze rubriek. Château Simple, wijn voor beginners, die ook de kenners wel bevalt. Deze week : twee soorten corbières.
...

Eenvoudige, lekkere wijnen, die geen pijn doen in de portemonnee. Daar willen we het om de veertien dagen over hebben in deze rubriek. Château Simple, wijn voor beginners, die ook de kenners wel bevalt. Deze week : twee soorten corbières. DE REGIO Corbières in het Zuid-Franse departement Aude, is een uniek bergmassief dat in het oosten over een lengte van wel 50 km aan de kust grenst. Noordelijk loopt het gebied tot aan de autoweg Narbonne-Carcassonne en in het zuiden tot de uitlopers van de Pyreneeën ; de Aude vormt de westelijke grens. In 1951 al werd een eerste VDQS-klassering ( Vin Délimité de Qualité Supérieure) ingevoerd, als voorloper van de AOC-status ( Appellation d'Origine Contrôlée) die volgde in 1985. Corbières is moeilijk in een klassering te vatten : 87 gemeenten in een gebied met een uiterst gevarieerde bodemsamenstelling en microklimaten die verschillen na elke heuvelrug. Jaarlijks wordt er op 12.300 ha zo'n 500.000 hl geproduceerd, waarvan 90 procent krachtige rode wijn van 11 tot 13 alcohol. De AOC bracht heel wat verandering ten goede. Vijf gemeenten werden uitgesloten, en overal werden de minder goed georiënteerde of te rijke alluviale percelen uit de appellation geweerd. Ook het druivenbestand werd onder handen genomen en evolueerde naar carignan, grenache, cinsaut, mourvèdre en syrah. Aramon en de vele andere hoogrenderende soorten, die in de kustvlakten nog altijd voor de wijnplas van de Europese Commissie zorgen, werden uit de appellation geweerd. Carignan is de traditionele kwaliteitsdruif uit het zuiden en maakt ook in Corbières het mooie weer. De wijn ervan is goed gestructureerd, maar naar moderne opvattingen wat zwak van neus : zijn aandeel in de AOC-wijn is beperkt tot 60 procent. Grenache geeft kleur en substantie, cinsaut geeft finesse men maakt er ook de beste rosés van , en mourvèdre geeft tannine en bewaarpotentieel. Tenslotte werd ook syrah als verbeteraar uit de Rhônevallei gehaald om het boeket wat intenser te maken. Het druivenbestand van Corbières is dus typisch een van de samengestelde soort nodig bij zuiderse wijngaarden voor de complexiteit en de smaakbreedte. Het verbeteren van geur en smaak met vreemde druivensoorten is één procédé, maar ook op technisch gebied is veel mogelijk. De meest ingrijpende vernieuwing was de zogenaamde macération carbonique : gisting onder koolzuur. Hiervoor worden de gistkuipen vooraf met koolzuurgas gevuld, en worden er hele, niet gekneusde en niet ontriste druiventrossen in gestort. De gisting kan dan niet op gang komen via het klassieke zuurstofverbruikende pad, maar er komt wel in de druiven zelf een enzymatische omzetting van suiker naar alcohol op gang, waardoor intense fruitaroma's van rode vruchten ontstaan die in het gistende sap worden opgelost. Vooral carignanwijnen, die van nature wat naar stugge ruwheid neigen, krijgen er een mooie fruité van. Op deze manier kan men echter geen bewaarwijnen maken : de intense rode fruitgeuren sterven af na enkele jaren fles.