Brussel heeft er een grootstedelijke kwaliteitsbrasserie bij : de Museum-Brasserie in de Musea voor Schone Kunsten. Het vernieuwen en herdenken van de restaurantruimtes in het museum is een idee van Fernand David. Hij maakte carrière bij Hilton en was onder meer F&B manager van een vloot Hiltonhotels in Europa, Afrika en Azië. Sinds 2001 werkt hij voor eigen rekening en ontwikkelde hij projecten als Smør (inmiddels verdwenen), Rosa (omgebouwd tot dancing) en Ostend Queen, waar David op tijd zijn aandelen verkocht. Onder zijn leiding bracht hij he...

Brussel heeft er een grootstedelijke kwaliteitsbrasserie bij : de Museum-Brasserie in de Musea voor Schone Kunsten. Het vernieuwen en herdenken van de restaurantruimtes in het museum is een idee van Fernand David. Hij maakte carrière bij Hilton en was onder meer F&B manager van een vloot Hiltonhotels in Europa, Afrika en Azië. Sinds 2001 werkt hij voor eigen rekening en ontwikkelde hij projecten als Smør (inmiddels verdwenen), Rosa (omgebouwd tot dancing) en Ostend Queen, waar David op tijd zijn aandelen verkocht. Onder zijn leiding bracht hij het talent bijeen, dat van de vernieuwing van de restaurantruimtes in het museum een succes moet maken. Peter Goossens werd aangezocht als culinair adviseur. Hij is de getalenteerde chef en eigenaar van Hof van Cleve in Kruishoutem, dat algemeen wordt aangezien als een van de drie beste restaurants van Vlaanderen. De door hem en door executive chef Jean-Philippe Krier (voorheen Rosa en Genval.les.Bains) ontwikkelde brasseriekeuken is gebaseerd op Belgische specialiteiten. Peter Goossens zegt dat hij nog twee maanden nodig heeft om alles in het museum op punt te zetten. Het grote probleem is het personeel : het is algemeen bekend dat er in de hoofdstad geen goed opgeleid tweetalig zaalpersoneel is te vinden ! De drankenkaart is samengesteld door wijnkampioen Eric Boschman. Hij voorzag ook een selectie bieren als begeleiding bij kazen. Het decor is van de Portugese designer-kok Antoine Pinto, die ons land trakteerde op een reeks monumentale eethuizen (Quincaillerie, Dock's Café, Belga Queen, Pakhuis enz.). Pinto bedacht voor de majestueuze ruimtes van het museum een gepaste, modernistische inrichting met ingetogen kleurenpalet en zelf ontworpen meubels en lichtarmaturen. Het geheel mag er wezen. Alleen zijn de door Pinto ontworpen kuipzetels niet geschikt voor de horeca. Het zaalpersoneel waarschuwt bij het binnenkomen dat de driepoten wankel zijn en toch zagen wij een keurige heer sierlijk onderuitgaan om wijdbeens met zijn rug op de vloer in wengékleur te belanden. De verzorgde grafiek is uitgevoerd door het duo Oeyen-Winters in de kleuren van de Belgische vlag. De MuseumBrasserie heeft een eigen ingang aan het Koningsplein. Het restaurant met tussenverdieping telt honderdvijftig plaatsen. Er is een speciale TartaarBar voor snijverse hapjes van rund, tonijn of zalm. De spijskaart vermeldt vooral smakelijke Belgische klassiekers, die door Peter Goossens onder handen werden genomen. Wij genoten van : vijf smakelijke kroketjes van varkenspoot met gribichesaus en salade (15 euro), gerookte paling met roerei (17 euro), stoverij van op de tong smeltende varkenskaken met kriek en fondant gestoofde groenten, frieten en een bord witloof in mosterdmayonaise (16 euro), een correct stuk kabeljauw uit de oven met prei, mousseline met witbier en garnalen (24 euro) en een vorstelijke dame blanche om af te sluiten (10 euro). Pieter van Doveren / Foto's Jan Caudron