Beweren dat Scabal een topspeler is inzake prestigieuze stoffen voor mannenkleding is een understate-ment : het Belgische bedrijf levert zijn waren aan kleermakers, luxemerken en ontwerpers over de ganse planeet. Wie het succes van het Brusselse, in 1938 opgerichte huis wil verklaren, moet het antwoord echter niet zoeken in modehoofdsteden als Parijs of Milaan. Zelfs niet op Saville Row in Londen, het tot op heden vereerde centrum voor traditionele mannenkostuums en maatwerk, waar de flagship store van Scabal inmiddels zijn twintigste verjaardag vierde.
...

Beweren dat Scabal een topspeler is inzake prestigieuze stoffen voor mannenkleding is een understate-ment : het Belgische bedrijf levert zijn waren aan kleermakers, luxemerken en ontwerpers over de ganse planeet. Wie het succes van het Brusselse, in 1938 opgerichte huis wil verklaren, moet het antwoord echter niet zoeken in modehoofdsteden als Parijs of Milaan. Zelfs niet op Saville Row in Londen, het tot op heden vereerde centrum voor traditionele mannenkostuums en maatwerk, waar de flagship store van Scabal inmiddels zijn twintigste verjaardag vierde. Nee, de cruciale bouwsteen van Scabals wereldwijde reputatie ligt verscholen in de groene heuvels van Yorkshire, het Noord-Engelse graafschap dat reeds vóór de industriële revolutie het hart van 's lands textielproductie vormde, en dat bleef na de introductie van stoommachines in de tweede helft van de achttiende eeuw. De thuiswerkende cottage weavers werden immers vervangen door grootschalige weverijen, die ambachtelijke knowhow tot op heden combineren met spitstechnologie. Een van die bedrijven, het in 1899 opgerichte Bower Roebuck & Co., is al sinds 1973 in handen van Scabal, dat er inmiddels het grootste deel van zijn stoffen produceert. De onderneming in het bescheiden Huddersfield vervaardigt op twintig ultramoderne weefgetouwen en met zeventig werknemers maar liefst driehonderdduizend meter stof per jaar. "Scabal was oorspronkelijk slechts een handelaar in stoffen", legt CEO Gregor Thissen uit. "Maar die markt is de laatste decennia enorm complex en veeleisend geworden, onder meer door de opkomst van steeds fijnere wolkwaliteiten en vernieuwende vezelcombinaties. Wie internationaal wil meetellen, moet bovendien stoffen voor specifieke doeleinden en verschillende markten aanbieden, aangepast aan lokale voorkeuren en weersomstandigheden. Een eigen weverij was voor ons dan ook onvermijdelijk. Alleen op die manier konden we de nodige researchcapaciteit ontwikkelen en onze eigen, authentieke stoffen gaan creëren." Zodoende omvat de portefeuille van Scabal vandaag vijfduizend verschillende stoffen, van de allerfijnste wol, kasjmier en zijde tot delicate weefsels met vicuña en chinchilla, een van de recentste primeurs op het cv van het bedrijf. Tussen de eerste garenexperimenten en de finale kleurkeuze voor een nieuwe stof ligt vaak twee à drie jaar. Behalve een maandenlange opleiding hebben wevers en naaisters bovendien permanente bijscholing nodig. Een dure aangelegenheid, bekent Thissen, al verandert de intensieve concurrentie vanuit de lagelonenlanden niets aan de werkwijze : "Veel weverijen in de regio moesten de jongste decennia hun deuren sluiten. Ongetwijfeld kunnen we elders goedkoper stoffen produceren, net zoals we ook minder prijzige wolleveranciers kunnen aantrekken. Alleen zou dat onvermijdelijk het DNA en de reputatie van Scabal aantasten, waardoor we de beoogde kostenbesparing uiteindelijk duur zouden betalen." Niet alleen de lokale vaardigheden lokten Scabal naar Huddersfield. Dezelfde natuurlijke rijkdommen die de eerste weverijen in de regio aantrokken - de pioniers vestigden zich in regio's waar ze stoomkracht konden opwekken uit rivieren en stromen - spelen namelijk ook vandaag nog een essentiële rol, zij het dan om andere redenen. Vóór de weefsels gesneden en geknipt kunnen worden, worden ze namelijk intensief gewassen. Een stapsgewijs procedé dat ze niet alleen ontdoet van wolzweet of andere vetten en vuil, maar ook de zachtheid van de stof bepaalt. Bovendien worden met aangepaste wassingen specifieke effecten gecreëerd, zoals een glanzende of integendeel matte look, en is in de laatste fase een antibacteriële behandeling nodig. Het is met name bij de afwerking van de stoffen dat lokale producenten graag wijzen op de zogenaamde 'Huddersfieldfactor'. De stad ligt immers in een vallei, in de onmiddellijke nabijheid van twee rivieren : de Colne en de Holme. Het water dat erdoor stroomt, is van een unieke zuiverheid en zachtheid, want natuurlijk gefilterd door de geologische lagen van zand- en leisteen van de naburige Pennine Hills. Voor Scabal, dat voor een recente stoffencollectie de naam Riverside bedacht, is de aanwezigheid van dit ongecontamineerde rivierwater van doorslaggevend belang. Om het water te kunnen gebruiken, is immers geen enkele behandeling met chemische bestanddelen nodig. Meer dan het rivierwater en natuurlijke zeep komt aan de wasprocedés niet te pas. Daardoor bezorgen ze zelfs de fijnste wolkwaliteiten een natuurlijke finish en een uitzonderlijke zachtheid. Een betere garantie op werkgelegenheid kan Huddersfield moeilijk verhopen. Of zoals een lokaal gezegde luidt : "Schapen kun je altijd verplaatsen, rivieren niet." Info : www.scabal.com,www.bespoken.com.DOOR WIM DENOLFDE WEVERIJ IN HUDDERSFIELD VERVAARDIGT MAAR LIEFST 300.000 METER STOF PER JAAR.