Meer dan één miljoen hebben ze er ondertussen van verkocht. De origamilijn in plooibaar nylon met leren handvaten werd in 1994 gelanceerd en maakte de naam van Longchamp. Het is dan ook aan handige tas. Piepklein om mee te nemen. Reuzegroot door enkele uitvouwmanoeuvres.
...

Meer dan één miljoen hebben ze er ondertussen van verkocht. De origamilijn in plooibaar nylon met leren handvaten werd in 1994 gelanceerd en maakte de naam van Longchamp. Het is dan ook aan handige tas. Piepklein om mee te nemen. Reuzegroot door enkele uitvouwmanoeuvres. "We hebben altijd vouw- en plooiwerk geleverd, ook in de beginperiode van het bedrijf, toen we nog uitsluitend valiezen maakten", zegt marketingmanager Marie-Benedicte Verspieren. "Iedereen denkt dat we Prada achternagaan, maar wij hadden al nylon reistassen in 1970. De origamilijn is daar een verderzetting van. Dat het zo'n kaskraker zou worden, hadden we niet durven dromen." Jean Cassegrain richt het bedrijf op in 1948. Het logo is een gestyleerde jockey met paard. De naam: Longchamp. In dat eerste jaar zijn ze vooral bezig met - nee, geen grap - leren pijpen. De productie van rookgerief wordt twee jaar later uitgebreid met accessoires als sigarettenetuis, asbakken en tabakspotten. Al snel komen daar reistassen en uiteindelijk ook handtassen bij. Marie-Benedicte omschrijft de stijl van het label als "chic en functioneel, met een uitstekende stijl-kwaliteit-prijsverhouding". Ze is blij met de evolutie van het merk. "De laatste jaren is het label ontploft. Het is begonnen met de origamiserie. Zo'n vouwtas blijkt erg toegankelijk, en is vaak een eerste aankoop, een kennismaking met het merk. Daarna ontdekken de klanten de rest. Onze klanten zijn trouw. In de winkels vertelt men ons dat ze de catalogus bestuderen en de namen van de modellen uit het hoofd kennen." "Ik heb geleerd dat vrouwen een erg intimistische relatie met hun tas hebben", zegt ontwerpster Isabelle Guyon. "Ze leven met hun tas. Als je hen vraagt te tonen wat erin zit, is het alsof je in hun ziel kijkt." Elk seizoen lanceert Longchamp een modieus hebbeding. Een compleet transparante tas ("Wij zagen het als een grapje, maar ze heeft erg goed verkocht"), een vuurrood exemplaar, of een versie in grijze flanel met krijtstreep. "Soms is het de pers die zo'n tas groot maakt, soms zijn het de klanten", zegt Isabelle. "Wij willen die speciale modellen erin hebben als blikvanger. We positioneren ons product als de tas voor elke dag, maar we willen ook verleiden. Elk seizoen lanceren we zo'n honderd nieuwe vormen. Ze slaan aan, want ze vertegenwoordigen veertig procent van de verkoop. En er zit telkens een echte bestseller tussen." Voor de baas ligt de relatie met mode moeilijker. "Mode is vluchtig, dat is een gevaar", zegt Philippe. "Je moet nieuwigheden en variatie bieden, maar je mag niet in oppervlakkigheid vervallen. We groeien elk jaar, maar langzaam. Kwestie van de zaken onder controle te houden. We willen niet de grote verrassing van het seizoen zijn en dan plots verdwijnen. Een fel vuurtje is snel opgebrand. Wij willen blijvend succes." Dat lijkt wel goed te zitten. Zoon Philippe en kleinzoon Jean staan nu aan het hoofd van de firma. De sigarettenbusiness stelt ondertussen niet veel meer voor. De valiezen maken nog twintig procent van het zakencijfer uit. Het familiebedrijf zet zeshonderd mensen aan het werk en haalt een omzet van 350 miljoen Franse frank; veertig procent daarvan is export. Om de vijftigste verjaardag te vieren, werd een tas in krokodil gecreëerd, een heruitgave van de 1681, een populair damesachtig model met een klein handvatje en bamboeslotje. Aan de tas hangt het onwaarschijnlijke prijskaartje van ongeveer 105.000 Belgische frank. "Dat is eigenlijk te veel voor ons", zegt Philippe. "Maar het is een gelimiteerde en genummerde serie, alleen voor de verjaardag." Uit een samenwerking met Renault groeide een Espace, compleet met passende bagage, maar daarvan ligt de prijs zo hoog dat er amper tien in productie worden gebracht. Het derde verjaardagsproject was een opdracht aan bekende figuren om een eigen gepersonaliseerde Longchamp te tekenen. Een decorateur wilde een grote tas voor al zijn schetsen en plannen. Een tekenaar zocht extra vakjes voor pennen en borstels. Een ballerina moest haar tutu en schoentjes kwijt. Veruit het leukste idee kwam van chef-kok Alain Passard (restaurant l'Arpège) die in zijn plooitas onderaan een vakje inbouwde speciaal voor zijn aankopen op de markt. "Het is niet de bedoeling om één van de modellen te commercialiseren, maar de boodschappentas krijgt zoveel aandacht dat we misschien toch van idee veranderen", zegt Isabelle. Lene Kemps