Plaats 193. Het was de eerste keer in drie jaar tijd dat ik plots erg ontdaan was door de lange wachttijd die mijn vriend en ik nog voor de boeg hebben. Toen we ons in 2018 registreerden op de wachtlijst voor adoptie, startten we met de gemoedsrust dat we als koppel ruim op tijd het ge...

Plaats 193. Het was de eerste keer in drie jaar tijd dat ik plots erg ontdaan was door de lange wachttijd die mijn vriend en ik nog voor de boeg hebben. Toen we ons in 2018 registreerden op de wachtlijst voor adoptie, startten we met de gemoedsrust dat we als koppel ruim op tijd het gesprek over onze kinderwens waren aangegaan. Ik was net drieëntwintig, helemaal nog niet klaar voor een kind, maar wel zeker dat ik er ooit een wilde. Gezien de lange wachttijden was een vroege registratie zeker geen overbodige luxe. December laatstleden stonden we namelijk slechts 29 plaatsen verder. Als je de gemiddelde wachtperiode bekijkt, zijn we wellicht nog niet eens halfweg. Plaats 193. Ineens overviel het wachten me, alsof ik de hele tijd het wachtmuziekje had genegeerd en nu het repetitieve deuntje niet uit mijn hoofd kon krijgen. Ik leek plots de grip op mijn toekomst te verliezen, starend in het oneindige naar een verlangen dat ooit ingelost zal worden, maar niet vandaag. En dan verdwijnen mijn zorgen nog in het niets als ik kijk naar de wachttijden die bijvoorbeeld Lamia en Lena te gaan hebben voor een broodnodige longtransplantatie en psychiatrische hulp (p. 18). Maar nu er ook in ons land over een algemene adoptiepauze gesproken wordt, klinkt mijn ooit sluimerende wachtmuziekje plots oorverdovend luid. Ik kan alleen maar hopen dat we niet wachten op Godot. Dat heb ik altijd al een belachelijke kindernaam gevonden.