Dit seizoen is een keerpunt voor mij. Ik had nood aan iets nieuws. Ik was te veel van de hoofdbaan afgeweken, mezelf verloren op kleine zijwegen. Al zoekend kwam ik uit op nieuwe constructies met uitgewerkte details, terwijl ik normaal gezien tracht uit te puren. En toch klopt het ergens wel. Uiteindelijk ben ik teruggegaan naar de essentie. Vandaar ook de keuze voor een volledig zwarte collectie.
...

Dit seizoen is een keerpunt voor mij. Ik had nood aan iets nieuws. Ik was te veel van de hoofdbaan afgeweken, mezelf verloren op kleine zijwegen. Al zoekend kwam ik uit op nieuwe constructies met uitgewerkte details, terwijl ik normaal gezien tracht uit te puren. En toch klopt het ergens wel. Uiteindelijk ben ik teruggegaan naar de essentie. Vandaar ook de keuze voor een volledig zwarte collectie. Ik heb veel respect voor Coco Chanel. Omdat ze als vrouw haar ding deed. Het ging haar om comfort, niet om sprookjes en onbereikbare idealen. Ze ontwierp voor de moderne vrouw en dat probeer ik ook te doen. Ik kan niet anders dan autobiografisch werken. Mijn collecties zijn een directe weerspiegeling van wat ik beleef. Voor mij is mode zoals het leven. Soms is dat moeilijk. Ik kan nooit de knop omdraaien. En het maakt me kwetsbaar, omdat ik mijn binnenste laat zien. Journalisten willen vaak duiding bij mijn collecties, maar mijn werk gaat nu net over mystiek, dubbelzinnigheid, het ongewisse. Alles uitspreken doe ik niet graag. Er moet ruimte blijven voor interpretatie. Bilitis en L'histoire d'O zijn oude inspiratiebronnen die me blijven achtervolgen. Andere keren wordt me dan weer verweten te koel en te preuts te zijn. Ik besef gewoon dat mijn collecties niet voor iedereen bestemd zijn, ze geven zich op het eerste gezicht niet bloot. Ik houd van wat net onder de oppervlakte verborgen is, wat niet voor het grijpen ligt. David Lynch fascineert me omdat hij zich ook verdiept in details, waardoor hij een eigen wereld creëert. Hij heeft de capaciteit om van het banale iets bevreemdends te maken. Al heel jong wist ik dat ik niet in Vilvoorde kon blijven. Ik had een uitlaatklep nodig en vond die in ballet, in tekenen... Op mijn twaalfde wou ik naar het kunstonderwijs, maar pas op mijn zestiende kreeg ik de toestemming van mijn ouders. Sint-Lukas in Brussel was als een wereld die voor me openging. Het besef dat ik niet alleen was. Ik woon nu al vijftien jaar in Antwerpen. Misschien wel tijd om uit te wijken. Het wordt te klein, steeds dezelfde gezichten. Het bos trekt me nu aan. Om te bezinnen. Terwijl ik eigenlijk zoveel mogelijk rustfasen in mijn leven vermijd. De drang naar verandering drijft me. Vandaar dat ik ernaar uitkijk om binnenkort enkele dagen per maand in Wenen les te geven. Ik volg daar Raf Simons op. A poster girl for Belgian Fashion ?Noemen ze me echt zo ? Toch zeker niet in Playboy ? Neen serieus, ik beschouw het als een compliment. Trots om Belg te zijn. En ik blijf toch ook gevoelig voor wat men hier over mij schrijft. Mijn moeder hecht meer belang aan Weekend Knack dan aan de International Herald Tribune. Ik wou nooit oplossen in de grijze massa, maar nu doe ik soms erg mijn best om grijs te zijn. Een beetje minder aandacht rond mijn persoon zou fijn zijn. Soms vragen ze me om twee uur 's nachts op café hoe het met mijn winkel gaat. Bel nog eens terug tijdens de kantooruren, denk ik dan. Anderzijds is het wel normaal. Het maakt nu eenmaal deel uit van wie ik ben. Onlangs heb ik een motor gekocht. Omdat ik het lief dat me liet meerijden nooit gevonden heb. Zo'n machine berijden is fantastisch, maar niet evident. Ik moet nog hard oefenen. Het nachtleven trekt me aan. Me onderdompelen in een oppervlakkige wereld. Je kunt erin neerdalen en er weer uit vertrekken wanneer je zelf wilt. Het is best mogelijk dat ik me ooit aan iets anders dan mode waag. Maar ik zal het eerst doen, vooraleer erover te spreken. Ik ben niet iemand die veel parler verkoopt. Ik ontwerp voor de man die ook nog met iets anders dan mode bezig is. Ik val nu eenmaal niet op fashion victims. Pascale Baelden