Of ik een opiniestuk wou schrijven voor zijn vrouwenkrant, vroeg hoofdredacteur Rudy Collier van De Morgen mij vorige week. Ja, als ik mag schrijven dat ik een vrouwenkrant onzin vind en dat ik in mijn krant absoluut niet nog meer artikels wil aantreffen in de trant van de g-spotgids van een paar weken geleden, zei ik. Alle gekheid op een stokje, ik had er geen tijd voor en geen zin in.
...

Of ik een opiniestuk wou schrijven voor zijn vrouwenkrant, vroeg hoofdredacteur Rudy Collier van De Morgen mij vorige week. Ja, als ik mag schrijven dat ik een vrouwenkrant onzin vind en dat ik in mijn krant absoluut niet nog meer artikels wil aantreffen in de trant van de g-spotgids van een paar weken geleden, zei ik. Alle gekheid op een stokje, ik had er geen tijd voor en geen zin in. Toen die dubbele krant in de bus viel, heb ik hem van dichtbij bekeken. Als publiciteitsstunt kan zoiets natuurlijk tellen.De Morgen maakte een eenmalige oefening. Het begon mooi: ook niet voor die ene keer mocht een ervaren vrouwelijke journaliste hoofdredacteur zijn van die vrouwenkrant. Yves Desmet probeerde in de commentaren van de mannen- en vrouwenkrant een verschillende toon aan te slaan. Want we zijn immers gelijkwaardig en niet gelijk. In de mannenkrant was het standpunt er een van toffe jongens onder elkaar. Vrouwen moeten niet zeuren en hun streven naar emancipatie oplossen met de pizzaboy, de strijkwinkel en de poetsvrouw. We zijn immers gelijkwaardig, maar we worden nooit gelijk. Meisjes, wanneer gaan jullie ons nu eens begrijpen? Een vriend van Desmet had het ooit anders aangepakt: hij had gestreken, gekookt en gepoetst. Was zijn vrouw er toch wel met een macho vandoor gegaan zeker? In de vrouwenkrant belijdt Desmet ootmoedig schuld. Politici - in hoofdzaak mannen dus - hollen volgens hem altijd achter de echte maatschappelijke evoluties aan. De traditionele kwaliteitsjournalistiek staat bol van de machovooroordelen, ze houdt zich bezig met macht en geestelijke bolwerken. Zeer waar allemaal. Maar het ene kan natuurlijk niet zonder het andere. Wie de structuren wil aanpassen aan de maatschappelijke evoluties en een leefbaar kader wil scheppen, heeft macht nodig en enig theoretisch denken is daarbij natuurlijk ook niet overbodig. Dat is nu eenmaal politiek. En in dat veld gelden dezelfde regels voor vrouwen als voor mannen. Alleen zijn de vrouwen ruimschoots in de minderheid aan beide kanten van de barrière, in de politiek en in de verslaggeving erover. In de politiek werd via een wet aan de verhoudingen gesleuteld. In de journalistiek ligt dat nog altijd zeer moeilijk. Eén op de vijf Vlaamse krantenjournalisten is een vrouw, ze is vaker kinderloos en alleen, wordt maar zelden chef en zeker geen hoofdredacteur, en weinig jonge vrouwelijke journalisten houden het uit in dit vak na hun 35ste. Omdat ze ook mét de pizzaboy, de werkster en de strijkwinkel niet de verzorgende, opvangende, begrijpende partner kunnen vervangen die hun mannelijke collega's in de meeste gevallen wel hebben. Want dit is een druk en hard vak en voor de best functionerende mannelijke sterren is hun thuis meestal le repos du guerrier. Je maakt geen vrouwenkrant door artikels in te lassen à la g-spotgids, die bevestigen alleen maar de clichés uit bladen als Flair, zoals een jonge vrouwelijke Knack-collega me zei. Je maakt geen vrouwenkrant door de perikelen binnen justitie, de Union Minière en Lumumba, de beurskoersen en het economisch nieuws, de ruzie in de Volksunie en de terugkeer van Ronald Biggs uit de kolommen weg te laten. Je maakt dan alleen een minder interessante, een minder goede krant. Er is maar één manier om een completere, meer evenwichtige krant te maken: er als hoofdredacteur voor zorgen dat veel van die jonge vrouwen, die ongeduldig staan te trappelen onderaan de redactionele hiërarchie, belangrijke opdrachten en verantwoordelijkheid krijgen. Dat geldt niet alleen voor De Morgen. De feiten waarover bericht moet worden veranderen niet, maar invalshoeken en benadering kunnen danig verschillen. Dat brengt variatie en gender-evenwicht. TESSA VERMEIREN