"Zelfs in onze dromen en dagdromen, in herinneringen, in vriendschap en liefde ontbreekt de kleding nooit. Het naakt zijn is een uitzonderingstoestand. Het beeld dat we van onszelf hebben is niet ontkleed, maar gekleed. Alleen zo kan ons narcisme bevredigd worden." De toon voor ons verhaal lijkt gezet met de woorden van cultuurcriticus Dirk Lauwaert in het boek De macht van de Mode (2006). In onze herinneringen en nostalgie zijn we altijd gekleed en vaak zijn het kleine details die we jaren later nog kunnen benoemen. Die roze trui met wit konijn op, speciaal gekozen voor de klasfoto, of die handschoenen aan een touwtje door de mouwen van onze winterjas, toen we klein waren. Die communiekleren met mini-epauletten, of die eerste bikini, als we...

"Zelfs in onze dromen en dagdromen, in herinneringen, in vriendschap en liefde ontbreekt de kleding nooit. Het naakt zijn is een uitzonderingstoestand. Het beeld dat we van onszelf hebben is niet ontkleed, maar gekleed. Alleen zo kan ons narcisme bevredigd worden." De toon voor ons verhaal lijkt gezet met de woorden van cultuurcriticus Dirk Lauwaert in het boek De macht van de Mode (2006). In onze herinneringen en nostalgie zijn we altijd gekleed en vaak zijn het kleine details die we jaren later nog kunnen benoemen. Die roze trui met wit konijn op, speciaal gekozen voor de klasfoto, of die handschoenen aan een touwtje door de mouwen van onze winterjas, toen we klein waren. Die communiekleren met mini-epauletten, of die eerste bikini, als we wat ouder werden. Daarna die scheur in zijn T-shirt, die opmerking over een zomerjurk, of dat geluksbloesje voor een belangrijk sollicitatiegesprek. Trouw-feesten, begrafenissen, zomeravonden, memorabele concerten, die vriendenreis, liefdesverklaring, dat kantelmoment, weerzien en afscheid. Zelden deden we dat in ons blootje, altijd waren we gehuld in stoffen, kleur, details en contrast. Kleding die onze dagtaken vormgeeft en structureert, die ons moed geeft. De emotionele waarde van een kledingstuk die primeert op zijn commerciële belang. "Ik weet nog perfect wat ik toen aanhad", zullen onze getuigen verderop vertellen wanneer ze zonder moeite hun mentale kleerkast overlopen, hun leven aaneenrijgen aan de hand van vergeten T-shirts, afgedragen schoenen en jassen, én ermee op de foto gingen. Kleerkasten zijn toverdozen, ook dat zijn mooie woorden van Dirk Lauwaert. Hoe ons geheugen werkt, is al eeuwenlang voer voor filosofen en psychologen en bijna elke biografie van een groot man of vrouw benadrukt hun uitzonderlijk vermogen zich dingen te herinneren. Uit de meerdelige roman A la recherche du temps perdu komt het fragment waarin Marcel Proust zich een jeugdscène herinnert, simpelweg doordat de smaak van een madeleinekoekje, ondergedompeld in koffie, hem terug in de tijd schiet. Proust was een meester in het uitvoerig beschrijven van zijn personages, tot in de rijkste gevoelsmatige én kledingdetails observeerden zijn mannen en vrouwen elkaar. Dat maakte de Franse schrijver-filosoof ook zo geliefd bij modeontwerpers als Yves Saint Laurent. "Van alle schrijvers is Proust degene die met de grootste gevoeligheid en naar waarheid over vrouwen schreef. Ik herinner mij hoe hij hun jurken beschreef als kunstwerken, maar vooral hoe hij hele karakters kon schilderen", zei Yves Saint Laurent ooit in de krant Le Monde. In onze kleerkast vol herinneringen laten we ook ruimte voor voorwerpen die niet naar ons eigen leven verwijzen, maar die we aangeleerd en onthouden hebben uit sprookjes of films, waar kleren vaak een boodschap uitdragen. De glazen muiltjes van Assepoester bijvoorbeeld, als symbool voor een avondje onbezonnen dansen, maar vooral : als symbool van hoop op een rechtvaardige behandeling (en hoop op de ware prins). Of de onzichtbare kleren van de keizer, als waarschuwing voor pronkzucht. Of de opwaaiende witte jurk van Marilyn Monroe in de film The Seven Year Itch : ondeugendheid en verleiding. Perioden waar we geen foto's van hebben, geen oude brieven of postkaarten, die vergeten we. Niet bepaald erg, maar soms hebben we graag een rijk geheugen. Willen we nostalgisch zijn tot in de details, de decors herinneren, de woorden, de geklede gebaren die ons ontroerden of triest maakten. De kleerkast blijkt dan een mogelijk redmiddel, hoe simplistisch dat op het eerste gezicht ook lijkt. Maar laten we net daarom nog eens tijd maken voor een pleidooi. Eentje om vaker doorheen Prousts ogen onze medemens te observeren en te begrijpen. Of voor de gemakzuchtigen : eentje om opnieuw meer foto's te maken. Door Elke Lahousse Foto's Charlie De Keersmaecker