:: Diane De Keyzer, De schaamte en de schrik, goesting en genot. Vier generaties vrouwen vertellen, uitg. Van Halewyck, 447 p., 25 euro.
...

:: Diane De Keyzer, De schaamte en de schrik, goesting en genot. Vier generaties vrouwen vertellen, uitg. Van Halewyck, 447 p., 25 euro.Hier meid, een schoon slipje kan een vrouw altijd gebruiken". Met deze wijze woorden deed de Nederlandse schrijfster Yvonne Kroonenberg mij ooit drie onderbroeken cadeau. Niet dat we zo intiem met elkaar omgingen. Maar omdat ik toch in Amsterdam moest zijn, wilde ik best een in Brussel verloren gelegd paspoort apporteren. Waarvoor ik dus gul beloond werd. Met drie onderbroeken, want voor de kledingstukken in kwestie bleek de term 'slipje' net iets te frivool. Van eerlijk katoen waren ze, wit met een paars bloemetje. Genereus van formaat bovendien, een Siamese tweelingzus was ik er ook nog in kwijtgeraakt. En nogal lastig op smaakvolle wijze met een beha te combineren, dat Delfts paars. Meteen bekeek ik de columniste met andere ogen. Een vrouw die, naar haar amusante stukjes te oordelen, veel mannen in haar armen had gedrukt. Puur door sex-appeal, zo bleek nu, want zonder de logistieke steun van charmelingerie, wat de verdienste alleen maar groter maakte. Vrouwen in hun ondergoed, ik mag er graag naar kijken. Niet dat ik een lingeriefetisjist ben, maar in de kleedkamer van gym en sauna geef ik mijn ogen goed de kost. Noem het een vergelijkende warentest. Zodra de bovenkleren zijn uitgetrokken, blijkt maar al te vaak dat une femme peut en cacher une autre. Een modieuze outfit blijkt wel eens veelvuldig gewassen en verlebberde lingerie te verbergen, een keurige tailleur een uitdagende string cum navelpiercing. Met een beetje artistieke vrijheid zou je lingerie de allerindividueelste vestimentaire expressie van de allerindividueelste emotie kunnen noemen. En een graadmeter van de emancipatie, zo beweert ook Diane De Keyzer die in haar bestseller De schaamte en de schrik, goesting en genot vier generaties vrouwen aan het woord laat over alles wat met intimiteit te maken heeft. Over de lusten en de lasten van de liefde, zoals ze het zelf uitdrukt, over voorlichting of het gebrek ervan, over wat niet mocht en toch gebeurde. Over maten en gewichten ook en schoonheidsidealen die de geest van de tijd weerspiegelen. Boven de kleren, maar misschien nog meer eronder. In den beginne was er niets. Toch niet onder de onderrokken van de vrouwen. Ondergoed beperkte zich tot een hemd en een korset. Diane De Keyzer : "Zeker op het platteland was het tot het einde van de negentiende eeuw absoluut niet aanstootgevend dat vrouwen onder hun kleren hun genitaliën en achterwerk onbedekt lieten. De man droeg de broek, in alle mogelijke betekenissen. Preutsheid is een fenomeen dat pas in de laatste jaren van de negentiende eeuw opdook, samen met de verburgerlijking van de maatschappij. Voor die tijd was de moraal veel losser, hele gezinnen sliepen in eenzelfde ruimte, om maar iets te zeggen. Bekend zijn bijvoorbeeld de boekjes van Erasmus waarin hij jonge mannen tot iets fijnere omgangsvormen poogde aan te sporen. Pas in de belle époque gingen de normen van de katholieke hogere burgerij de toon aangeven en was er sprake van een veruiterlijking van de preutsheid." Onderbroeken voor vrouwen werden aanvankelijk vreemd genoeg met losse zeden geassocieerd, allicht omdat ze gedragen werden door danseressen en prostituees, die toen in één adem genoemd werden. Slechts aan het eind van de negentiende eeuw werd het bon ton dat meisjes en vrouwen hun benen en zeker hun genitaliën aan indiscrete blikken onttrokken. De eerste onderbroeken waren niet meer dan twee lange kokers voor de benen die werden opgehouden door een heupband. De zogenaamde directoire liet kruis en billen dus nog steeds bloot en werd in de volksmond heel toepasselijk een snelzeiker genoemd. Of zo'n broek de vrouw beschermde tegen tocht en verkoudheden, zoals een artikel in de Stem der Vrouw uit 1901 beweerde, is maar de vraag. " Vele meisjes en zwangere vrouwen zijn reeds meermalen ziek geweest, van, zoals te Gent, waar de privaten gemaakt zijn zonder pot, waar de groote put, waar zittingen over heen gelegd zijn, tochten doorzendt welke het lichaam verkouden ; met eene broek wordt dit onmogelijk gemaakt", orakelde de bezorgde auteur, ene Esther. Gelukkig kon in de broek ook een lang hemd gestopt worden, om de vrouwelijke derrière tegen kou te beschermen. Open of gesloten onderbroeken, dat dilemma werd niet in één, twee, drie opgelost. Onder de eerste vrouwen die - om voor de hand liggende redenen - hun onderbroeken dichtspeldden, waren de Parijse cancandanseressen. Na de Eerste Wereldoorlog schakelden jongere vrouwen en meisjes over op gesloten onderbroeken van interlock. Een enkele uitzondering niet te na gesproken. Een van de oudste getuigen uit De schaamte en de schrik... herinnerde zich een boerenmeisje uit haar streek dat open onderbroeken bleef dragen, "want de jongens trekken die andere toch maar kapot". Een onderbroek met kruis had onmiskenbaar voordelen : de beschermers van de nieuwe kuisheid meenden dat ze jonge meisjes ervan zou weerhouden aan zichzelf te prutsen. Bovendien kon je in het kruis een gevouwen doek kwijt : het maandverband. Diane De Keyzer : "Voor de Eerste Wereldoorlog was dat fenomeen zo goed als onbekend. Mijn grootmoeder vertelde dat er bij de waterput in haar dorp, waar de vrouwen bleven staan om een praatje te slaan, vaak bloeddruppels op de grond lagen. In de fabrieken werd de vloer achter de weefgetouwen geregeld schoongespoten. Het menstruatiebloed liep gewoon, vrouwen veegden het hoogstens weg met het lange hemd dat ze onder hun bovenkleren droegen." Van gevouwen flanel over katoenen maandverband aan een gordeltje tot wegwerpverband en tampons, alvast één gebied waarop een vrouwenleven er de afgelopen eeuw een stuk hygiënischer en comfortabeler op geworden is. Nog zo'n 'vrouwenbevrijdend' fenomeen is de afschaffing van het korset. Alombekend is de scène uit Gone with the Wind waarin Scarlett O'Hara haar zwarte meid aanspoort om haar rijgkorset strakker aan te spannen om zo de begeerde wespentaille van 40 centimeter te verkrijgen. De laatste gouden tijd van het korset was de belle époque, toen het beruchte S-silhouette furore maakte. Wie mooi wilde zijn moest lijden, een dame van stand had een femme de chambre en ettelijke uren tijd nodig om zich te kleden. Diane De Keyzer : "In mijn boek heb ik een veelzeggende illustratie opgenomen uit La femme médecin du foyer, een schitterend boek uit de jaren twintig. Daarop is aanschouwelijk voorgesteld welke schade de vrouwelijke ingewanden leden door het dragen van een strak korset. Dat vrouwen toen zo vaak last hadden van appelflauwten, had niets met teerhartigheid te maken, maar met het feit dat ze ingesnoerd en wel slechts oppervlakkig konden ademen. Ook maagklachten waren legio en in gruwelverhalen was sprake van kwaaie baleinen die wel eens een long wilden doorboren." Andere bronnen spreken over kneuzingen en ontstekingen van al dat geprangde vlees. Met de jaren werden de modellen en de materialen geleidelijk vrouwvriendelijker, maar dat nam niet weg dat het dragen van een korset nefast was voor buik- en rugspieren. In de jaren vijftig verschenen de eerste gaines, eerst nog uit satijnachtige korsettenstof met baleinen en haken opzij, daarna uit elastische stof. Vrouwen die een uitdijende buik en dito billen in het gareel willen houden, vinden ook nu nog soelaas bij de zogenaamde broekgaine. Die naam alleen al ! Absoluut af te raden voor close encounters of the erotic kind, zoals Bridget Jones van het gelijknamige dagboek mocht ondervinden. In 1886 al diende Triumph een brevet in voor een zogenaamde bust improver, twee halve bollen in metaal en niet met- een een toonbeeld van draagcomfort. Het zou tot in de jaren twintig van de volgende eeuw duren voor de beha echt ingang vond. Tot dan werden de borsten min of meer ondersteund door het korset. De mode van de jaren twintig was die van de flappers of garçonnes. Lang, dun en plat was de boodschap en de eerste beha's waren niets anders dan een cache-corset, een kort hemdje zonder cups. In de jaren '30 creëerde Hollywood het begrip sex-appeal. Waar mannen vroeger eerder naar de billen loerden, concentreerde de aantrekkingskracht van de vrouw zich nu vooral tussen taille en kin. En tijdens de Tweede Wereldoorlog fungeerden de boezems van de pin-ups als tactische wapens om het moreel van de frontsoldaten op te krikken. Voor moeder de vrouw zat er intussen niets anders op dan haar ondergoed tot in het oneindige te herstellen. Alle beschikbare rubber en nylon werd immers opgeëist door de oorlogsindustrie. In de jaren vijftig kon de schade ingehaald worden : puntbeha's en schuimrubberen kussentjes zorgen voor een regelrechte boobsboom. Diane De Keyzer : "Met zo'n puntige beha moest je wel uitkijken, wisten vrouwen mij te vertellen. Zo'n Peter Pan-model wilde wel eens door een gehaakt truitje priemen en als je per ongeluk ergens tegen leunde, kon je er een deuk in duwen." De mythe wil dat we in de jaren zestig massaal onze beha's verbrandden. Veel concrete bewijzen bestaan daar niet van, maar het valt niet te ontkennen dat de lingerie-industrie in de jaren zestig en zeventig een crisis doormaakte. De interesse voor mooie lingeriespullen groeide pas echt vanaf de jaren tachtig : de materialen werden soepeler, lichter en mooier, de modellen geraffineerder. Diane De Keyzer : "Van utilitaire, ietwat ongemakkelijke kledingstukken evolueerde lingerie tot verleiders par excellence. Korsetlijfjes, jarretelles, naadkousen, ze duiken weer in het aanbod op, maar dan als charmelingerie, niet voor dagelijks gebruik. De huidige houding tegenover lingerie wordt perfect weergegeven door de slogan van het merk Marie Jo : 'Voor jezelf, maar ook een beetje voor hem'." Wat kunnen we nu uit dit alles afleiden ? Dat de bevrijding van borsten, billen en dijen symptomatisch is voor de emancipatie in het algemeen ? Diane De Keyzer : "De twee wereldoorlogen veroorzaakten een verandering in de maatschappelijke rol van de vrouw en een omwenteling op het vlak van moraliteit, mentaliteit, gezondheid, hygiëne en mode. De eerste wegwerpmaandverbanden werden in de Eerste Wereldoorlog gedragen door frontverpleegsters die absorberende verbanden uit de operatiezaal gebruikten, om maar één voorbeeld te geven. Veel journalisten vragen mij of ik na al die gesprekken met vrouwen van verschillende generaties vind dat we erop vooruitgegaan zijn. Een vraag die niet zo simpel te beantwoorden is. Enerzijds hebben vrouwen tegenwoordig veel meer mogelijkheden om het leven te leiden dat ze willen. Ook qua comfort hebben we een enorme vooruitgang geboekt. Wie de advertentiemarkt volgt, kan alleen maar concluderen dat vrouwen belangrijke consumenten geworden zijn.""Misschien hebben we ons wel in een nieuw keurslijf gewrongen, dat van het door alle media gepromote ideale lichaam. Dik of dun, daar werd vroeger veel minder aandacht aan besteed. Een wat molliger vrouw werd bij het begin van de twintigste eeuw geprezen als een ferme, eengezonde brok. Nu moet je graatmager zijn, mét grote borsten, een totaal onrealistisch cartoonachtig prototype. Vrouwen moeten er in deze prestatiemaatschappij doorlopend op hun best uitzien. Ons een dagje minder voelen is er ook niet bij, daarvoor hebben we nu tampons, tabletten en drankjes om de darmtransit te bevorderen. Kortom, wonderwoman zit niet langer in een fysiek, maar in een psychisch korset." Tekst Linda Asselbergs"Zeker op het platteland was het tot het einde van de negentiende eeuw absoluut niet aanstootgevend dat vrouwen onder hun kleren hun genitaliën en achterwerk onbedekt lieten."Onderbroeken voor vrouwen werden aanvankelijk vreemd genoeg met losse zeden geassocieerd, omdat ze het eerst gedragen werden door danseressen en prostituees. "Een wat molliger vrouw werd bij het begin van de twintigste eeuw geprezen als een gezonde brok. Nu moet je graatmager zijn mét grote borsten, een onrealistisch, cartoonachtig prototype."