:: Designliefhebbers kunnen op de autosalon op de diverse stands nog veel fraais bekijken : bij Opel de Insignia en EcoSpeedster, de bloedmooie Lancia Fulvia, de Ford Visos, de Jeep Compass, de Audi's Nuvolari en LeMans, en bij Mercedes de F-500 en de SLR.
...

:: Designliefhebbers kunnen op de autosalon op de diverse stands nog veel fraais bekijken : bij Opel de Insignia en EcoSpeedster, de bloedmooie Lancia Fulvia, de Ford Visos, de Jeep Compass, de Audi's Nuvolari en LeMans, en bij Mercedes de F-500 en de SLR.In de autosector wordt design almaar belangrijker : nu de voornaamste mechanische en elektronische problemen zijn opgelost, besteden fabrikanten meer aandacht aan de emotionele impact van hun producten. Designers (Europe) organiseert sinds jaren wedstrijden voor jonge ontwerpers, en plaatste op de autosalon van Brussel een eigen stand : Driven by Design. Daar kan het publiek de projecten van de genomineerden van de competitie The Car of 2010 bekijken en stemmen voor de top winner. Om een beetje in de sfeer te komen, worden er ook een aantal iconen samengebracht, van de Citroën DS, over de Porsche 911 tot de Vespa. Blikvanger wordt echter de Structura, één van de talloze projecten van de Italiaanse grootmeester Giorgetto Giugiaro, die op het salon een Lifetime Achievement Award zal ontvangen De 65-jarige designer, die in de buurt van Cuneo werd geboren als zoon van een schilder en kleinzoon van een kerkschilder, bezat van jongs af aan een merkwaardige dubbele passie. Enerzijds raakte hij geïntrigeerd door mooie lijnen en vormen, terwijl hij anderzijds ook alles wilde weten over de onderliggende techniek. Daarom was hij gedoemd om zijn hele leven over en weer te lopen tussen kunst en techniek. Als zeventienjarige kon hij bij het styling center van Fiat aan de slag, maar het Turijnse huis was hem al snel te groot. Dat hij echt wel wat in zijn mars had, bleek in december 1959, toen hij als 21-jarige, hoofd van de styling studio van Bertone werd, met Pininfarina één van de grootmeesters van het Italiaanse autodesign. Hij bleef er zes jaar lang, switchte toen voor Ghia, maar ook daar was zijn persoonlijkheid te sterk om nog onder anderen te kunnen dienen. In 1968 zette hij zijn eigen firma op, Ital Design, die de wereld de voorbije 35 jaar verbaasde met meer dan honderd serieproducten én concept cars. Daarbij onderscheidde hij zich van de traditionele designhuizen doordat hij zich niet enkel tevreden stelde met het tekenen van de uiterlijke vorm, maar ook de lay-out van de onderliggende componenten en de technische haalbaarheid uitwerkte. Die uitzonderlijke combinatie gaf hem van bij het begin toegang tot de huizen van de grootste autoconstructeurs. Omdat zijn ontwerpen nagenoeg altijd onder andere labels worden verkocht, wordt zijn naam niet altijd met het eindresultaat geassocieerd. Absolute publiekstrekkers waren de Alfa Romeo Alfasud (uit 1971), de eerste Volkswagen Golf (1974), de Fiat Panda (1980), en recenter de Maserati 3200 GT (1998), of de tweede versie van de Alfa 156, die overigens in Brussel te kijk staat. Zelf beschouwt Giugiaro de kleine Fiat Panda als zijn succesvolste product omdat de uitdaging het grootst was : met twee keer geen budget moest hij een minimalistische vierzitter op wielen zetten en dat binnen een lengte die hij aanvankelijk veel te kort vond. De styling van de Panda werd tot een minimum beperkt en bestond uit niet meer dan hoekige lijnen en een platte voorruit (goedkoper dan een gebogen exemplaar), maar de kleine Fiat werd een voltreffer en bleef gedurende meer dan twintig jaar in productie. Hoewel hij, gedreven door zijn zucht naar vormgeving, in 1974 ook nog Giugiaro Design opzette, dat zich bezighoudt met meer algemene producten als telefoontoestellen, camera's, hifimateriaal en zelfs pasta, en dat tegenwoordig door zijn dochter Laura wordt geleid, is de ongebreidelde creativiteit van de Italiaan vooral te zien in zijn concept cars. Die verkennen de randgebieden van de auto, en het is moeilijk kiezen tussen de tientallen gedurfde ontwerpen die Giugiaro in 35 jaar bijeentekende. Een zeer tot de verbeelding sprekend voorbeeld was alvast de Machimoto, die in 1986 ten tonele verscheen en twee voertuigen in één wilde verenigen. De vierwieler waarvan de opbouw boven de heuplijn ontbrak, wilde de veiligheid van de auto én de sensaties van de motorfiets samenbrengen en was bestemd voor zes inzittenden die op twee lange zadels gezeten waren, als een groepje motorrijders. De oliecrisis was achter de rug en Giugiaro vond dat er best wat ruimte mocht zijn voor een fun vehicle. De tijd was rijp om de mentale luiheid van zijn collega's middels het provocerende concept wakker te schudden. De Machimoto was niet als productiemodel bedoeld en de portieren werden vervangen door balken zodat de benen van de inzittenden (mét helm) zichtbaar bleven, een idee dat vijftien jaar later op de Smart Crossblade door anderen werd overgenomen. Kort daarop werd ook het trio Aztec / Asgard / Aspid voorgesteld, drie stijlvarianten op eenzelfde onderstel. Omdat prestaties niet langer het voorrecht waren van sportwagens, vond Giugiaro dat de visuele impact best fors in de verf mocht worden gezet. Daarom kreeg de Aztec twee aparte, gescheiden cockpits mee, die duidelijk geïnspireerd waren op de vliegtuigbouw. De lage zijruiten uit perspex zorgden voor een minimale bescherming, en leidden tegelijkertijd de wind rondom de hoofden van de inzittenden. Bij slecht weer konden twee plastic kappen op de zijruiten worden gezet, die het geheel een nog dramatischer look gaven en het cocooning-effect duidelijk illustreerden. Interessant was de tegenstelling tussen de zeer vloeiende lijnen van het koetswerk en de instrumentenpanelen die aan de buitenzijde op beide zijkanten te vinden waren en als diagnosecentra functioneerden. Het was Giugiaro's bedoeling om van buitenaf het peil van water, olie en remolie af te lezen en desnoods bij te vullen, zodat de wagen een snelle service kon ondergaan, zonder dat de inzittenden hun cockpit hoefden te verlaten. De Aztec kreeg ook een centrale hydraulische jack (een idee uit de competitie) en een luchtlijn die naar de vier banden liep. Het idee was om de wagen van twee V8-motoren te voorzien die aan elkaar gekoppeld waren, maar dat leek net een sprong te ver. Uiteindelijk opteerde hij voor de vijfcilinder turbo van de Audi 200. Van de Aztec werd ook een coupéversie ontworpen, de Aspid, waarvan de voorruit naar voren kantelde om in te stappen en een zespersoonsmonovolume, de Asgard. Dichter bij ons staat het ontwerp van de Bugatti ID 90, een prachtige stijloefening met een dominerende glazen koepel, en twee jaar geleden verbaasde Giugiaro de wereld met de Alfa Romeo Brera, waarvan gehoopt wordt dat hij ook echt in productie zal gaan. Zelf droomt Giugiaro niet zozeer van de toekomst, hij creëert die persoonlijk en daarin ziet hij vooral plaats voor een uitgebreider en verscheidener typologie, een versnippering van het landschap. "Vele nicheproducten hebben zich tot zelfstandige entiteiten ontwikkeld, wat de klant een uitgebreider keuze laat, en daar kunnen we enkel om juichen." Tot de creatiefste uitingen van de jongste jaren die hij niet zelf ontworpen heeft, rekent hij de Fiat Multipla, die op een radicale manier gebroken heeft met het klassieke aanbod en ook qua onderliggende structuur geheel andere wegen heeft bewandeld. Tekst Pierre DargeGiorgetto Giugiaro: een passie voor klare lijnen en vormen én voor techniek.