Ik bracht mijn jongste dochter naar het verjaardagsfeest van een vriendje, dat op een boerderij plaatsvond. Er waren varkens en koeien, en blozende kinderen waaraan je zag dat uiers je vrolijker maken dan iPads.
...

Ik bracht mijn jongste dochter naar het verjaardagsfeest van een vriendje, dat op een boerderij plaatsvond. Er waren varkens en koeien, en blozende kinderen waaraan je zag dat uiers je vrolijker maken dan iPads. Ik haalde mijn telefoon boven om een foto te maken van een felle boerin die voorbijtufte op een antieke tractor. "Jij. Hebt. Een. Dikke. Gsm", zei toen het kindje Oscar. Even dacht ik dat hij dat positief bedoelde, zoals je een dikke auto kunt hebben. Maar toen zag ik in zijn zesjarige ogen een scherpte die mij deed denken aan survival of the fittest. "Ja", zei ik op mijn hoede. "Écht wel dik he?" Ik overwoog Oscar te vertellen dat ik aan mijn dikke telefoon gehecht ben, omdat hij mij al vijf jaar trouw vergast op berichten van waanzin & wonder. Eens is hij in de gleuf tussen liftdeur en liftbodem gesukkeld, en in de schacht vier verdiepingen naar beneden getuimeld. Daarna deed hij het nog, met een dijk van een deuk erin. Op een andere keer voorzag de camera de gezichten van gefotografeerden opeens van levensechte aardbeivlekken. Dat kon ik herstellen voor 8,95 euro. Zo weinig kost een nieuwe camera voor een oude iPhone. Zo'n ding zelf repareren, vind ik een bevredigende handeling in het tranendal der wegwerp. Dat zei ik niet tegen Oscar. Met zijn opmerking over mijn dikke gsm, had hij op een knop geduwd waarvan ik het bestaan was vergeten. Hij voerde mij terug naar verre speelplaatsen waar er gejoeld en gejend werd, en waar je werd uitgestoten als je een foute broek droeg. Hoe geweldig ik kinderen ook vind, het blijven best wel conservatieve klootzakjes. Altijd op zoek naar iets dat van de norm afwijkt. Gsm's horen plat en dun te zijn. Je bent een loser als je nog een dikke hebt. In vroegere tijden, toen het leven vies en broos was als spinrag, maakte je duizend keer meer kans in groep te overleven dan in je eentje. Gelukkig hebben we nu uitkeringen en wetten tegen discriminatie. Maar de oude angst om te worden buitengesloten, is vanuit de prehistorie met ons meegereisd. Ze doet ons rare dingen doen om ons tegen de kudde aan te kunnen schurken. In de buurt waar ik woon - en ongetwijfeld ook in de buurt waar u woont - lopen sinds enige tijd mensen bij bosjes over straat in te korte broeken. Cropped pants, heet dat. Vroeger was het 'water in de kelder' en een van de grootste stijlzonden. Op een bepaald moment beslissen een paar modemandarijnen dat het trendy is, en dan beginnen een hoop dutsen dat na te doen. Onlangs zat ik op een terrasje met mijn kameraad die iets heeft van Jim Morrison. Er passeerde een kerel met kale kop, baard, oorbellen en natuurlijk de obligate te korte broek. "Kijk," zei ik, "die gast is tenminste mee met zijn tijd. Wij lijken wel achterlijk met onze broek die valt tot op de schoen." "Nee", antwoordde Jim met de cool die hem kenmerkt. "Híj is achterlijk, want hij gaat mee met de fling van de tijd. Wat je moet doen, is er gewoon blijven staan als de waanzin om zich heen grijpt." Dat vond ik een mooie gedachte. Ik haalde mijn dikke gsm tevoorschijn en las enkele tweets in de politieke sector. Daar had ook weer veel volk last van water in de kelder.