Ik heb een zitje aan het raam en staar naar de wolken. " Coffee, tea or perhaps a glass of champagne?" vraagt de steward, die me zonet een upgrade naar businessclass heeft gefikst. "Doe maar de bubbels, meneer", antwoord ik, terwijl ik het in-flight ma...

Ik heb een zitje aan het raam en staar naar de wolken. " Coffee, tea or perhaps a glass of champagne?" vraagt de steward, die me zonet een upgrade naar businessclass heeft gefikst. "Doe maar de bubbels, meneer", antwoord ik, terwijl ik het in-flight magazine opensla. Oké, dat is gelogen. In realiteit zit ik op een stoel voor het slaapkamerraam te kijken naar de witte lakens die de buren uit hun venster hebben hangen. Wel staat mijn lief met een dienblad vol koekjes naast mij en twee minuten lang spelen we van vliegtuigje. Hij is de steward, ik de passagier die op haar wenken bediend wordt. Een mens in quarantaine moet zich bezighouden, nietwaar. Eerder deze week hadden we al een imaginaire co-worker in huis gehaald op wie we alles kunnen afschuiven wat momenteel misloopt in ons leven, nu we met z'n tweeën thuiswerken, terwijl hier ook een peuter rondkruipt. Die vuile glazen overal in huis? Wesleys fout. Dagelijks neemt het oncollegiale gedrag van Wesley toch even mijn gedachten weg van het nieuws. Wie dezer dagen geen tuin heeft, zoals de sjansaars in dit nummer, moet extra creatief zijn om wat stoom te kunnen afblazen. Dat is hoe ik het aanpak. Zolang we gezond zijn, mag er gelachen worden. Zolang de lockdown duurt, zet het spel zich voort.