In deze oude Rotterdamse buurt staan ongeveer allemaal dezelfde rijtjeshuizen met lijstgevels uit het begin van de twintigste eeuw. Maar dit pand is de vreemde eend in de bijt. Het heeft ondertussen ook een verhaal. Het staat in een zogenaamde achterstandwijk, waar de gemeente door het verkopen van wat ze kluswoningen noemen, de buurt weer tot leven wekt. Ook dit was een verwaarloosd huis, met piepkleine flatjes per verdieping. De gemeente wil dit soort opdeling verhinderen en verplicht de nieuwe eigenaars om er één woning van te maken. Zo ontstaan er grotere en meer kwalitatieve huizen. H...

In deze oude Rotterdamse buurt staan ongeveer allemaal dezelfde rijtjeshuizen met lijstgevels uit het begin van de twintigste eeuw. Maar dit pand is de vreemde eend in de bijt. Het heeft ondertussen ook een verhaal. Het staat in een zogenaamde achterstandwijk, waar de gemeente door het verkopen van wat ze kluswoningen noemen, de buurt weer tot leven wekt. Ook dit was een verwaarloosd huis, met piepkleine flatjes per verdieping. De gemeente wil dit soort opdeling verhinderen en verplicht de nieuwe eigenaars om er één woning van te maken. Zo ontstaan er grotere en meer kwalitatieve huizen. Het tegenovergestelde van wat er in veel andere oude steden gebeurt, waar steeds meer panden worden opgedeeld in flats. Maar een groot huis werd het niet, de grondoppervlakte is weinig meer dan dertig vierkante meter. Toch oogt het resultaat best ruim, want de ontwerpers haalden echt alles uit de kast om hiervan een spectaculaire woning te maken. Het ontwerp is van de hand van Rolf Bruggink van de Studio Rolf.fr, in samenwerking met het Utrechts bureau Zecc Architecten. De gevel valt op door zijn zwarte en glimmende tint en de ongewone vensteropeningen, die blijkbaar totaal los van de oude vensterindeling in de bakstenen gevel werden uitgesneden. Helemaal nieuw is dit idee niet, want de Parijse architect Edouard François hanteerde het procedé al voor het Hotel Fouquet Barrière op de Champs Elysées, waarbij hij een Haussmanniaanse gevel schijnbaar lukraak doorboorde. Daardoor lijkt het gebouw op een aquarium. Rolf Bruggink liet het oude huis binnenin volledig strippen, waardoor de indeling met aparte kamers verdween en er één grote aaneengesloten woonruimte ontstond, van beneden tot boven, zonder deuren. Dwars erdoor loopt er een imposante trap, opgebouwd uit kleine houten latten, net een houtsculptuur. Hij maakt van dit interieur een soort Escherruimte, refererend aan de 'oneindige' architectuurtekeningen van de beroemde Nederlandse tekenaar Maurits Cornelis Escher. Het huis zit ook vol bouwsporen, want de muren zijn ruw, het oude pleisterwerk werd gewoon afgehakt. Zelfs de gaten van de verwijderde balken blijven zichtbaar. De ruimten voor wonen, eten, werken en slapen zijn met elkaar verbonden door vides en trapgaten, die riante dwarse doorzichten mogelijk maken. Er is een inloopdouche en de wastafel is vervaardigd uit een gebogen stuk staal. Het bad staat op zolder, waar het pannendak vervangen werd door een serre. Op de daktuin ligt er kunstgras. Ook de decoratie van het interieur is ongewoon en gedurfd. Hiervoor werkte Rolf Bruggink samen met zijn partner Yffi van den Berg. Ze gaven oude meubels en objecten een nieuw leven door ze via ingrepen te transformeren. In dit bijzondere huis ziet elk object er trouwens meteen anders uit. Zelfs wat heel burgerlijk is, wordt artistiek. - Info : www.rolf.fr en www.zecc.nlDOOR PIET SWIMBERGHE - FOTO'S SVEN EVERAERTDE WONING WERD INGEPAST OP EEN OPPERVLAK VAN NIET VEEL MEER DAN DERTIG VIERKANTE METER.